Mirjam de Zeeuw

Mirjam de Zeeuw (1959) houdt van het alledaagse. Ze maakte al eens een serie zwart-wit foto's van potplanten, (bij voorkeur sanseveria's) en ook legde ze het gebruik van de maaltijd in Zuid-Afrika vast, inclusief receptenboekje. Het bekendst werd ze echter met een serie foto's van bruidsjurken. Witte bruidsjurken waren het, in allerlei soorten en typen, die waren gefotografeerd tegen een zwarte achtergrond. Het merkwaardige aan die foto's was dat de jurken onmiskenbaar gedragen werden, terwijl er geen mens te zien was. De Zeeuw had de jurken vastgelegd terwijl ze ze aan had, maar zichzelf vervolgens zorgvuldig uit de foto's weggeretoucheerd. Het maakte de fotoreeks prachtig onheilspellend – geesten van kant en tule die in een eeuwige, verdoemde ruimte zweefden.

In haar nieuwste fotoserie Miszien die De Zeeuw nu, na vier jaar niet meer in de galerie geëxposeerd te hebben, toont in De Expeditie in Amsterdam komen al deze elementen opnieuw bij elkaar. Net als de bruidsjurken is het geheel als een installatie gepresenteerd, net als de kamerplanten is het onderwerp van een provocerende alledaagsheid: handtassen, tien exemplaren, stuk voor stuk in haarscherp zwart-wit gefotografeerd tegen een witte achtergrond en opgehangen op handtashoogte, zodat je als toeschouwer het gevoel hebt dat je ze zo op kunt pakken en lichtjes moet bukken om ze goed te kunnen zien.

Handtassen, dus.

Op het eerste gezicht heeft De Zeeuw het slim aangepakt. Allereerst is er de technische perfectie: de tassen zijn zo goed gefotografeerd dat ik mezelf erop betrapte dat ik naast de foto's ging staan om te kijken of ze misschien in reliëf gemaakt waren, zoals je dat vroeger wel zag bij van die hardplastiken posters met een hond of een poes erop waarvan de neus naar voren bolde. Maar nee, het zijn gewone foto's.

Dan is er de lege achtergrond die de tassen tot zelfstandige objecten in een tijdloze ruimte maakt - niets kan de aandacht van de toeschouwer van de tassen zelf afleiden. En dan komt er nog bij dat het duidelijk gebruikte tassen zijn, tassen met een leven achter de rug, met een eigenaar, een inhoud en dus een persoonlijkheid. Reden genoeg om aan het fantaseren te slaan: van wie zou deze tas zijn geweest? Wat zou erin zitten? Waarom zou De Zeeuw deze specifieke tassen hebben uitgekozen? Maar niks daarvan.

Na een tijdje turen merk je dat je naar een poging staat te kijken. Je ziet de kunstenaar hengelen - interpreteer alsjeblieft deze tassen, sla aan het fantaseren, maar als toeschouwer voel je daar geen aandrang toe. De reden waarom dat niet gebeurt ligt voor de hand: anders dan bij haar bruidsjurken is De Zeeuw te dicht op de werkelijkheid gebleven. Ze biedt geen aanleiding om je in de tassen te verdiepen. Ze is te veel uitgegaan van de suggestieve kracht van een handtas, van de nieuwsgierigheid (vooral van mannen, vermoedelijk) naar de geheimen die zo'n tas verborgen houdt, clichés eigenlijk. De Zeeuw heeft teveel vertrouwd op de suggestieve werking van haar eigen beelden. En dat is jammer; nu verdrinken deze tassen in hun alledaagsheid.

Mirjam de Zeeuw. Galerie de Expeditie, Leliegracht 47 Amsterdam. Wo t/m za 13-18 u. T/m 30 april.