Dameskorsetten

In de winkel van Sinkel

is alles te koop,

hoeden en petten

en dameskorsetten...

Geen winkel van Sinkel in ons dorp, maar wel een zaak waar hoeden, petten en korsetten werden verkocht. De vrouwen in die tijd kochten hun korset echter liever in een dorp verderop of in de stad. Voor het nemen van de maat moest je toch enigszins uit de kleren en dat lag toen gevoeliger dan tegenwoordig.

Wanneer ik logeerde bij mijn grootmoeder aan de Geerdijk was ik soms getuige van het aantrekken van het korset. Je zou het ook installeren kunnen noemen, want het was een hele onderneming waar ik vol verbazing naar lag te kijken. Het vleeskleurige korset, vleeskleuriger nog dan het echte vlees, werd om het middel geslagen en de randen met tientallen haakjes en oogjes aan elkaar gehaakt. Daarna werd een ingewikkelde veterconstructie aangespannen ter verkrijging van de juiste vorm. Ten slotte werden de nylon kousen aan de jarretels bevestigd die aan het korset hingen. Panty's had je toen nog niet. Over het korset, de ruime onderbroek en de bustehouder werd een onderjurk gedragen en daar weer overheen een tot aan de hals gesloten lange jurk.

Mijn grootmoeder woog rond de 100 kilo. Het korset veranderde haar in een compacte verschijning, maar wanneer zij bewoog kraakte ze altijd een beetje.

In de Ferdinand Bolstraat in Amsterdam zag ik boven een winkel een uithangbord met daarop, CAMP corsets-gaines. De eigenaresse van de zaak vertelde me dat er nog af en toe zo'n ouderwets korset besteld werd. Zij plaatste deze bestelling vervolgens bij de Fa. Basko in Amsterdam, Slotermeer, die volgens de directie als enige in Nederland nog dit product maakt. Op een rondleiding door dit bedrijf, dat tegenwoordig in hoofdzaak bandages en orthopedische hulpmiddelen maakt, konden enkele corsetten getoond worden, die men uit voorraad leverde. Basko importeerde voor de Tweede Wereldoorlog de Camp korsetten uit de Verenigde Staten en is deze vanaf '46 in licentie zelf gaan fabriceren. Andere merken in die tijd waren Wala, Pastunette en Maxis.

Werd in de vorige eeuw het korset voornamelijk in de hogere kringen gedragen, in deze eeuw zagen we de verspreiding van het korset naar de lagere standen, zowel in de stad als op het platteland, met als hoogtepunt de jaren 1955 tot 1965, toen een fabriek als Basko er zo'n 50.000 stuks per jaar produceerde. Dames van stand stapten overigens sinds de jaren twintig steeds vaker over op corselet en step-in. Een belangrijk verkoopargument was in deze periode het gezondheidsaspect. Het korset zou het lichaam zijn natuurlijke houding teruggeven, waardoor de organen optimaal functioneerden en de vrouw zich fitter en gezonder zou voelen.

De korsetten werden aangemeten door gediplomeerde corsetières. De examens werden door artsen afgenomen en een diploma gaf de Camp-corsetières recht op het dragen van een speld met een geel kruis en de tekst `Camp registered fitter'. In het hele land werden voorlichtingsbijeenkomsten georganiseerd door verkopers in witte jassen.

Natuurlijk was het corrigeren van een uitgezakt figuur ook een argument. Zo zag ik een advertentie uit die tijd met een tekening van een man die kijkt naar een vrouw met een onwaarschijnlijk slanke taille en opmerkt: `Ik wed, zij draagt een CAMP corset'.