AFVALSTORT

In de W&O-bijlage van 6 maart schreef Joost van Kasteren over afvalscheiding in Nederland. Onderzoek zou hebben uitgewezen dat het zelfreinigend vermogen van afvalplaatsen veel groter is dan werd aangenomen. Misschien zouden zelfs al die vervelende stortplaatsen niet meer opgeruimd hoeven te worden. Ze worden immers vanzelf wel schoon. En dan is iedereen blij. Er wordt ons voorgerekend dat er in de komende dertig jaar misschien wel vijftien miljard gulden bespaard kan worden.

Als het verhaal zou kloppen. Uit een onderzoek van de Universiteit van Leiden (Guinee, 1998) blijkt namelijk iets heel anders. Guinee concludeert dat de huidige mate van dumping op de lange termijn wel degelijk leidt tot doorsijpelen van zware metalen naar het grondwater. Conclusie: het is raadzaam om juist minder afval te storten.

Er is nog een tweede reden om dit te doen. Afval bestaat namelijk uit grondstoffen. Die grondstoffen vertegenwoordigen niet alleen een economische maar ook een ecologische waarde. De winning van grondstoffen, en met name metalen, betekent een grote aanslag op het milieu. Doordat de beste voorraden het eerst gewonnen zijn, is men nu toe aan de voorraden die op ecologisch gevoelige plekken liggen of die lage concentraties metaal bevatten. Zo wil de Freeportmijn in West-Papoea zich gaan uitbreiden naar het unieke Lorentz-natuurpark, waardoor de concessie een gebied ter grootte van België zou beslaan. De inwoners in dat gebied ondervinden dagelijks de kwalijke gevolgen van de vervuiling van hun levensbronnen door het mijnafval. Een ander voorbeeld is dat aan het begin van deze eeuw het gemiddelde koperpercentage in mijnen nog drie was. Dat is nu al gedaald tot 0,9 procent. Dat betekent dat je voor eenzelfde hoeveelheid koper drie keer zoveel grond moet afgraven.

Het is dus raadzaam zo min mogelijk nieuwe grondstoffen te gebruiken. Dat kan door afval te scheiden en de grondstoffen opnieuw te gebruiken, zoals nu met elektrische apparaten gebeurT. Sinds 1 januari van dit jaar worden, na de `Let's recycle' campagne van Milieudefensie, grote elektrische apparaten apart ingezameld en gerecycled. Volgend jaar volgen de kleine. Een grote stroom metalen wordt zo hergebruikt.

Een andere manier om de input van metalen in de economie te verkleinen is het verbeteren van productieprocessen en het slimmer ontwerpen van producten. Uiteindelijk leidt dat ook tot minder afval en dus minder verspilling. De overheid is aan die gedachte steeds meer toe. Minister Pronk pleit al voor ontkoppelen van de groei van de economie en het gebruik van grondstoffen. Uit interviews die Milieudefensie onlangs hield met (ex)-politici en bedrijven blijkt dat ook zij vinden dat het gebruik van nieuwe grondstoffen moet dalen.

Het zou mooi zijn als ook de afvalwereld eens achterom zou kijken. Niet alleen naar het eind van de pijpleiding, maar ook naar het begin. Er is een sterk verband tussen het afval dat zij verwerken en de input van materialen in onze economie. Als ook zij zich sterk maken voor een daling van het gebruik van nieuwe grondstoffen, dan hoeft de volgende generatie niet meer te praten over het opruimen van vuilnisbelten. Dan ontstaan ze gewoon niet meer.