Doden was een zooitje

Het Legermuseum in Delft wil met de tentoonstelling `In `t Verschiet en van Nâby' een bloemlezing tonen van militaire tekeningen uit de afgelopen vijfhonderd jaar. Van stervende mannen tot schoenenpoetsen in de kazerne.

Wat te doen wanneer iemand met kwade bedoelingen zijn musket op je richt? Het antwoord zoals Adriaen Matham (ca. 1599-1660) dat uitbeeldde in het boek L'académie de L'espée luidt: sla de musketloop weg met de degen en doorboor vervolgens de hals van de schutter. Zo te zien kan men dit op zwierige wijze, als betrof het een balletoefening, verwezenlijken.

Matham is één van de kunstenaars wiens werk in het Leger Museum in Delft tot augustus is tentoongesteld. Zijn prenten, zegt de begeleidende catalogus, zijn te beschouwen als `de mooiste voorbeelden van schermkunst in de beeldende kunst'.

De bommen, granaten, geweren, sabels, affuiten en houwitsers zijn, voor de liefhebber, altijd de moeite van een omweg waard, maar het Legermuseum herbergt naast interessante militaire hardware ook een grote collectie aquarellen, etsen, tekeningen en handschriften. Door de eeuwen heen hebben amateurs en beroeps het soldatenleven, kampementen, gelagkamers, exercities en gevechten getekend en geschilderd.

De tentoonstelling, `In 't Verschiet en van Nâby', beoogt een bloemlezing te zijn van deze militaire tekeningen uit de afgelopen vijfhonderd jaar. De titel verwijst naar een richtlijn van Jan van Huchtenburg (1647-1733). Bij zijn tekening `De slag bij Malplaquet' (1709) schrijft hij: ,,Wanneer de toeschouwer de veldslag te paard of vanaf een heuvel overziet, dan kan hij zowel in 't verschiet zien als van nâby''. Op de voorgrond van de kopergravure en ets van Van Huchtenburg zijn gedetailleerd de verschrikkingen van het krijgstoneel te zien, terwijl verder weg in het veld ruitertroepen zich als ongedifferentiëerde massa verplaatsen.

Het zal nu niet anders zijn dan vroeger, maar het handmatig doden van mensen was, zo laat de tentoonstelling zien, een zooitje. Dat komt duidelijk tot uiting op `Het ruitergevecht' (ca. 1640) van Willem van den Landen (1610-na 1650). Een piekenier zet zich schrap om een liggende gedaante, verscholen achter de benen van een paard, de doodsteek te geven. Naast hem poogt zijn collega een ruiter, die net een andere cavalerist in de rug heeft geschoten, met een lans te doorboren. Voeg daarbij gevallen paarden en mannen, links en rechts aanvallende ruiters, wegstrompelende mannen en de chaos is compleet. Sommige schermutselingen of veldslagen zijn zo gedetailleerd en tegelijk zo realistisch vormgegeven, dat het geen moeite kost het gehinnik, geschreeuw, de schoten en het gekerm te horen. Het is echter niet allemaal angst en strijd wat de militair te wachten staat. Het leven van de soldaat bestond natuurlijk voornamelijk uit wachten en de tijd doden. Hendrik Maarten Krabbé (1868-1931) legde een fraaie kantinescène (1900) vast en E.A.Hof (1914-heden) liet veldartilleristen hun beenkappen poetsen (1939).

Een paar elementen keren terug, zoals de ruiter die onder zijn paard terecht is gekomen. Klaarblijkelijk een incident dat regelmatig voorviel in het ruiterbestaan. Ook de hond die een paard hindert moet een veelvoorkomend fenomeen zijn geweest. Een opmerkelijk detail is te zien op fraaie kleurendruk `De verwonding van de prins van Oranje bij Waterloo' (1815) van Willem van Senus (1773-1851). De prins grijpt met zijn rechterhand naar zijn gekwetste linkerschouder en heeft zijn sabel losgelaten. Maar de sabel is niet gevallen, hij hangt nog met een band aan zijn pols. Nooit geweten dat sommige sabels, net als de huidige ijshouwelen of `pickels', zo'n polsband hadden. Ook op andere prenten is deze band te zien.

De deelverzameling aquarellen, grafiek en prenten van het Legermuseum telt elfduizend werken en zelfs de museumdirecteur weet nog niet precies wat voor schatten daartussen zitten. Eén zo'n schat is op de tentoonstelling te zien en betreft een manuscript toegeschreven aan Simon Stevin (1568-1620). Conservator A. Polman, sluit niet uit dat in de toekomst ,,meer opzienbarende ontdekkingen'' volgen.

De volgende tentoonstellingen die uit deze collectie zullen putten krijgen een meer thematische opzet. De eerstvolgende zal een wat minder nadrukkelijk martiale uitstraling hebben. Het zal dan gaan over militaire menukaarten.

In 't Verschiet en van Nâby, t/m 8 aug 1999. Legermuseum, Korte Geer 1, Delft. Ma t/m vr 10-17u, za/zo 12-17u. Volw. ƒ6 en kinderen tot 12 jaar ƒ3. Tel 015-2150500.