Bloedige stormloop in de Hoorn van Afrika

Golven infanteristen storten zich vanuit loopgraven in moordend artillerievuur. Eritrea en Ethiopië voeren aan hun grens een moderne versie op van de Eerste Wereldoorlog.

De verliezen aan beide zijden blijken ontstellend hoog, het oorlogsmaterieel is modern en het aantal ingezette troepen is zonder weerga op het continent. De conventionele oorlog tussen Ethiopië en Eritrea is wat betreft aantallen gevechtstroepen en ingezette hardware het grootschaligste militaire conflict van Afrika.

Eritrea en Ethiopië hebben sinds de hervatting van hun grensoorlog in februari ieder rond de 200.000 soldaten ingezet. Hoewel de giftige oorlogspropaganda van beide zijden nauwelijks kan worden geloofd, is één ding duidelijk: de menselijke verliezen zijn enorm. Ethiopië boekte vorige maand belangrijke terreinwinst met de inname van betwist gebied rond het grensstadje Badme. Daarop ging Ethiopië opnieuw in de aanval aan het centrale front, bezuiden de Eritrese stad Tsorona, maar het werd teruggeslagen. Beide treffens waren uiterst bloedig. Begin deze week zei een woordvoerder van de de Ethiopische regering dat sinds 23 februari 45.000 Eritreërs ,,buiten gevecht zijn gesteld'', dat wil zeggen gedood, gewond of gevangen genomen. 77 Eritrese tanks zouden zijn vernietigd en 2 MiG-29's neergehaald. Eritrea meldde vorige week dat bij Tsorona in drie dagen 10.000 Ethiopiërs zijn gedood. Een hoge Westerse diplomaat in de Ethiopische hoofdstad Addis Abeba acht deze verliescijfers aan de hoge kant, maar voegt eraan toe ze ,,zeker niet absurd'' te vinden. Onafhankelijke bronnen houden het totale aantal gedode militairen aan beide zijden sinds de hervatting van de vijandelijkheden in februari op 15.000.

Oud en nieuw in de krijgskunst worden gecombineerd in deze oorlog. Beide legers en vooral dat van Eritrea groeven zich in loopgraven in, net als in de Eerste Wereldoorlog en in de eveneens manschappen verslindende oorlog tussen Iran en Irak (1980-'88). Duizenden haastig gerecruteerde soldaten worden door Ethiopië in golven op de Eritrese stellingen afgestuurd, op dezelfde wijze als in de jaren zeventig het leger van de Ethiopische militaire leider Mengistu de Eritrese verzetsstrijders probeerde te verslaan. Door deze tactiek raakten de Eritrese strijdkrachten rond Badme overspoeld, maar niet voordat zij grote aantallen Ethiopiërs hadden neergemaaid.

Oude strijdwijzen worden gecombineerd met geavanceerde militaire technologie. De moderne vorm van oorlogvoeren leidde in de Golfoorlog van 1991 tegen Irak en nu bij de luchtaanvallen op Servië tot lage verliezen aan de kant van de aanvallers. Door het inzetten van vele grondtroepen in het conflict tussen Eritrea en Ethiopië vallen er echter wel veel slachtoffers. Tijdens het offensief bij Tsorona, bijvoorbeeld, zette de Ethiopische infanterie de aanval in maar deze werd niet, zoals gebruikelijk, beschermd door gewapende voertuigen en kreeg vervolgens de volle laag van het moderne Eritrese geschut. ,,Het extreem hoge aantal slachtoffers in deze oorlog is het resultaat van de combinatie van de vuurkracht van moderne wapens en tactieken uit de Eerste Wereldoorlog'', aldus een defensiespecialist.

Sinds het uitbreken van de gevechten in mei vorig jaar hebben beide partijen voor miljoenen dollars militaire boodschappen gedaan. Beide landen en vooral Eritrea – beschikten al over een grote militaire erfenis van het leger van Mengistu, dat eens het grootste van het continent was. Rusland levert aan beide landen, Eritrea schafte munitie, tanks, artillerie en tanks aan in Roemenië en Bulgarije, Ethiopië kocht lichte wapens en munitie van China, tanks van Bulgarije en communicatie-apparatuur van Frankrijk. Ethiopië heeft nieuwe Soechoj-27 gevechtsvliegtuigen en Eritrea MiG-29's. Beide legers ontbreekt het aan piloten om deze moderne toestellen te vliegen en daarom kwamen `adviseurs' uit Rusland, de Oekraïne en Bulgarije hen bijstaan.

De Hoorn van Afrika, die na de val van Mengistu en het einde van de Koude Oorlog enigszins tot rust was gekomen, komt nu weer in vuur en vlam te staan. Opportunisme is troef. Net als voorheen gaan de strijdende partijen elkaars vijanden steunen. In de Hoorn opereren tientallen religieuze en tribale rebellenbewegingen die kunnen worden ingezet. Eritrea ging het Ethiopische Oromo Bevrijdingsfront (OLF) steunen dat sinds enkele maanden zijn strijd tegen Addis Abeba vanaf Keniaans grondgebied opvoert. Bovendien nam Eritrea de Somalische krijgsheer Hussein Aideed in de arm, evenals andere Somalische bewegingen die tegen door Ethiopië gesteunde Somalische groepen vechten. De clan-strijd in Somalië dreigt hierdoor weer op te laaien. Ethiopië op zijn beurt heeft contact gezocht met anti-Eritrese verzetsbewegingen. Zowel Eritrea als Ethiopië probeert intussen verzetsgroepen te paaien onder de Afar, een volk dat in beide landen leeft en ijvert voor een onafhankelijke staat.

De regionale machtsverhoudingen worden overhoop gehaald. Het door de Verenigde Staten gesteunde front van Ethiopië, Eritrea en Oeganda tegen de moslim-fundamentalistische regering in Soedan is dood. Eritrea probeerde vergeefs steun te krijgen voor zijn strijd met Ethiopië van het Soedanese verzetsleger, de Nationale Democratische Alliantie (NDA). Ethiopië gaf zijn vijandige houding jegens Khartoum op en haalt de banden nu weer aan. Het aanvankelijk neutrale Djibouti kwam in het Ethiopische kamp omdat Ethiopië de haven van deze voormalige Franse kolonie ging gebruik voor al zijn importen. Frankrijk, dat militaire bases heeft in Djibouti, stuurde versterkingen. Ethiopië zoekt een alternatieve uitweg naar zee via Somaliland en Eritrea probeert betere relaties aan te knopen met Arabische staten aan de overkant van de Rode Zee.

Twee kale heren vechten om een kam. Eritrea en Ethiopië behoren tot de allerarmste landen ter wereld. De betwiste grensgebieden waarvoor ze vechten zijn niet meer dan een zandbak met weinig strategische waarde. Daarmee is het de meest zinloze oorlog van Afrika geworden. En de duurste.