VS verdeeld over inzet van grondtroepen

Voor de inzet van grondtroepen in Kosovo bestaat in de VS nauwelijks steun. Toch groeit de kans dat het daarvan zal komen.

De snelle escalatie van de oorlog in Kosovo roept in Amerika oude schrikbeelden op. Begeven we ons niet in een militair moeras? Hebben we wel een exit-strategie? Moeten we ons wel opwerpen als de politie-agent van de wereld?

Achter die vragen gaat onzekerheid schuil over de rol die Amerika in de wereld moet spelen. De twee politieke partijen hebben sinds het eind van de Koude Oorlog nog altijd geen nieuw kompas gevonden dat hen in de buitenlandse politiek kan leiden. En de publieke opinie, die doorgaans weinig betrokken is bij internationale aangelegenheden, vindt dat de VS hun militaire macht slechts met grote terughoudendheid moeten gebruiken.

Maar sinds vorige week zijn Amerikaanse militairen wèl intensief betrokken bij het grootste militaire conflict sinds de Tweede Wereldoorlog in Europa. Tot het publiek begint dat pas langzaam door te dringen. Opiniepeilingen geven aan dat Amerikanen de luchtaanvallen in meerderheid steunen, maar tegelijk zeggen ze dat het conflict in Kosovo hun geen Amerikaanse levens waard is. Over de mogelijke inzet van grondtroepen bestaat grote verdeeldheid.

Het Witte Huis liet gisteren weten dat de NAVO niet van plan is om grondtroepen naar Kosovo te sturen. ,,We geloven dat we onze militaire doelen kunnen bereiken met luchtaanvallen'', zei woordvoerder Joe Lockhart. Maar politieke analisten in Washington denken dat het nog maar een kwestie van dagen is, voor de Amerikanen en hun bondgenoten gedwongen zullen worden om het sturen van grondtroepen serieus te overwegen.

Onderzoekers van de Brookings Institution, de gezaghebbende denktank in Washington, betoogden gisteren eenstemmig dat de snelle escalatie van het conflict de NAVO nog maar weinig keuzes laat. Richard Haass, die onder president Bush deel uitmaakte van de Nationale Veiligheidsraad, vreest dat er in Kosovo geen mensen meer over zijn tegen de tijd dat de luchtaanvallen effect hebben. ,,Als de VS en de NAVO deze situatie laten voortduren, zal dat grote gevolgen hebben voor hun aanzien in de wereld. En landen als Noord-Korea en Irak zullen daar zeker hun conclusies uit trekken'', waarschuwt hij.

Volgens Ivo Daalder, die onder president Clinton in de Veiligheidsraad zat, staat in Kosovo zelfs het voortbestaan van de NAVO op het spel. ,,Als de NAVO de kwestie-Kosovo niet kan oplossen, betekent dat het einde van de NAVO'', aldus Daalder, die opgroeide als Nederlander maar nu een Amerikaan is.

Daalder gelooft dat de NAVO in Kosovo nog maar drie opties heeft. ,,We kunnen nog een tijdje doorbombarderen en vervolgens verklaren dat we gewonnen hebben omdat we zoveel schade hebben veroorzaakt. In dat geval komt er niets terecht van de bescherming van de bevolking van Kosovo, wat volgens Clinton onze morele plicht is. Een andere optie is dat we nog weken of zelfs maanden blijven bombarderen, in de hoop dat het Servische volk zich tegen Miloševic zal keren. De kans is groot dat er tegen die tijd niets meer van Kosovo over is. Rest de optie van grondtroepen. Als we een morele plicht hebben om voor het volk van Kosovo op te komen met luchtaanvallen, hebben we dan niet ook de plicht om ander middelen te gebruiken als die aanvallen falen?''

Volgens Michael O'Hanlon, een militaire analist van Brookings, zouden er minstens 75.000 en mogelijk zelfs 200.000 militairen voor een offensief op de grond nodig zijn. En het zou minimaal twee weken kosten om een begin van zo'n krijgsmacht met materieel ter plaatse te krijgen. De bondgenoten moeten in dat geval rekening houden met honderden of zelfs duizenden slachtoffers. ,,Als de Serviërs één vliegtuig voor troepentranstport uit de lucht schieten, heb je zo al honderden doden.''

Het Congres en de publieke opinie zijn er niet van overtuigd dat het conflict in Joegoslavië zo'n prijs wel waard is. Clinton, de president die met opiniepeilingen opstaat en naar bed gaat, heeft zijn bevolking niet voor niets steeds gerustgesteld dat hij geen grondtroepen zal uitsturen. Daar kan hij natuurlijk op terugkomen, het zou niet zijn eerste ommekeer zijn. Maar daarmee zou hij op Capitol Hill, en mogelijk ook in het land, vrijwel zeker grote verontwaardiging veroorzaken. Als Clinton het Congres en de bevolking ervan wil overtuigen dat het lot van Kosovo nauw verbonden is met het Amerikaanse landsbelang, dan heeft hij daarvoor nog maar weinig tijd.