Apeldoorn te rijk voor stedenbeleid

Apeldoorn is een fijne gemeente om te wonen, en dat wil wethouder E. Gutteling graag zo houden. Zo fijn zelfs, dat het geen aanspraak kan maken op gelden in het kader van het grotestedenbeleid. ,,Ons eigen succes zit ons in de weg,'' zegt een ,,teleurgestelde'' Gutteling.

Volgens de wethouder komt Apeldoorn 1.300 mensen met een uitkering tekort om mee te mogen doen met het grotestedenbeleid. ,,We hebben ook nog eens 2.700 mensen met een laag inkomen te weinig. We voldoen niet aan de criteria en doen het dus eigenlijk gewoon te goed.'' En dat steekt de wethouder. Want Apeldoorn, zo zegt hij, is met zijn 153.000 inwoners wel even de negende gemeente van Nederland. ,,We vervullen een belangrijke centrumfunctie en vangen al jaren de woningbehoefte in de regio op.'' Het is daarom zeer jammer, wil Gutteling maar zeggen, dat Apeldoorn nu geen aanspreekpunt in Den Haag heeft, en ook anderszins niet kan meepraten over de wijze waarop de grote steden zich in de nabije toekomst zouden moeten ontwikkelen.

Daar moet van Gutteling verandering in komen. Voor vanmiddag heeft de wethouder, samen met zijn collega's van onder andere Delft en Amersfoort, een gesprek gepland met staatssecretaris Remkes (Volkshuisvesting) over het Investeringsbudget voor de stedelijke vernieuwing. Als Apeldoorn niet mag meedoen met het grotestedenbeleid, dan moet er maar extra geld worden binnengehaald via de stedelijke vernieuwing, aldus Gutteling. Komende donderdag wordt er over het budget voor de stedelijke vernieuwing gesproken door de vaste Kamercommissies van VROM en EZ.

Wanneer Apeldoorn nu ook niet mag meegenieten van het budget voor de stedelijke vernieuwing, komt de gemeente op termijn structureel geld te kort, zegt Gutteling. Hij schat dat er op jaarbasis zo'n zeven miljoen gulden nodig is, onder meer voor bodemsaneringen en geluidsisolatie van woningen.

Mocht Apeldoorn toch afvallen, dan wacht Gutteling een continue gang naar het provinciehuis in Arnhem. En daar is de wethouder bepaald niet blij mee. ,,Dan moeten we met allerlei dorpen de strijd aangaan om in de prijzen te vallen voor provinciale subsidies en bijdrages. De problemen van die dorpen staan in geen verhouding tot onze problemen. Het wordt in zo'n geval een stuk ongewisser en bovendien een stuk minder objectief. Wij willen aansluiting houden bij de andere grote steden van Nederland'', aldus Gutteling.