Een decoratieve new age kat

Ze hebben namen als Naopiro Maroesja of Jaffna's Fantaghiró van Sophidaro, zijn zacht als satijn en hebben hemelsblauwe oogjes waarmee ze je smachtend aankijken. Ragdoll, `lappenpop', wordt deze bijzondere kattensoort genoemd. De dieren danken deze naam aan de eigenschap dat ze slap en ontspannen blijven als ze worden opgepakt.In de Verenigde Staten en Groot-Brittannië zijn ze niet meer aan te slepen: Internet-sites melden lange wachtlijsten. Ze veroveren nu ook de rest van de wereld, waaronder Nederland. Recent is de Ragdollvereniging Nederland opgericht en op 2 mei organiseert de Nederlandse Raskattenvereniging een `Ragdoll Special' in Eemnes, waar alle soorten en maten te zien zullen zijn.

De ragdoll is een grote, harige kat met een grenzeloos vertrouwen in mens en mededier. Zelfs muizen en mussen hebben niets te vrezen. Hij is lief, zachtaardig en toegewijd. Als een hondje loopt hij achter het baasje aan en heeft weinig meer ambities dan spinnen, spelen, slapen en aangehaald worden. En een brokje op zijn tijd, een van de weinige dingen waarvoor hij zijn stem verheft. Hij wordt wel beschouwd als de `new-age' kat bij uitstek: decoratief, lief voor kinderen en geschikt voor flatbewoning. De ragdoll taalt niet naar een avontuurlijk buitenleven. Sterker nog, het is onverstandig hem buiten te laten, want in zijn onbevangenheid is hij in staat rechtstreeks in de muil van een Rottweiler te stappen. Binnen toont hij zich een ideaal huisdier. Hij klimt niet in de gordijnen en krabt de bank niet kapot, want hij is zo intelligent dat hij in een oogwenk de beginselen van de krabpaal doorheeft. Hij is prijzig, dat wel: 1000 tot 2000 gulden. Maar daarvoor heb je dan ook een raskat met stamboom.

Voor Fred en Teddy Laury in Heerlen was het liefde op het eerste gezicht. Zeven hebben ze er in huis, die zich tijdens het bezoek bevallig op een speciaal voor hen gemaakte etagère draperen. ,,We waren vorig jaar op zoek naar een kat. We wilden een lief, aanhankelijk dier en kwamen via een stukje in een huis-aan-huisblad op de ragdoll. We zijn naar fokkerij Naopiro in Utrecht gegaan en zagen er een die zo verknocht was aan haar broertje dat we ze meteen maar alle twee hebben genomen.'' Daarna kochten ze er nog vijf in Nederland, België en Engeland. Inmiddels zijn de Laury's lid van twaalf ragdoll-verenigingen, verdiepen ze zich in stambomen en genetica en hebben ze een site op Internet. De eerste prijsbekers prijken al op de kast. Ze hebben besloten zelf de `Limburg Ragdoll' te gaan fokken. Het lieve imago van de dieren wordt af en toe gelogenstraft door gemep en gegrom op de etagère, maar dat komt omdat kater Fanta op zoek is naar een krolse poes. Hij mag nog niet, vertelt Teddy Laury, de poezen zijn nog te jong voor het moederschap.

Een ragdoll is pas volwassen na drie tot vier jaar. Bij de geboorte is het een wit pluisbolletje, dat tijdens de groei zijn definitieve kleurtekening krijgt. Hoewel in Amerika de eerste - peperdure - rode exemplaren zijn gesignaleerd, hebben bij de doorsnee ragdoll wit en lichtbeige de overhand. Snuit, oren en poten hebben kleurpatronen variërend van grijs tot donkerbruin. Drie patronen zijn er: bi-color, met een witte omgekeerde V op de donkere kop, mitted, met witte pootjes en colorpoint, met donkere pootjes. ,,Het moet een stevige, gedrongen kat zijn met een brede borst, stevige poten, een gevulde staart en een brede kop met een lief uiterlijk'', legt Teddy Laury uit. Sommige lijken met hun donkere snuitjes op siamese katten, andere hebben de strepen van de cyperse huiskat. Door de dikke, zachte vacht en pluizigestaart hebben ze veel van perzen, maar dan zonder de platte, wat sacherijnige perzenkop.

De soort is in 1963 ontstaan bij de Amerikaanse kattenfokker Ann Baker in Riverside, Californië. In de achtertuin van haar buren huisde een zekere Josephine, een witte, blauwogige angorakat, en een beetje een del. Haar eerste nest was van een onbekende vader, maar de katjes waren beeldig, lief en slap. Baker besloot met een aantal kinderen van Josephine te gaan fokken. In 1981 reisde het eerst ragdoll-paar naar Engeland, waar er inmiddels duizenden rondlopen. De Engelse versie is kleiner dan de Amerikaanse, die de lengte van een forse kleuter kan aannemen.

Ann Baker, die onlangs is overleden, was een eigenaardig dame met een levendige fantasie. Ze vertelde dat Josephine bij een botsing met een auto hersenletsel had opgelopen, waardoor ze een genetische verandering had ondergaan die zowel haarzelf als haar nageslacht had beïnvloed. Biologen wezen die theorie naar het rijk der fabelen, maar het verhaal was toen al een eigen leven gaan leiden. Baker beweerde ook dat de beesten geen pijn kenden en slingerde als bewijs af en toe een kat door de kamer. Ze meende zelfs dat de katten menselijke genen bezaten en in verbinding stonden met buitenaardse wezens.

Teddy Laury, secretaris van de Ragdollvereniging Nederland, wil de fabels over de dieren graag de wereld uit helpen. ,,Het zijn normale, hele sociale katten die gewoon rennen en spelen. En pijn voelen ze wel degelijk. Ik ging laatst op een pootje staan en ik voel me nog schuldig."

Ragdollvereniging Nederland. Secretariaat 045-5708848. Ragdoll Special, zondag 2 mei, De Hilt, Eemnes, 10-17u.