Jezus herrijst in de straten van Sevilla

Tijdens de paasweek in Spanje verdwijnen politieke tegenstellingen, leeftijden, sociale status en religieuze verschillen. `In de Semana Santa komt de theatrale beleving van onze cultuur tot uitdrukking.'

De regels voor de boetelingen van de broederschap van de Grootmachtige zijn streng. De dracht: een zwarte tuniek van eenvoudig katoen, een brede gele ceintuur rond het middel. Het gezicht anoniem verborgen onder een zwarte puntkap. Sandalen volgens voorschrift, danwel blootsvoets voor wie de boetedoening niet van zijn scherpe kantjes wil ontdoen. Praten niet toegestaan, kijken alleen recht vooruit. Horloges af. Geen trommels en geen snerpende trompetten tijdens de zeven lange uren van de ommegang.

Vannacht om één uur zullen de deuren van de kapel van de Grootmachtige weer openzwaaien. De duizenden toeschouwers die opeengepakt staan op het kleine San Lorenzo-plein houden hun adem in. Verlicht door vier enorme kandelaren komt langzaam de baar in beweging waarop het meer dan levensgrote Jezusbeeld staat. Op zijn rug het zware kruis, zijn zwarte gelaat vertrokken van de pijn. Jesús del Gran Poder, Jezus de Grootmachtige, begint zijn tocht door de smalle straten van de binnenstad. Tweeduizendvierhonderd gemaskerde Nazareners, de boetelingen van de broederschap, begeleiden hem op zijn lijdensweg die zal duren tot ver na het ochtendgloren.

De afgelopen dagen, vanaf palmzondag, trokken traditiegetrouw duizenden broederschappen door de steden en dorpen van Spanje ter gelegenheid van de paasweek, de Semana Santa. Gekleed in hun pijen, op de bezwerende ritmes van trommels, dragen zij de rijkelijk met bloemen versierde beelden van Jezus en de heilige maagd Maria met zich mee. Het drukst bezocht is Sevilla, waar het spektakel ieder jaar tienduizenden toeristen trekt. Caféhouders en taxichauffeurs verdubbelen hun prijzen; de hotels zitten tot de laatste kamer volgeboekt.

Voor kenners telt maar één processie: die van Jezus de Grootmachtige. ,,Hij wordt niet voor niets als de god van Sevilla aangesproken'', zegt musicus en schrijver Rodrigo de Zayas (68). Het geluid van de trommels dringt gedempt door in de patio van zijn patriciërshuis in de binnenstad van Sevilla. Zijn broederschap (cofradía) staat bekend als de strengste van Sevilla, verklaart Zayas trots. Hij weet wat het is om de processie van de Grootmachtige als boeteling te volbrengen.

Een tocht vol ontberingen en tegenstrijdige emoties, vertelt Zayas. Er is natuurlijk de vermoeidheid. ,,Maar het ergste is dat je al die uren niet kunt plassen'', zegt hij. Dat de ondragelijke druk op zijn blaas uiteindelijk vanzelf verdwijnt, beschouwt hij als een groot mirakel en een overwinning van de geest op het lichaam.

Op het plein achter de grote kathedraal van Sevilla staan steevast dronkelappen en zwervers klaar om de passerende boetelingen verwensingen toe te schreeuwen en lege bierblikjes naar het hoofd te slingeren. ,,Alsof je plotseling bent beland in een kruisgang die Jeroen Bosch heeft geschilderd'', beschrijft Zayas dit deel van het parcours.

Moeilijk had Zayas het ook met twee Amerikaanse toeristen, die kennelijk net waren gearriveerd. ,,Jeez, that guy really looked like, y'know, the Ku Klux Klan'', klonk het verschrikt vanaf het trottoir. ,,Niet leuk voor iemand van links die zijn hele leven tegen het racisme heeft gestreden'', zegt Zayas. ,,Maar je kunt niets terugzeggen, dat zou de code van de zwijgplicht doorbreken.'' Zwijgend ook moest hij toehoren hoe oudere vrouwen zich gedurende de hele tocht luidkeels beklagen tegenover het meegedragen beeld van Maria. Incontinentie, impotente mannen, overspel en mishandeling passeerden urenlang de revue.

Niettemin: de tocht loont de moeite. Onderweg worden de Nazareners vanaf de balkons in de smalle straten toegezongen met Saeta's, de korte, dramatische flamencosolo's die door merg en been gaan. Niet minder ontroering veroorzaakt de voelbare spanning onder de toeschouwers langs de route, onder wie kennissen, vrienden en familie. De boeteling ziet zijn leven in Sevilla aan zich voorbijtrekken.

,,In de Semana Santa komt de theatrale beleving van onze cultuur tot uitdrukking'', zegt Zayas. ,,En het geeft een sociale structuur aan de stad.'' De doelstellingen van de broederschap zijn liefdadigheid en de praktische verplichting elkaar te helpen. Zo werd Zayas aangenaam verrast doordat de rekening van een uitgebreide hernia-operatie plotseling halveerde. Jesús del Gran Poder had andermaal zijn invloed laten gelden: de chirurg bleek een broeder.

Politieke tegenstellingen, leeftijden, sociale status en zelfs religieuze verschillen vallen weg in de gezamenlijke inspanningen om het massaspektakel op de rails te zetten. ,,Ik ken menig communist in onze broederschap. Zelf ben ik overtuigd atheïst'', zegt Zayas. Hij vergelijkt zijn broederschap eerder met een vrijmetselaarsloge dan met een religieus gezelschap. Veel greep heeft de officiële katholieke kerk dan ook niet op de broederschappen. De verhouding van de clerus wordt zelfs getekend door een sluimerende geprikkeldheid waar het de verafgoding van de beelden betreft.

Zo bestaat er van kerkelijke zijde weinig waardering voor de rivaliteit in Sevilla tussen de aanhangers van de Maagd Esperanza van Triana en die van La Macarena. Mannen zijn bereid op de vuist te gaan over de vraag wie de mooiste Maagd heeft. Ultieme belediging: dat jouw Maagd in de stront mag zakken.

Terwijl het kerkbezoek in Spanje sterk terugloopt, kunnen de broederschappen de toeloop amper aan. Een algemene tendens oordeelt de socioloog Antonio Muñoz: de belangstelling onder de `computergeneratie' voor traditionele feesten en rituelen is sterk toegenomen. ,,Maar het is vaak alleen de vorm die overblijft. De oude betekenis van rituelen verandert'', zegt Muñoz. Het spirituele aspect verdwijnt vaak naar de achtergrond en maakt plaats voor een waaier aan beweegredenen, waaronder commerciële. Door de afkalvende discipline hebben veel feesten bovendien steeds minder te maken met de oorspronkelijke bedoelingen. Zoals bij het voortjagen van stieren door de dorpskern of het geitwerpen van kerktorens.

Dankzij hun bijna militaire tucht bewaren de broederschappen nog veel van hun oude tradities. De broederschap van de Grootmachtige, opgericht in 1431, verwierf ooit de faam als reactionair bastion tegen de goddeloosheid. Vrouwen worden nog steeds niet toegelaten. Wat doet een linkse atheïst en verfijnd kenner van Renaissance-muziek bij een dergelijk gezelschap? ,,Ik heb de broederschap niet gekozen, zij heeft mij gekozen'', verklaart Zayas. Een eer waartegen een lid van de Sevillaanse burgerij niet snel `nee' zal zeggen. Wie niet bereid is over wat bezwaren heen te stappen, zet de bijl in een mooie mediterrane traditie, meent Zayas.