Net nu het wat beter gaat

In het kielzog van de privatisering van de ziektewet kwamen de arbodiensten op: grote, op winst gerichte ondernemingen die het ziekteverzuim moeten terugdringen. Zij falen, vinden zowel werkgevers, werknemers als de overheid. Het ziekteverzuim stijgt, evenals het aantal WAO'ers. Maar volgens de arbodiensten ligt de schuld bij de werkgevers die beknibbelen op de zorg voor werknemers.

Elke dag om een uur of elf zwermen ze uit, de verzuimbegeleiders van arbodienst De Twaalf Provinciën. Per auto gaan ze de ziekmeldingen in de regio Utrecht af, die zich uitstrekt van Almere tot Gorinchem. De ziekmeldingen zijn diezelfde ochtend voor half tien per telefoon of fax binnengekomen of een dag eerder. Afhankelijk van het contract dat werkgevers met de arbodienst hebben, moet binnen één tot vijf dagen `verzuimcontrole' plaatshebben. In het hele land heeft De Twaalf Provinciën 36.000 werkgevers als klant, goed voor 450.000 werknemers.

De eerste zieke van verzuimbegeleider Rob de Veen, in Hilversum, is niet thuis. Naar de dokter, maakt de vrouw die de deur opendoet in gebrekkig Nederlands duidelijk. De Veen noteert dat en vraagt of de man hem de volgende dag om acht uur kan bellen. Dit zal hij rapporteren aan de werkgever en aan een arts van Twaalf Provinciën. Dan zit zijn werk voor deze zieke er alweer op.

Arbodiensten, zoals de vijf jaar oude Twaalf Provinciën, liggen onder vuur. Werkgevers zijn wettelijk verplicht een arbodienst in de arm te nemen, maar vinden dat de diensten de werknemers eerder thuis houden dan op tijd terug naar het werk sturen. ,,Blijf jij nog maar vier weken thuis'', kreeg een grieperige werknemer tot afgrijzen van zijn baas te horen. De werknemer had zich juist voorgenomen de volgende dag weer aan de slag te gaan.

Werknemersorganisaties als de vakcentrale FNV menen weer dat de arbodiensten zich opstellen als bondgenoten van de werkgevers. Logisch, zegt de FNV, want de werkgever is de klant van de arbodienst en de klant is koning. Als die wil dat zijn werknemers desnoods ziek op het werk verschijnen, dan gebeurt dat. Sinds 1996, toen de Ziektewet werd geprivatiseerd, draait de werkgever immers zelf op voor de kosten van zieke werknemers.

Niettemin neemt het ziekteverzuim toe en de overheid houdt de arbodiensten daar medeverantwoordelijk voor. Het ziekteverzuim staat in de belangstelling omdat het politiek gevoelige en gevaarlijke thema WAO weer opspeelt. `Den Haag' heeft ontdekt wat de arbodiensten al jaren weten: de sleutel tot het terugdringen van het aantal arbeidsongeschikten is te vinden in het eerste ziektejaar. Als in dat jaar, voorafgaand aan de WAO, de zieke werknemer snel wordt geholpen, neemt de kans sterk af dat hij in een kostbare en vrijwel uitzichtloze WAO-uitkering belandt.

Voorzitter Flip Buurmeijer van het Landelijk Instituut Sociale Verzekeringen (LISV) meent dat de arbodiensten onder toezicht moeten worden gesteld. Want hoe kan het ziekteverzuim stijgen terwijl een hele bedrijfstak in het leven is geroepen om ervoor te zorgen dat het daalt? Van de arbodiensten hoeft dat toezicht niet. Zij weten wel waarom het niet loopt zoals het zou moeten: de klanten zijn te krenterig. Een werkgever voldoet liefst zo goedkoop mogelijk aan zijn wettelijke verplichting en sluit het kleinst denkbare contract met een arbodienst. Of ze doen het niet, zoals nog regelmatig voorkomt in het midden- en kleinbedrijf waar men de arbodienst bijna als een overheidsinstelling ziet. De arbodiensten vinden dat ze zo niet de kans krijgen om te laten zien dat, wanneer zij worden ingeschakeld, een werkgever de kosten ruimschoots terug kan verdienen omdat de productiviteit wordt gered.

Arbodiensten: het klinkt nonprofit, maar het zijn op winst gerichte bedrijven die producten verkopen zoals verzuimregistratie, risico-inventarisatie en spreekuren voor werknemers. Hiervoor hebben ze onder meer bedrijfsartsen, arbeidsdeskundigen en veiligheidskundigen in dienst. Het is een jonge bedrijfstak op een markt waar ogenschijnlijk veel geld te verdienen valt.

