Van Kazan tot Ivens

Het is pas geschiedenis als de laatste die het nog bewust heeft meegemaakt, is gestorven. Zondag zijn voor de 71ste keer de Oscars uitgereikt. Een van de winnaars is Elia Kazan, de grote regisseur, nu 89, die 47 jaar geleden acht vakgenoten erbij lapte. Het was de tijd dat senator Joseph McCarthy als voorzitter van de commissie voor onamerikaanse activiteiten Washington en Hollywood van communisten zuiverde. De acht van Kazan waren in de jaren dertig partijlid geweest en dat was toen voldoende om levenslang op de zwarte lijst te komen.

Buiten het feestgebouw stonden een paar honderd demonstranten, die vonden dat Kazan, ondanks al het moois dat hij heeft gemaakt, deze onderscheiding niet verdiende. Onder de demonstranten Bernard Gordon (80) en Bob Lees (86): `Die man had gewoon aan het werk moeten blijven; niet kletsen. Hij moet zijn excuses maken.' Edward Anhalt (85), toen scenarioschrijver, en nu niet naar de demonstratie gekomen, wordt geciteerd in The New Yorker: `Kazan had moeten zeggen: Dank u zeer. Toen was het controversieel, dat komt nu allemaal terug. Dat is jammer voor de Academy Award. Ik verschijn dus niet op het feest.'

Arthur Miller heeft zich in de strijd gemengd (genuanceerd), en Charlton Heston en Arthur Schlesinger jr. hebben zich laten horen (nog genuanceerder, in het voordeel van Kazan). De jaren vijftig waren terug. Als iets verjongend werkt, dan is het een injectie met een groot probleem van een halve eeuw geleden. Ik ben benieuwd naar het jaar 2040 als onder de dan 80-jarigen het vraagstuk Clinton-Lewinsky-Starr op de agenda wordt gezet. Een voorspelling: tegen die tijd krijg je daarmee niemand meer uit zijn/haar middagdutje.

In Nederland hebben we een blauwe maandag ook zo'n soort discussie gehad, nadat Frits Bolkestein de communisten van toen had opgeroepen, in het publiek te verklaren dat ze toen verkeerd hadden gekozen. Joris Ivens kwam ter sprake, natuurlijk. Hij hoefde niets te bekennen want het was op den duur zo klaar als een klontje. Als ik het me goed herinner was het de vraag of hij terecht door de minister van cultuur gerehabiliteerd was. Dat is het spiegelbeeld. Als Ivens destijds in Hollywood had gewerkt, zou hij als eerste door Kazan bij de dienst van McCarthy zijn opgegeven. En had Elia nu van een Nederlandse jury een prijs gekregen? Wij kijken niet zo nauw, Nederland is een onpolitiek land, niet alleen voor kunstenaars maar zelfs als het over politici gaat. Soms laait onze versie van de Historikerstreit weer even op maar het blijft een strovuurtje. De Nederlandse beschaving heeft vaak de hebbelijkheid, te doen alsof ze gisteren is geboren.

Een van de attracties van Amerika is dat de geschiedenis ieder ogenblik weer deel van het dagelijks leven kan worden. Op Channel 13 (te zien in New York, nog het best te vergelijken met de VPRO maar dan de hele dag en om half zes 's morgens al het halfuurtje Leer lezen) was maandag een programma Arguing the World, twee uur over het leven van een groepje 'New York intellectuals': Irving Howe, Irving Kristol, Nathan Glazer, Daniel Bell in de hoofdrollen en Norman Podhoretz, Michael Walzer en nog een paar ter ondersteuning en verklaring. Ze zijn allemaal in de jaren dertig als links radicalen begonnen, Kristol is tenslotte conservatief naast Reagan geworden, Bell een genuanceerd neoconservatief, en Howe is tot zijn dood socialist gebleven.

Ach, wat was dat een mooi programma! Niets anders dan praten, filmfragmenten van oude discussie over waarde en onwaarde van Trotski en Stalin, steun voor het volksfront, ja of nee, beelden uit de beste jaren van de Village, en de steeds ouder wordende denkers, onvermoeibare schrijvers van artikelen, oprichters van tijdschriften - en voortdurend met hun aardige, serieuze koppen. Podhoretz heeft intussen weer een boek geschreven: Ex-friends, over o.a. Allen Ginsberg, Hannah Arendt en Norman Mailer. `Afrekeningen' heet het in het Nederlands. Maar het is anders. `Ik mis mijn ex-vrienden', schrijft hij. De hartstocht van hun leven bestond uit ideëen en de kunst. Hij noemt ze `de Familie'. `En voor mij was de Familie dierbaar doordat we elkaar altijd weer zagen.'

Van de ruzie over Kazans Oscar tot het heimwee van Podhoretz (en de niet eindigende discussie over de jaren zestig gevolgd door de jaren van Reagan), het is allemaal terug te brengen tot de intellectuele continuïteit van een groot land. De geschiedenis is medespeler tot op de dag van vandaag.

In het programma over de bovengenoemde vier kwamen een paar fragmenten voor waarin Joseph McCarthy, geflankeerd door Roy Cohn, een verdachte verhoort. Het was verschrikkelijk, al zal het heilig zijn bij wat de KGB op dit gebied liet zien. Maar toch dacht ik: Kazan heeft ongelijk. Dat had hij niet moeten doen - hoewel ik hem de prijs gun.

Betrekkelijk blijft het. Dat blijkt uit de Amerikaanse kijkcijfers. Het interview met Monica overtreft de uitreiking van de Oscars met vier miljoen, wat betekent dat omstreeks 85 miljoen mensen naar Bill's femme fatale hebben gekeken.