Buurlanden bang voor wraak

In de buurlanden van Joegoslavië heerst de vrees te worden meegezogen in de oorlog.

In de Macedonische hoofdstad Skopje was het gisteren raak: tweeduizend betogers bestormden diverse ambassades, vernielden auto's van die ambassades of van de OVSE (die zich uit Macedonië terugtrekt), joegen journalisten op de vlucht, riepen leuzen tegen de NAVO en staken Amerikaanse vlaggen in brand. De meeste demonstranten waren lid van de kleine Servische minderheid in Macedonië, die op de hand van het regime in Belgrado is. Maar ook Macedonische jongeren deden aan de rellen mee.

De kwaadheid van die Macedoniërs vormt een illustratie van de angst betrokken te raken bij de oorlog in het noorden. Macedonië is kwetsbaar: het heeft geen leger dat die naam verdient. Bovendien herbergt het twaalfduizend NAVO-soldaten. Een deel van die strijdmacht was bedoeld om OVSE-waarnemers uit Kosovo te evacueren, een ander deel was bedoeld als voorhoede van de NAVO-vredesmacht in Kosovo.

In Skopje heerst de angst dat de Serviërs vanuit Kosovo die NAVO-strijdmacht gaan beschieten uit wraak voor de luchtacties. Die angst wordt vertaald in anti-Amerikaanse en anti-NAVO-gevoelens. Denkbeeldig is de angst allerminst: de verleiding moet groot zijn voor de Serviërs, want de NAVO-soldaten zijn door hun locatie makkelijk vanuit Kosovo te beschieten: in Kumanovo, in het noorden, niet ver van de grens met Kosovo, ligt een contingent van 2.300 Fransen; in Tetovo, in het noordwesten, zijn 3.600 Duitsers gelegerd en in Petrovec, bij Skopje, zijn 3.800 Britten gestationeerd. Bovendien liggen de kazernes van deze NAVO-soldaten midden in de stadscentra: één uit wraak afgevuurde Servische raket kan Macedonische levens kosten. De Macedonische premier, Ljupco Georgijevski, heeft gisteren herhaald dat de NAVO bij haar aanvallen op Joegoslavië geen gebruik maakt van bases in Macedonië, maar of dat de woede van Belgrado bezweert is de vraag.

In Albanië en Bulgarije bestaat eveneens angst voor wraakacties van de Serviërs. Albanië heeft de grootste troepenmacht in zijn recente geschiedenis langs de grens met Kosovo samengetrokken om een overslaan van de oorlog te voorkomen. Regelmatig komen Servische raketten aan de Albanese kant van de grens terecht.

Bulgarije is niet bij de luchtacties van de NAVO betrokken, maar is het er wel mee eens. De vrees is ook hier dat de Serviërs daarvoor de rekening presenteren. Hoewel Sofia bezweert dat allerlei veiligheidsmaatregelen zijn genomen, houden de Bulgaren rekening met het ergste. En dat ergste is zonder twijfel de mogelijkheid dat de Serviërs de kerncentrale van Kozlodoej in het noordwesten van Bulgarije – binnen het bereik van Servische raketten – beschieten. Volgens een peiling van gisteren voelt 52,4 procent van de Bulgaarse stedelingen zich bedreigd.

Roemenië, traditioneel pro-Servisch, heeft minder redenen te vrezen voor Servische wraakacties. Niettemin klinkt in de koppen van de kranten van gisteren paniek door. ,,Oorlog aan de grenzen van Roemenië'', kopte het blad Na¸tional. ,,Hel op de Balkan'', schreef Curientul. ,,Gaat de Derde Wereldoorlog beginnen?'' vroeg Libertatea zich af. En Curientul na¸tional hield het op ,,De Balkan in vlammen''. De Roemeense dilemma's werden het best verwoord in het blad Evenimentul zilei: ,,Roemenië kan niet afzien van zijn wens in de NAVO te integreren, maar kan ook niet doen alsof het niet naast Joegoslavië ligt.''

In Bosnië bestaat de vrees dat de Bosnische Serviërs in de Servische Republiek overgaan tot hun eigen wraakneming: op de SFOR-soldaten die toezien op de naleving van het Dayton-akkoord. Her en der is sprake van aanslagen op gebouwen en voertuigen van SFOR, maar tot nu toe blijven ze beperkt.

In Hongarije groeit de zorg om het lot van de Hongaarse minderheid in de Vojvodina, in het noorden van Servië, zeker nu ook in de Vojvodijnse hoofdstad Novi Sad installaties van het Joegoslavische leger zijn gebombardeerd. De Hongaarse minderheid is al jaren het slachtoffer van een geruisloze `etnische zuivering': Hongaren moeten wijken voor uit Kosovo, Kroatië of Bosnië gevluchte Serviërs. De Amerikaanse gezant Richard Holbrooke zei gisteren in Boedapest dat speciale garanties voor de veiligheid van de Vojvodijnse Hongaren niet zijn te geven, om daar direct aan toe te voegen dat het bewind in Belgrado wel goed moet uitkijken voor het overgaat tot acties tegen de Hongaren in Servië.