Macedonië

MACEDONIË is klein, arm en kwetsbaar: als er één land is dat in het huidige conflict om Kosovo of de nasleep ervan ten onder dreigt te gaan is het Macedonië wel. Niet alleen wegens de aanwezigheid van 12.000 man NAVO-troepen in het land, ook om andere redenen.

Intern is Macedonië verre van stabiel. Dat is het gevolg van de grote Albanese minderheid die er woont. Die minderheid is ontevreden: ze vindt dat ze wordt gediscrimineerd, dat haar taal wordt achtergesteld, dat ze ondervertegenwoordigd is bij de politie, in het leger, in het rechtssysteem. De minderheid eist een eigen universiteit en heeft, toen ze die niet kreeg, zelf een ondergrondse universiteit opgericht.

Vaststaat dat het conflict in Kosovo de relaties met de Macedonische meerderheid verder bemoeilijkt; de komst van tienduizenden Albanese vluchtelingen kan die relaties nog verder compliceren.

Een doemscenario: als de oorlog om Kosovo uitloopt op de onafhankelijkheid van Kosovo (of een deel daarvan) zal het met de interne stabiliteit van Macedonië zijn gedaan. Zo'n onafhankelijk Kosovo zal onder de Albanese minderheid in Macedonië niet langer te beheersen krachten vrijmaken. De Macedonische Albanezen zullen zich radicaliseren en aansluiting bij een nieuw Groot-Albanië eisen. Die aansluiting zal niet te verhinderen zijn. Tegelijkertijd zullen buurlanden als Servië, Bulgarije en Griekenland zich met het restant van Macedonië gaan bemoeien. En niet met de bedoeling dat restland te versterken.

De problematische verhouding met de Albanese minderheid is immers niet het enige probleem van het nieuwe Macedonië. Een ander probleem is de nationale identiteit. Macedonië is vanouds een streek, geen land. Die streek is sinds het begin van deze eeuw opgedeeld in een zuidelijk, Grieks deel, een noordelijk, Joegoslavisch deel (dat deel heet nu Republiek Macedonië) en een klein deel dat in Bulgarije terechtkwam. De Slavische inwoners van de huidige Republiek Macedonië heten pas Macedoniërs sinds het begin van deze eeuw – voor die tijd beschouwden ze zich als Bulgaren of Serviërs.

De Serviërs beschouwen de Macedoniërs nog altijd als `Zuid-Serviërs' en de Bulgaren beschouwen hen als Bulgaren. De Grieken nemen de Macedoniërs nog altijd de naam van hun land kwalijk, want ze vinden dat alleen Grieken daarop recht hebben.

En daarbij horen aanspraken die op tafel kunnen worden gelegd zodra de tijd er rijp voor is – bijvoorbeeld als de Albanese minderheid wegloopt. Formeel maken Joegoslavië en Bulgarije geen aanspraak op Macedonisch grondgebied. Maar dat kan gemakkelijk veranderen. En dan is Macedonië het volgende oorlogsgebied.