BP Amoco Arco wordt grootste olieproducent

Topman Sir John Browne presenteerde gisteren trots de nieuwste aanwinst van BP Amoco. Door de overname van Arco verliezen in totaal 6.000 werknemers hun baan. Het grootste deel van de ontslagen valt in de VS.

Olieproducent BP Amoco wordt door de overname van het Amerikaanse Atlantic Richfield Company (Arco), die gisteren beklonken is, de grootste onafhankelijke olieproducent ter wereld. In de productie van olie en gas samen wordt het nieuwe concern de op één na grootste, na Exxon-Mobil.

De nieuwe combinatie produceert per dag meer vaten olie dan Exxon-Mobil en de Koninklijke/Shell Groep. Een aantal staatsoliemaatschappijen in de Opec-landen, zoals Saudi Aramco en het Iraanse Nioc, blijven in deze markt de sterkste posities innemen. BP Amoco heeft door de overname van Arco nu bijna evenveel olie- en gasreserves als Shell, dat na Exxon-Mobil de tweede plaats bezet. Dat blijkt uit cijfers die BP Amoco gisteren bekend maakte.

Het Britse BP Amoco betaalt met een aandelenruil 26,6 miljard dollar (54 miljard gulden) voor Arco. BP Amoco denkt door de overname van Arco grote schaalvoordelen te kunnen behalen. De totale productie van BP Amoco stijgt met Arco 32 procent tot 2,7 miljoen vaten olie per dag. De totale beurswaarde van de nieuwe combinatie wordt geschat op 190 miljard dollar (387,6 miljard gulden). De jaarlijkse omzet van BP Amoco groeit door de aankoop van Arco met 10,8 miljard dollar tot 94,5 miljard dollar (192,8 miljard gulden). BP Amoco-Arco wordt daarmee groter dan de Koninklijke/Shell groep, dat vorig jaar 93,7 miljard dollar omzette.

Door het akkoord met Arco wordt de verdeling van de activiteiten van BP Amoco evenwichtiger. Zeventig procent van de omzet van het nieuwe concern komt uit de oliewinning, twintig procent uit de raffinage en verkoop en tien procent uit de petrochemie.

Bestuursvoorzitter Sir John Browne van BP Amoco kondigde gisteren meteen een reorganisatie aan. Tweeduizend van de 18.000 werknemers van BP Amoco-Arco verliezen hun baan. Negentig procent van de ontslagen vallen in de Verenigde Staten.

De eerder ingezette sanering ten tijde van de fusie tussen BP en Amoco wordt versterkt doorgevoerd. In plaats van de eerder aangekondigde 6.000 ontslagen worden nu 10.000 banen geschrapt. Verder stapt de gehele raad van bestuur van Arco op.

Zowel aandeelhouders als de Europese en Amerikaanse mededingingsautoriteiten moeten de overname nog goedkeuren. De staat Alaska heeft al aangekondigd vraagtekens te zetten bij de overname. Lokale bestuurders willen een uitgebreide hoorzitting over de overname van BP Amoco, voordat Alaska de acquisitie fiatteert.

De nieuwe combinatie wordt in Alaska veruit de grootste producent van olie, waardoor het zeventig procent van de belangrijkste oliepijpleiding in de Noordelijke staat in handen krijgt. Ondanks de aangekondigde onderzoeken van de diverse mededingingsautoriteiten denkt Browne de overname binnen zes tot negen maanden te hebben afgerond.

Het Brits-Amerikaanse BP Amoco is een olieconcern dat nog maar enkele maanden geleden ontstond door de overname van Amoco door BP voor 54 miljard dollar (110 miljard gulden). BP wordt door de overname van Arco steeds minder Brits. Van enige frictie over de ongelijke verdeling van de ontslagen tussen de Verenigde Staten en Groot-Brittannië wilde bestuursvoorzitter Browne niet weten. Het in 1966 door een fusie ontstane Arco was de volgende prooi voor BP. Vorig jaar verkocht Arco haar chemie-poot voor 5,6 miljard dollar (11,4 miljard gulden) aan het Amerikaanse Lyondell Petrochemical.

De overeenkomst tussen BP Amoco en Arco is een nieuwe stap in de vergaande fusie- en overnamegolf in de oliesector. Al eerder fuseerden Exxon en Mobil. ,,De overname van Arco door BP Amoco moet de kleinere marktpartijen wel wakker schudden om snel te handelen, omdat het anders wel eens te laat zou kunnen zijn'', aldus een analist van het Amerikaanse Fahnestock en Co. ,,Volgens mij is Texaco de eerstvolgende, gevolgd door Chevron tenzij beide bedrijven fuseren.''