Nauta: meesterlijk

Chopin vertolken is bergbeklimmen op spitzen, met ware doodsverachting balletteren op een firnveld. De halsbrekende techniek die Chopin in zijn pianostukken verwerkte mag echter geen moment het zicht ontnemen op de natuurlijke schoonheid, de elegantie en eloquentie die het ware genie van deze muziek vormen. Dat credo wordt zeker onderstreept door de jeugdige pianist Folke Nauta, die een uitgewogen recital verzorgde met louter muziek van de 150 jaar geleden overleden componist.

De C in de rechterhand in de Ballade opus 47 maakt op gezette tijden een soepele spagaat-in-octaaf, slechts om een moment van bezinning te zijn voorafgaande aan een nieuw thematisch gegeven. Even later galoppeert de linkerhand heroïsch in zestiende noten over het figuratieve slagveld van de Polonaise opus 53 en suist een zandstorm van noten als een haast onopgemerkt ornament over de toetsen in de Nocturne opus 15/2. En in de Finale van de Sonate opus 58, waar een briljante vingertechniek en ritmische zelfverzekerdheid absolute voorwaarden zijn, toont Nauta zich als een onaantastbaar meester van het métier.

Technisch lijkt Folke Nauta (25) geen belemmeringen te kennen. De sterleerling van Jan Wijn vestigde in 1994 de aandacht op zich toen hij als eerste Nederlander het Internationaal Muziekconcours van Scheveningen won. Sindsdien werkt hij gestaag, solistisch zelfs wat in de luwte, verder aan zijn carrière die hem naar verwachting tot een van de meest toonaangevende pianisten van ons land zal maken. Waar het nu om gaat is gezaghebbende interpretaties neer te zetten, persoonlijke visies te etaleren op een repertoire dat velen tot het hunne rekenen, en waar het maar weinigen lukt werkelijk op te vallen. Nauta's kandidatuur is hier echter zeker kansrijk.

Weliswaar lijkt hij nog niet iedere maat op het scherp van de snede te spelen, maar zijn retorische begaafdheid bijvoorbeeld staat buiten kijf. Helderheid van structuur plaatst Nauta boven alles. Frasering, stem- en pedaalvoering - alles valt binnen het betoog haast spontaan op zijn plaats. Chopin is bij Nauta bovendien maar voor een beperkt gedeelte de componist van champagne en truffelmuziek. Een bespiegelend Largo als uitkijkpost naar begin en einde van de Derde sonate, de modale weemoed van de Mazurka opus 41/1, het versterven van de Mazurka opus 17/4, het plotselinge einde van de Polonaise opus 27/1, alsof de notentekst slechts een greep betekent uit een oneindige voortstromende muziek. Panta rhei. Het zijn duidelijke manifestaties van een visie op Chopin die met de jaren alleen maar aan diepgang kan winnen.

Concert: Folke Nauta. Gehoord: 2/4 Concertgebouw Amsterdam.