Hart van F16-vlieger klopt sneller bij NAVO-operatie

De NAVO heeft de luchtaanvallen op Kosovo uitgebreid. Nederlandse piloten begeleiden de voornamelijk Amerikaanse bommenwerpers ook op deze nieuwe missies.

Als de F16-piloten op de Zuid-Italiaanse basis Amendola opstijgen, kunnen ze al vrij snel Servië zien liggen. Boven de Adriatische Zee worden de F16's bijgetankt en wordt de formatie voor de bombardementen gevormd. Ook nu fase twee door de NAVO is afgekondigd, blijft de opdracht hetzelfde. De Nederlandse luchtmacht moet bommenwerpers escorteren en vooruitvliegen om het luchtruim vrij te houden van vijandelijke MiGs en raketten, nu ook boven Kosovo.

Met de nieuwe acties boven Kosovo lopen piloten meer gevaar. De doelen op de grond kunnen verdedigd worden en soms moet er lager gevlogen worden om de vracht af te werpen. Tot nu toe hebben de Nederlandse vliegers weinig weerstand ontmoet. Een van hen, die op instructie uit Den Haag anoniem wil blijven, zegt: ,,Ik heb weinig vergelijkingsmateriaal, maar ik vond het die paar keer boven Servië nogal meevallen. Er wordt wel iets omhoog geschoten, maar het blijft gering. We vliegen hoog, maar de Serven hebben misschien niet alles uit de kast gehaald. Raketinstallaties staan wellicht nog verborgen in tunnels of grotten. MiGs blijven voornamelijk op de grond en we krijgen ook geen radarsignalen van beneden. Misschien hebben ze die radar uitgezet om later te gebruiken, bang dat de installaties na ontdekking getroffen worden door onze bommen.''

Nederland heeft het NAVO-commando aangeboden om ook precisiebombardementen boven Kosovo uit te voeren, maar voorlopig heeft het 322 squadron uit Leeuwarden alleen een ondersteunende taak. De mannen op de vliegbasis zijn opgetogen over het feit dat de neergekomen VS-piloot van de F17A Stealth zondagochtend door een zoek- en reddingsteam in Servië is opgehaald. ,,Het neerhalen van een vijandelijk vliegtuig of het uit de weg ruimen van luchtverdediginginstallaties is natuurlijk prachtig, maar wat je vooral wilt is terugkomen en dat is die Amerikaan gelukt,'' aldus de F16-vlieger.

Nu er dag en nacht gevlogen wordt en de Nederlandse en Belgische piloten hier al bijna tachtig missies hebben gevlogen, neemt de vermoeidheid toe. Een dokter en een psycholoog zorgen voor de begeleiding van de vliegers, maar tot nu toe is er geen bovenmatig beroep op hen gedaan. Die piloten zijn drie tot vijf uur in de lucht, maar met voorbereidingen en het verslag uitbrengen na de vlucht is meer dan tien uur gemoeid. En na alle ervaringen komt de slaap pas laat. Er zijn nu ook extra vliegers naar Amendola gekomen om de diensten te kunnen draaien. ,,Je kunt je niet veroorloven minder alert te zijn. Als we voor de bommenwerpers uit vliegen, dan moet je constant alle kanten in de gaten houden. Links, rechts, boven en onder. Zie je een raket aankomen en staat die even later stil dan weet je dat die voor jou bedoeld is, dan vliegt hij even snel als jij en moet je hem ontwijken.''

De piloot noemt de procedures om een vijandelijk vliegtuig naar beneden te halen veel te lang. Er zijn vijf ijkpunten die de NAVO heeft opgesteld voordat een raket op de tegenstander mag worden afgevuurd. Vliegende AWACS-radarstations moeten het vijandelijk vliegtuig vanaf het opstijgen gevolgd en geïdentificeerd hebben. De aanvallende piloot moet op eigen radar hebben waargenomen dat het om een vijandelijk toestel gaat. De leider van de missie moet instemmen met de actie. En er zijn nog twee voorzorgsmaatregelen die de piloot niet wil onthullen.

,,Raketten of MiGs komen eraan om je te doden. Dat realiseer je je. Je weet wat je moet doen. Dan dit, dan dat. Daar zijn we goed op voorbereid, maar dit is geen oefening. Ja, de hartkloppingen gaan soms wat sneller. Als je in de lucht zit wil je maar één ding: straks weer veilig aan de grond.''