Gloedvolle stem

,,Op zijn tachtigste zong Joe nog beter dan de meeste mensen op hun twintigste'', zei zanger Robert Goulet over Joe Williams nadat bekend werd dat de jazz-zanger maandag was overleden. Williams laatste cd Here's to life dateert uit 1993, het jaar waarin hij nog optrad voor president Clinton in het Witte Huis. Zijn diepe bariton had wat van zijn honingzoete karakter verloren maar Williams bewoog zich nog steeds met het grootste gemak door het blues- en jazzrepertoire waar hij zijn faam aan te danken had. Internationale bekendheid verwierf de zanger tussen 1954 en 1961 toen hij onderdeel uitmaakte van het orkest van pianist Count Basie. Zijn hit Everyday I have the blues uit 1951, die Williams opnam met de King Kolax Band, geldt als een klassiek voorbeeld van grote-stadsblues.

Williams overleed afgelopen maandag op straat in zijn woonplaats Las Vegas. Nadat hij het ziekenhuis, waar hij was opgenomen met ademhalingsproblemen, eigener beweging had verlaten liep hij ruim drie kilometer, voordat hij vlak bij zijn huis in elkaar stortte. Zijn lichaam werd pas uren later gevonden.

Joe Williams werd in 1918 in Cordele, Georgia geboren als Joseph Goreed. Door zijn moeder, die organiste was in de plaatselijke Methodistische kerk, kwam Williams al vroeg in aanraking met spirituals. Nadat hij in de jaren dertig met zijn moeder en grootmoeder verhuisde naar Chicago, werd hij de leider van het jongenskoor The Jubilee Boys. Williams debuteerde als zanger in 1937 in de band van klarinettist Jimmy Noone.

Williams' loopbaan kwam moeizaam op gang. De eerste jaren verdiende hij zijn brood als uitsmijter in jazzclubs tot de manager van het Regal Theater, waar hij als portier werkte, zijn zangtalent opmerkte en hem in 1943 naar Boston stuurde om op te treden met vibrafonist Lionel Hampton en saxofonist Coleman Hawkins. Een tour met Andy Kirk and his Clouds of Joy in 1946 en 1947 leidde tot een eerste plaatopname.

De periode tussen 1954 en 1961, waarin hij optrad met het orkest van Count Basie, gelden als het hoogtepunt van Williams carrière. Mede dankzij zijn rijke, gloedvolle stemgeluid en zijn charismatische presentatie gelden Count Basie swings, Joe Williams sings en The Greatest!! als de beste platen die Basie's orkest heeft gemaakt.

Na 1961 was Williams in de studio en op het podium te vinden met jazzgroten als Cannonball Adderly, George Shearing en het Thad Jones/Mel Lewis Orchestra. Soms trad hij nog op met zijn oude broodheer Count Basie.

In de jaren tachtig verscheen Williams verschillende keren in de Bill Cosby Show als Cosby`s schoonvader, Grandpa Al. De Grammy Award die hij in 1985 kreeg voor het succesvolle album Nothing but the blues bevestigde nogmaals Williams reputatie als één van de grootste stemmen uit de jazz en blues.