Verweren verworpen in zaak Bouterse

De Haagse rechtbank heeft gistermiddag alle formele verweren van de advocaten van twee hoofdverdachten van het Surinaamse drugskartel verworpen.

De rechters bepaalden dat ,,in dit stadium van de behandeling, dat wil zeggen zonder nader onderzoek, niet zonneklaar is'' dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk zou moeten worden verklaard. Eerder deze week verwierp de rechtbank ook al het betoog van de raadslieden I. Weski en G. Hubers, die twee verdachte zakenmannen bijstaan, dat eigenlijk de strafzaken in Rotterdam zouden moeten worden behandeld.

Het rechterlijk oordeel betekent dat er nu met de inhoudelijke behandeling van de strafzaken tegen Bouterse en twee medeverdachten kan worden begonnen. De raadsman van Bouterse boycot de rechtszaak omdat hij eerst een oordeel van de Hoge Raad wil over de vraag welke rechtbank bevoegd is.

De Haagse rechtbank had wel kritiek op de handelwijze van het OM en de rechter-commissaris tijdens het gerechtelijk vooronderzoek. Zij hebben beiden de belangen van de verdediging geschaad door een gebrek aan medewerking aan verzoeken van de advocaten. Maar volgens de rechtbank is justitie toch ontvankelijk in haar vervolging omdat er geen sprake is van ,,doelbewuste of grove veronachtzaming van de belangen van de verdachte''.

De rechtbank is het ook niet eens met de advocaten dat het onderzoek te lang heeft geduurd. De zaak is zo complex en internationaal van karakter dat de rechtbank een jarenlang onderzoek billijkt.

De rechtbank zal volgende week bekendmaken welke getuigen er nog dienen te worden gehoord. De verdediging heeft er een dertigtal opgegeven. De advocaten willen dat de verhoren in de openbaarheid gebeuren. Het OM wil maar een getuige horen. Het gaat om een cocaïnehandelaar met wie een deal is gesloten. Justitie heeft de rechtbank gevraagd eventuele andere verhoren te laten plaatsvinden in de beslotenheid van het kabinet van de onderzoeksrechter. ,,Dat is efficiënter'', zegt persofficier Horstink.

Als de rechtbank instemt met het verzoek van het OM dan kan de voortzetting van de openbare behandeling van de strafzaken nog voor de zomer zijn afgerond.