Het ministerie van Sociale Zaken schatte vier jaar geleden de maatschappelijke kosten van slechte arbeidsomstandigheden en het verbeteren daarvan op 16,5 miljard gulden. Omdat werkgevers verplicht zijn een arbodienst in te schakelen, hebben die een wettelijk gegarandeerd klantenbestand van ruim zes miljoen werknemers. Gemiddeld besteedt de werkgever jaarlijks 882 gulden aan het welbevinden van elke werknemer. Bijna een derde van dit bedrag gaat op aan veiligheidsmaatregelen, van helmen tot afzuiginstallaties.

De geboorte van de nieuwe branche kende veel verliezers. Uit het niets kwamen tientallen commerciële `Jacobse en Van Es-arbodiensten' die prijsstuntten met contracten van een paar tientjes per werknemer. De arbozorg beperkte zich daarbij tot het aanmelden en registreren van het ziekteverzuim. Velen gingen al snel weer failliet, want de arbozorg bleek minder lucratief dan verwacht. De grote vissen bleken alles van oudsher al in huis te hebben en de kleine bedrijven beperkten zich tot een minimumpakket. Ongeveer 1 miljard gulden bedroeg begin vorig jaar de omzet volgens een branche-analyse van Coopers & Lybrand.

Kansrijker waren diensten die voortkwamen uit al bestaande bedrijfsgezondheidsdiensten en bedrijfsverenigingen, zoals ArboNed (opgericht vanuit het GAK). Maar ook zij moesten stevig saneren. Er zijn tachtig goedgekeurde arbodiensten over. De grootste vijf à zes hebben samen een marktaandeel van meer dan 85 procent.

De Twaalf Provinciën, in vijf jaar gegroeid van nul naar 500 werknemers en een omzet van niets naar 65 miljoen, heeft via assurantie-adviseurs zijn klanten vooral in het midden- en kleinbedrijf geworven. Nog steeds hebben arbodiensten moeite hun klanten uit te leggen wat ze doen, zegt regiodirecteur-Utrecht, A. van Dommelen. Een werknemer belt op dat zijn baas zijn salaris niet meer uitbetaalt omdat hij ziek is. Of de arbodienst dat kan doen. Een werkgever belt op omdat zeven van zijn tien werknemers zich hebben ziekgemeld. Of de arbodienst kan zorgen dat ze er maandag weer zijn. Zo werkt het dus niet, zegt Van Dommelen. ,,Ik zeg dan: u kunt alles aan ons uitbesteden, behalve uw eigen verantwoordelijkheid. Als er een conflict is tussen een chef en medewerkers is dat een probleem voor het bedrijf. Wij kunnen erbij helpen, bijvoorbeeld met conflictbemiddeling, maar meer niet.''

De tweede klant van verzuimbegeleider Rob de Veen doet open met zijn arm in een mitella. Johan Snieder (29), loodgieter, heeft een dag eerder in zijn rechterpink gezaagd. ,,Stom natuurlijk. Het was een rothoekie. Ik was met links aan het zagen met de decoupeerzaag.'' Aan tafel in de huiskamer stelt De Veen enkele vragen over toedracht en afwikkeling. ,,U was bij een particulier aan het werk? U bent met hem naar het ziekenhuis gegaan? Moet u nog terugkomen of behandelt de huisarts het af?'' Snieder vindt het ,,niet meer dan normaal'' dat een verzuimbegeleider bij hem langs komt. ,,Je moet toch een beetje controle hebben.''

Bij De Twaalf Provinciën staat snelle verzuimbegeleiding hoog in het vaandel. ,,Hoe sneller je onderkent dat er iets is waar andere deskundigheid bij moet komen, hoe eerder je kunt overgaan tot reïntegratie'', zegt Van Dommelen. ,,Veel stressuitval die tot WAO leidt is in eerste instantie gemeld als een griepje.''

J. Bruins Slot, directeur van Arbo Unie Zwolle, Apeldoorn en Deventer, vindt de nadruk op verzuimcontrole eerder een gevolg van te veel marktwerking. ,,Veel werkgevers laten zich leiden door het korte verzuim. Preventie, veel belangrijker, is veel moeilijker te verkopen.'' Uit onderzoek van Sociale Zaken blijkt 60 procent van de bij een arbodienst aangesloten werkgevers iets aan ziekteverzuimbegeleiding te doen. Minder dan een kwart doet iets aan de verbetering van arbeidsomstandigheden.

