Adem Demaçi

(63) bracht 28 jaar door in Joegoslavische gevangenissen wegens seperatistische agitatie. Dat leverde hem de bijnaam `de Mandela van Kosovo' op, maar niet de corresponderende wijsheid. Demaçi beschikt over een falsetstem, die overslaat wanneer hij zich opwindt. En daar is weinig voor nodig. In 1996 begaf Demaçi zich in de politiek. Zijn partij PPK koos voor de harde lijn. Demaçi bepleitte eerst aansluiting bij Albanië en daarna de losse federatie `Balkania', riep op tot actieve weerstand en steunde van meet af aan de ontluikende verzetsbeweging UÇK. Elk compromis is in zijn ogen verraad; Demaçi gooide onlangs zelfs de telefoon op de haak toen de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Albright hem belde. Het UÇK benoemde hem vorig jaar even tot politieke woordvoerder. De koppige Demaçi keerde zich echter tegen deelname aan vredesbesprekingen in Rambouillet en werd daarom opzij geschoven.