Griekenland

AFGEZIEN VAN wat zij denken over MilocseviÄc, zijn de Grieken verpletterend pro-Servisch in het huidige conflict. Dat is het gevolg van de parallelliteit die de geschiedenis van de beide volken sinds het begin van de vorige eeuw vertoont. De Serviërs streden toen zonder succes tegen het Ottomaanse bewind, de Grieken kort daarop wel succesvol.

Onderhuids zijn er van tijd tot tijd wrijvingen tussen Griekenland en Joegoslavië. Zo erkende Belgrado de republiek van Skopje onder de naam Macedonië en eist als uitweg naar zee een vrijhaven bij Thessaloniki. Maar de verbondenheid beheerst als gevoelskwestie alles. Die gevoelskwestie heeft voor een belangrijk deel te maken met het gemeenschappelijke orthodoxe geloof.

Veel Grieken vrezen dat Kosovo een `voorproefje' is voor wat er in hun (westelijk) deel van Thracië kan gebeuren, als daar de Turks sprekende moslims, nu nog een grote, maar groeiende minderheid, autonomie of onafhankelijkheid gaat opeisen. Ook al wordt ze aanzienlijk beter behandeld dan de Albanezen in Kosovo.

Ten slotte heeft het woord `Albanees' voor de Grieken een ongunstige bijklank gekregen door de criminaliteit waaraan sommige van de 400.000 Albanese gastarbeiders in Griekenland zich schuldig maken. Van een nieuwe vluchtelingenstroom verwachten de meeste Grieken alleen maar onheil. Tegelijk wordt gevreesd dat tienduizenden Kosovaren zullen worden geherbergd in Zuid-Albanië, waar een Griekse minderheid woont, vanouds een ander object van wrijvingen tussen Athene en Tirana.