Chinese premier naar `vijandige' VS

Vandaag begint de Chinese premier Zhu Rongji zijn bezoek aan de VS. Een zoektocht door een mijnenveld van conflicten.

De stemming in de Verenigde Staten mag dan in Chinese ogen verontrustend `anti-Chinees' zijn, in China is die verontrustend `anti-Amerikaans'. De ,,Koude Oorlog-mentaliteit'', waarvan de Chinese autoriteiten de VS en met name het Amerikaanse congres en de media de afgelopen maanden hebben beschuldigd, is direct terug te vinden op de pagina's van de door staat gecontroleerde media van China. De Yangcheng Evening News opende zondag met een paginagrote fotomontage van de Amerikaanse president Bill Clinton, compleet met Hitler-snor. Een van de vele uitingen van grote onvrede die in China bestaat over de NAVO-aanvallen op Joegoslavië.

Tegen die achtergrond begint de Chinese premier Zhu Rongji vandaag een negendaags bezoek aan de VS. Het is een bezoek dat de premier naar verluidt niet gemakkelijk valt: hij zou op het laatste ogenblik hebben overwogen om niet op het vliegtuig te stappen. Maar anders dan de Russische premier Primakov, die vlak voor het begin van de bombardementen op Joegoslavië een bezoek aan de VS op weg ernaar toe afbrak, besloot Zhu toch te gaan. De reden voor dat besluit wordt waarschijnlijk ingegeven door de grote economische belangen die China meent te delen met de VS. Zhu, eerder een econoom dan een buitenlands politiek strateeg, hoopt door middel van extra aandacht voor het economische facet van de Chinees-Amerikaanse betrekkingen, de meest realistische component van de zogeheten `constructieve strategische samenwerking' (die China en de VS vorig jaar op initiatief van Washington zijn aangegaan) nieuw leven in te blazen.

Aan beide zijden van de Grote Oceaan is inmiddels vastgesteld dat nog weinig van die samenwerking over is. En hoewel het wantrouwen jegens China in de VS veel dieper en structureler is dan het wantrouwen jegens de VS in China, bestaat ook in Peking een gevoel van crisis. Op weinig punten zijn beide landen het momenteel met elkaar eens. Onenigheid geldt traditioneel het Amerikaanse beleid ten aanzien van Taiwan, Tibet, de Chinese mensenrechten en het omvangrijke handelstekort met China, maar recentelijk zijn daar tal van complexe kwesties bijgekomen. De VS verdenken China van diefstal van geheime militaire informatie, terwijl Peking zich openlijk verzet tegen Amerikaanse plannen voor de ontwikkeling van een op Amerikaanse leest geschoeid militair verdedigingssysteem voor Azië. En ten slotte heeft China felle kritiek op het militaire optreden onder Amerikaanse leiding in Joegoslavië.

Vooral dat laatste punt heeft de Chinese politici diep getroffen. De voor de hand liggende reden daarvoor is dat Peking met argusogen toekijkt hoe de VS ingrijpen bij een conflict dat volgens China enkel en alleen binnen de jurisdictie valt van de Joegoslavische politiek. In Peking zou achterdocht zijn ontstaan over het respect dat de VS hebben voor China's twee belangrijkste `interne aangelegenheden': Taiwan en Tibet. Maar gegrond is die achterdocht niet aangezien zowel in Tibet als Taiwan geen sprake is van het soort van mensenrechtenschendingen die al een jaar lang in Kosovo hebben plaatsgehad.

De belangrijkste reden voor het knarsentanden in Peking is dat zowel Rusland en China in hun verzet tegen een militair optreden in Joeslavië beleefd zijn genegeerd. Door inspraak van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties te omzeilen, waar beide landen over een veto-recht beschikken, heeft China moeten concluderen dat de VS zich in feite weinig gelegen laten aan de `constructieve strategische samenwerking' met Peking.

Premier Zhu heeft derhalve in de VS zijn zinnen gezet op een belangrijke lobbygroep in de Amerikaanse samenleving, die in de eerste plaats wordt gedreven door dollars: het bedrijfsleven. Het is de enige invloedrijke sector in de VS, waar een anti-Chinese stemming vooralsnog niet overheerst, en de afgelopen weken is China ongebruikelijk diep door de knieën gegaan om de lang gekoesterde wens van toetreding tot de Wereldhandelsorganisatie WTO te bewerkstelligen. De concessies van Peking komen vooral het Amerikaanse bedrijfsleven ten goede. En de rondreis van Zhu langs Los Angeles, Washington, Denver, Chicago, New York en Boston heeft vooral een zakelijk karakter.

Zelfs voorafgaand aan het bezoek van Zhu aan de VS lijkt die politiek zijn vruchten af te werpen, want vanuit verschillende kanten binnen het Amerikaanse bedrijfsleven neemt de kritiek op de Amerikaanse regering toe. Clinton is inmiddels verweten `onredelijk kieskeurig' te zijn in zijn WTO-onderhandelingen met China en een aantal bedrijfssectoren heeft er bij Washington op aangedrongen export-beperkingen naar China op te heffen. Peking zinspeelt erop dat, wanneer het bedrijfsleven krijgt wat het wil, de rest van het Amerikaanse publiek op den duur wel omgaat en China met minder wantrouwen zal bejegenen.