Scepsis over `revolutie' sociale zekerheid

Minister De Vries en staats- secretaris Hoogervorst (Sociale Zaken) lanceerden vorige week een revolutie in het systeem van sociale zekerheid: het ene loket. De scepsis `in het veld' is groot.

Enkele honderden deskundigen en praktijkmensen luisterden deze week op een conferentie in Amersfoort naar een toelichting door Ella Vogelaar op het revolutionaire kabinetsplan voor de sociale zekerheid. De voormalige kroonprinses van Johan Stekelenburg bij de FNV begeleidt dit plan nu namens de overheid als `landelijk procesmanager CWI'. ,,Hiermee kunnen we met een gerust hart de 21-ste eeuw in'', sprak ze opgewekt. Het zou een omstreden stelling worden.

Volgens het huidige systeem van sociale zekerheid moet de werkzoeker of uitkeringsgerechtigde langs talrijke loketten: voor werk langs die van arbeidsbureaus of commerciële bemiddelaars; voor bijstand langs gemeenten; voor uitkeringen (WW, WAO, Ziektewet) of aangepast werk langs de uitvoeringsinstellingen (uvi's) Gak, SFB, GUO, Cadans of USCO. Dit complexe en minder efficiënte systeem gaat nu grondig op de schop. Per 2001 dient de werkloze of arbeidsongeschikte zich bij één enkel loket te vervoegen voor baan en/of uitkering: het Centrum voor Werk en Inkomen (CWI). Daarvan moeten er eind volgend jaar zo'n 220 in bedrijf zijn. Aan het CWI worden vervolgens de geprivatiseerde uvi's, gemeentelijke sociale diensten, verzelfstandigde arbeidsbureaus en commerciële bemiddelaars gekoppeld.

De kritiek op dit plan concentreerde zich in Amersfoort op twee punten: twijfel of de klant aan het ene loket sneller en effectiever wordt geholpen, en vraagtekens bij de beperkte inbreng in de nieuwe plannen van de klant zelf.

Frits Jacobs, voormalig chef arbeidsinpassing in Eindhoven, merkte op dat bij de uitvoering van de sociale zekerheid nieuwe stijl in processen in plaats van loketten moet worden gedacht. Nauwe samenwerking tussen de betrokken instanties is, volgens hem, vereist om te voorkomen dat het ene CWI-loket ontaardt in een `extra' loket, dat al bekende loketten voorafgaat. Zo'n samenwerking is alleen haalbaar als de belangen van de cliënt boven die van de instanties worden gesteld. Of de lukt? ,,Ik ben daarover pessimistisch'', sprak Jacobs. ,,Ik vrees dat er gewoon een loket bijkomt.''

Heleen Bouwmans, die een van de eerste proef-CWI's leidde in Amstelveen, deelde in de scepsis. Ook al hadden in haar geval alle in het verlengde van het CWI opererende partijen zich gevestigd in één `verzamelgebouw' voor optimaal onderling contact. ,,Het gemeenschappelijke belang van alle partijen, dat nodig is om een goede invulling van het nieuwe systeem van sociale zekerheid te garanderen – dat zie ik nog niet zo'', onthulde Bouwmans. ,,Kun je de partijen samenwerking opleggen?'', vroeg zij zich af. ,,Hoe faciliteer en stimuleer je dat?''

Ella Vogelaar had een suggestie: ,,Het opnieuw definiëren van verantwoordelijkheden en het leren met elkaar te spelen. Daar is oefening voor nodig.'' Nog een opbouwende suggestie van de landelijk procesmanager: ,,Neem bij de intake op het CWI eerst een scherpe foto van de arbeidsmarktpositie van de klant en communiceer die in goed overleg naar aansluitende organisaties als gemeente, arbeidsbureau en uvi zodat die de kern van de feiten snel kunnen vatten en een pasklaar plan kunnen bieden.''

Reactie uit de zaal: ,,Kom toch, de klant kan z'n verhaal overal opnieuw gaan vertellen en uitleggen. Het wordt een herhaling van zetten met als eindresultaat een extra loket en een nog omslachtiger systeem.'' Wanneer wordt het CWI een succes?, vroeg iemand in de zaal. Vogelaar: ,,Zodra er in de beleving van de klant sprake is van één doorlopend en logisch logistiek proces.''

Kerst Zwart, die onlangs namens de FNV de eerste proef-CWI's onderzocht, klaagde op zijn beurt dat er nog steeds veel te veel wordt gedacht en geregeld vóór de klant in plaats van mét hem of haar. ,,Zolang dit zo blijft wordt het niets.'' Wat Zwart vanuit de zaal warme bijval bezorgde van enkele vertegenwoordigers van organisaties van arbeidsongeschikten en werkzoekenden. Hij hield verder een pleidooi voor het professioneler maken van de klant, ofwel die beter voor te bereiden, zodat die z'n belangen bij het Centrum voor Werk en Inkomen beter naar voren kan brengen. Zwart: ,,Zonder dat ontaardt de vernieuwing van de sociale zekerheid in een herhaling van oude zetten, in het steeds weer uitvinden van het wiel.''