Bruins Slot moet ook niets hebben van de tientjespakketten voor arbozorg. Zijn arbodienst, voortgekomen uit een bedrijfsgezondheidsdienst, heeft een traditie in niet-commerciële bedrijfsgezondheidszorg. ,,Wij leveren diensten en die zijn voor ieder bedrijf anders.'' Maar uit concurrentie-oogpunt heeft ook zijn arbodienst kleine verzuimpakketten in de aanbieding, erkent hij. Juist daar valt voor arbodiensten winst te behalen. ,,In het midden- en kleinbedrijf is het verzuim laag, 3 à 4 procent. De bazen zijn vaak sociale dieren die zien dat het goed is om goed met je mensen om te gaan. Als je dan uitgaat van het landelijk verzuim van 6 à 7 procent, en je verkoopt zo'n pakket aan een klein bedrijf, dan kun je spekkoper zijn. Sommige arbodiensten doen niet anders.'' Grote verliezen bij de arbodiensten, de stijging van de kosten van het ziekteverzuim en de schade die verzekeraars lijden door hun `verzuimverzekeringen', hebben inmiddels wel geleid tot een kentering. Verzekeraars oefenen druk uit op werkgevers, bijvoorbeeld om aan verzuimpreventie te doen of door snelle werkhervatting te bevorderen. Mogelijk wordt binnenkort de premie die werkgevers voor een ziekteverzuimverzekering moeten betalen, afhankelijk gemaakt van het contract dat het bedrijf met een arbodienst heeft gesloten. Het is te vergelijken met een particuliere inboedelverzekering: een alarminstallatie drukt de verzekeringspremie.

`Gezondheidsbeleid: dat levert werkgevers veel op!' is de titel van een boekje waarmee werkgeversvereniging VNO-NCW zijn leden oproept aandacht te besteden aan arbozorg en ziekteverzuimverminderende maatregelen. ,,Je kunt geld verdienen met een arbodienst'', vat VNO-NCW-secretaris Rob van der Plank de boodschap samen die ondernemers moet aanspreken. De arbodiensten brengen het ene na het andere preventieproduct op de markt, zoals conditietesten, fitnessprogramma's en stressmanagement.

,,Wij zeggen nu: Arbozorg is de basis'', zegt Van Dommelen van De Twaalf Provinciën. Commit Arbo tracht zo snel mogelijk fysiotherapeuten of psychologen in te schakelen als verzuim langdurig dreigt te worden. De werkgever heeft daar geen omkijken naar, alles wordt geregeld door arbodienst en verzekeraar. Het gaat langzaam maar zeker beter met de dienstverlening van de arbodiensten, vindt Van der Plank.

Uit een onderzoek van NIA TNO blijkt dat arbodiensten in een kwart van de naar schatting jaarlijks acht miljoen verzuimgevallen een extra inspanning leveren om een werknemer snel weer aan het werk te krijgen, bijvoorbeeld door te onderhandelen over kortere of andere werktijden of ander meubilair. Wel zijn de onderlinge verschillen tussen arbodiensten nog steeds groot: de ene dienst doet hier slechts in een op de tien gevallen wat aan, de andere in drie op de vier gevallen. Het gaat daarbij vrijwel altijd om reïntegratie bij de eigen werkgever, een zieke werknemer onderbrengen bij een nieuwe werkgever lukt de arbodiensten vrijwel niet.

Net nu het beter gaat gaan er stemmen op om uitkeringsinstanties die de WAO uitvoeren weer met de bestrijding van het ziekteverzuim te belasten. Die vinden dat ze een jaar lang op hun handen moeten zitten te kijken hoe arbodiensten falen bij het reïntegreren van zieke werknemers. Pas na dat eerste ziektejaar kunnen zij in actie komen, maar dan is het meestal te laat. Niet wéér een verandering, bepleit Van der Plank van VNO-NCW. Geef de arbobranche een kans om tot wasdom te komen.

Verzuimbegeleider Rob de Veen is aan zijn derde klant toe, een jonge man die volgens de ziekmelding een dag eerder onwel naar huis is gegaan bij het ontwerpbureau waar hij werkt. Hij is niet thuis. Staand voor de dichte deur belt De Veen de man op en spreekt op zijn voice mail het verzoek in of hij de volgende ochtend kan bellen. Hetzelfde gebeurt bij de volgende zieke, een vrouw die werkt bij een platenmaatschappij. De Veen vindt het niet verdacht dat mensen die zich hebben ziekgemeld op een mooie zonnige lentedag niet thuis zijn. ,,Misschien zijn ze naar de dokter. Of ze zijn alweer begonnen met werken.'' Simulanten, zegt hij, die komt hij vrijwel nooit tegen.