Kabinet nadert beslissing over Tweede Maasvlakte

Premier Kok overlegt vandaag met betrokken ministers over de Tweede Maasvlakte. Milieuverenigingen maken zich op voor de beslissende slag rondom de uitbreidingsplannen van de Rotterdamse haven.

Vroeger was ook voor milieuverenigingen de wereld eenvoudiger. Behoud van de natuur stond eenzaam bovenaan en alles wat er nadelig voor kon zijn was automatisch reden tot verzet. Voor economische argumenten als banengroei of concurrentiekracht toonden milieuactivisten zich niet of nauwelijks ontvankelijk. Dat standpunt is de laatste jaren veranderd, zo blijkt bijvoorbeeld uit de opstelling van milieuverenigingen in de discussie over de aanleg van een nieuw Rotterdams havengebied, de zogeheten Tweede Maasvlakte.

,,Wij willen de concurrentiekracht van de haven geen geweld aandoen. Wij vragen ons alleen af of dit de juiste weg is'', zegt Arno Steekelenburg, woordvoerder voor ConSept, een samenwerkingsverband van zeven milieuorganisaties. ,,Extra werkgelegenheid voor Rijnmond levert dit plan bijvoorbeeld nauwelijks op.''

Voor de lokale natuur- en milieuorganisaties zijn het drukke tijden. Na talloze nota's, onderzoeksrapporten, congressen en symposia over de voors en tegens van een Tweede Maasvlakte lijkt het erop dat binnen het kabinet op korte termijn spijkers met koppen zullen worden geslagen. Vandaag houdt premier Kok in het Catshuis over dit onderwerp een zogeheten `voeten op tafel'-sessie. Deelnemers zijn onder anderen de ministers Netelenbos (Verkeer en Waterstaat), Pronk (VROM), Zalm (Financiën) en Jorritsma (Economische Zaken). Bedoeling van deze sessie, waarbij bewindslieden open en vrij met elkaar moeten kunnen discussiëren, is een basis te leggen voor verdere besluitvorming in het voltallige kabinet.

Richtlijn voor de Catshuissessie is een vertrouwelijke notitie van Netelenbos, waarin zij de problemen en de mogelijke oplossingen op een rij heeft gezet. Hoewel in het stuk formeel nergens een definitieve keuze voor wordt gemaakt, wordt bij lezing snel duidelijk waar de minister naartoe wil. De Rotterdamse haven heeft meer ruimte nodig om te kunnen groeien en die ruimte moet worden gevonden via landwinning in zee (een Tweede Maasvlakte). Havens als die in Vlissingen en Terneuzen bieden wel expansiemogelijkheden, maar niet voldoende voor de Rotterdamse behoeften. Hier staat Netelenbos tegenover haar collega Pronk, die de laatste maanden herhaaldelijk liet weten dat een Tweede Maasvlakte pas in beeld komt als de Zeeuwse havens en het bestaande Rotterdamse havengebied geen soelaas meer bieden.

De betrokken milieupartijen volgen alle ontwikkelingen rond de Tweede Maasvlakte met argusogen. Zij vinden dat de discussie over Project Mainportontwikkeling Rotterdam (de officiële benaming) te veel binnenskamers wordt gevoerd. Andere belanghebbenden dan het Rotterdamse Havenbedrijf, dat al jarenlang een felle lobby voert voor aanleg van de Tweede Maasvlakte, krijgen hierdoor onvoldoende kans mee te praten over de voor- en nadelen van dit ingrijpende infrastructuurproject. ,,Er worden op dit moment in beslotenheid grote beslissingen voorbereid'', schreven tien natuur- en milieuorganisaties eind vorige week in een gezamenlijke brandbrief aan de Tweede Kamer. Mede naar aanleiding van die brief is deze week tijdens het vragenuurtje in de Tweede Kamer uitvoerig gesproken over de procedure rond de havenplannen. ,,Het signaal dat wij als serieuze gesprekspartner willen meepraten is goed overgekomen'', zegt Steekelenburg daags erna tevreden.

De meeste milieuactivisten onderschrijven dat de Rotterdamse haven de kans moet krijgen haar concurrentiepositie te versterken. ,,Er werkt hier niemand die een hekel heeft aan de haven'', aldus Steekelenburg, die zelf ooit bij sleepbedrijf Smit-Tak werkte. ,,Maar er wordt in Rotterdam te veel gebalkt over bulk. Het Havenbedrijf kijkt alleen maar naar pure groei in containervervoer- en overslag, naar tonnagecijfers, zonder zich af te vragen of bij die strategie de kosten wel opwegen tegen de meerwaarde die je er mee wilt bereiken. Ik noem het wel eens het `Jezus-gevoel' van het Havenbedrijf. Ze roepen steeds dat ze de grootste zijn en willen blijven, en maken de indruk dat ze zo onaantastbaar zijn dat ze over het water kunnen lopen. Maar er spelen ook andere maatstaven mee dan de grootste zijn; bijvoorbeeld het tempo waarmee de containers de terminals weer verlaten. Dat is belangrijk voor opdrachtgevers, en het vergroot tegelijk de capaciteit in de haven. Rotterdam wil de grootste zijn, maar wij zeggen: de Rotterdamse haven moet de snelste, de schoonste en de slimste willen zijn.''

Uit de notitie die Netelenbos vorige week onder haar collega-ministers heeft verspreid blijkt dat voor het bedrijfsleven een belangrijke rol is weggelegd bij de aanleg van een Tweede Maasvlakte. Via publiek-private financiering hoopt de overheid een deel van de kosten over te hevelen naar het bedrijfsleven. Dat zou wel belangstelling hebben, zo blijkt uit een deze week aan Netelenbos gepresenteerd rapport dat in het kader van het Project Mainportontwikkeling Rotterdam is opgesteld. Een concreet voorstel ligt er al: het `binnenmeerconcept', ontwikkeld door bouwer Ballast Nedam, financier ING en containeroverslagbedrijf ECT (één van de grootste pleitbezorgers van een Tweede Maasvlakte).

Mocht de havenuitbreiding er komen, dan is participatie door het bedrijfsleven geen slechte zaak, vinden de milieuorganisaties, mits dat gebeurt onder strikte randvoorwaarden. Zij vrezen namelijk dat ondernemers in ruil voor de financiering ook veel invloed willen op de plannen. Daarmee bestaat het risico dat het parlement een deel van zijn invloed kwijt raakt.

Steekelenburg: ,,We willen er zeker van zijn dat de Tweede Kamer-leden zich dàt goed realiseren.''