Het pistool van Sven Thofelt

Geen sport geeft een beter beeld van het atletisch vermogen van een mens dan de moderne vijfkamp. Pistoolschieten, floretschermen, driehonderd zwemmen met de vrije slag, vier kilometer veldlopen en crosscountry-rijden en springen op een onbekend paard. Wie op deze onderdelen de meeste punten verzamelt, is winnaar. Pierre de Coubertin, de bedenker van de moderne Olympische Spelen, heeft hemel en aarde bewogen om het nummer op de olympische agenda te krijgen. Dat lukte hem pas in 1912 in Stockholm. De moderne vijfkamp is afgeleid van de antieke vijfkamp, de pentathlon, zoals die vanaf de Spelen in 708 vóór Christus werd gehouden. De Spartanen waren daarin de besten. Het waren soldaten die de pentathlon als een goede oefening zagen. In die tijd bestond de vijfkamp uit hardlopen, springen, speerwerpen, discuswerpen en worstelen. Volgens Aristoteles waren de vijfkampers de meest complete sportmensen omdat kracht en snelheid bij hen perfect in balans waren. De beste moderne-vijfkampers kwamen eerst vooral uit Zweden. Net als hun Griekse voorvaderen waren zij vaak militair. Sven Thofelt won in 1928 in Amsterdam goud. Hij deed viermaal aan de Spelen mee. Zijn grote specialiteit was schermen, waarin hij ook tal van medailles won. In Zweden was Sven Alfred Thofelt jarenlang een held. Hij was ook IOC-lid en overleed in 1993.

Aflevering dertien in de serie over sporthelden van deze eeuw.