Wilde beesten

Het `eigen volk eerst'-principe is sinds jaar en dag de motor en de ziel van de sport. De sportjournalistiek heeft over het algemeen bijzonder weinig moeite het wij-gevoel te cultiveren. Zij maakt zich in voorkomende gevallen tot tolk van de publieke opinie en bevordert daarmee onbewust of doelbewust het nationalisme. Tegenstanders zijn vijandige elementen die als het even kan weggevaagd dienen te worden. Dat daarbij het doel de middelen heiligt is bijna vanzelfsprekend.

De vaderlandsliefde stijgt tot immense hoogte zodra het Nederlands voetbalelftal op een Europese of wereldtitel jaagt. Dan krijgen heftige emoties de overhand en feiten een fel oranje kleur. De wedstrijd tegen Argentinië, woensdag in de Amsterdamse Arena, gaat nergens om, maar scheurt toch een wond open die nog van het WK 1978 dateert.

De door Nederland met 3-1 verloren finale leidde er toe dat de ruiten van het Argentijnse consulaat aan de Amsterdamse Keizersgracht werden ingegooid. Zo woedend waren wij over het onrecht dat ons op die 25ste juni in het River Plate stadion werd aangedaan. In het weekblad Nieuwe Revu keken enkele spelers en assistent bondscoach Zwartkruis vorige week terug op de wedstrijd die wij eenvoudigweg niet konden winnen.

Het schotje van Rensenbrink tegen de buitenkant van de paal, 22 seconden na het verstrijken van de officiële speeltijd en bij de stand 1-1 zou, indien het een doelpunt had opgeleverd, tot oproer hebben geleid. Volgens de oud-militair Zwartkruis zouden er behalve soldaten ook tanks op het veld zijn verschenen. ,,Niet tien, maar duizenden.''

Waar hij die kennis vandaan haalt is een raadsel.

Van de spelers noemt Rep de Italiaanse scheidsrechter Gonella corrupt. Het neemt niet weg dat het elftal van coach Happel zichzelf de das omdeed door een groot gebrek aan discipline. Het maakte 48 overtredingen, naar verluidt nog altijd een officieus wereldrecord voor een WK-finale. Sommige overtredingen schreeuwden zelfs om een dieprode kaart. Gonella volstond echter met geel voor Krol, Neeskens en Poortvliet en de Argentijn Ardiles.

Het gescheld van Suurbier, Haan en Willy van de Kerkhof op de scheidsrechter deed herinneren aan het EK van 1976 in Joegoslavië, waar Neeskens en Van Hanegem in de verloren wedstrijd tegen Tsjecho-Slowakije uit het veld werden gestuurd. Trouwens, ook tijdens de tegen West-Duitsland verloren WK-finale van 1974 hielden de grote monden van Oranje (Cruijff, Van Hanegem) een traditie in ere.

Maar laat er geen misverstand over bestaan, hoe al die toernooien ook afliepen, het Nederlands elftal speelde steevast het beste voetbal. Vorig jaar viel dat ook weer vast te stellen op het WK in Frankrijk waar de vierde plaats de te magere beloning vormde voor het onnavolgbare circulatiespel. De gemiste strafschoppen van Cocu en Ronald de Boer maakten in de halve finale tegen Brazilië een wreed einde aan de droom die eigenlijk al in 1974, '78 en '94 werkelijkheid had moeten worden.

De vriendschappelijke partij tegen Argentinië herinnert ook aan de kwartfinale in Frankrijk met rode kaarten voor Numan en Ortega en aan het fraaie winnende doelpunt van Bergkamp na een pass van Frank de Boer. De Argentijnen die met Batistuta en Crespo over de twee topscorers van de Italiaanse competitie beschikken, willen zich misschien revancheren. Maar met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid zullen zij hun dure benen sparen en slechts een redelijk resultaat nastreven.

Vrijwel alle in Europa actieve Argentijnen zijn met hun clubs (Fiorentina, Parma, Real Madrid, Valencia) aan de beslissende fase van de competitie toe waarin het bereiken van de Champions League centraal staat. Voor de meeste Nederlanders geldt hetzelfde. Geen blessures oplopen is het parool. Een herhaling van het wildebeestenspel van 1978 zit er niet in.