Stoornissen onbehandeld

Van de psychisch zieke Nederlanders wordt ten minste 88 procent niet behandeld. Hoe komt dat? En is het erg, of gaat het toch voor een groot deel om `welvaartsproblemen'?

Bijna een kwart van de volwassenen in Nederland, 23,5 procent, heeft volgens de formele klinische criteria een psychiatrische aandoening, bleek eind 1997 uit onderzoek van het Trimbos-instituut. Depressies, fobieën en verslaving komen het meest voor. Slechts drie procent van de Nederlanders maakt echter gebruik van de geestelijke gezondheidszorg (GGZ), volgens het vandaag verschenen Handboek Psychiatrische Epidemiologie. ,,En dan zijn er ook nog mensen die niet psychiatrisch ziek zijn volgens standaardcriteria, en die toch hulp krijgen van de GGZ'', aldus psychiatrisch-epidemioloog A. de Jong, een van de samenstellers van het Handboek. Veel voorkomende klachten als overspannenheid en burnout zijn officieel geen psychiatrische aandoeningen.

Ruim 88 procent van de mensen die volgens de klinische standaard psychisch ziek zijn, wordt niet behandeld. Waarom vinden die mensen geen hulp? De Jong: ,,Eerst moeten mensen zich realiseren dat ze iets mankeren. Dan moeten ze ermee naar de huisarts. Die moet herkennen dat er sprake is van een psychische aandoening en beslissen om de persoon te verwijzen naar de GGZ. Bij elk van die stappen kan iets misgaan. Soms is het een symptoom van de aandoening die mensen hebben om geen hulp te zoeken, zoals bij een man die niet onder hoogspanningskabels door durfde te reizen. Hij woonde in een driehoek van die kabels en de dichtstbijzijnde GGZ-instelling lag erbuiten. Anderen hebben met hun stoornis leren leven, of lopen niet zo hard naar de GGZ omdat er nog steeds een stigma rust op psychische problemen. En mensen die vaak last hebben van somberheid en merken dat er weer zo'n periode komt, kunnen denken: ik neem maar een pil en dan is het weer over tot de volgende keer. Dat kan een heel verstandige stap zijn. En sommige huisartsen vinden psychische klachten maar aanstellerij, of ze zien het gewoon niet. Ik ken een schizofrene zoon van een huisarts. Die man heeft nooit doorgehad wat er met zijn zoon was.''

Je kunt je ook afvragen of je alle mensen met een psychiatrische aandoening eigenlijk wel als ziek moet beschouwen. De Jong: ,,Voor een deel is het inderdaad een glijdende schaal. Mensen kunnen stemmen horen als ze psychotisch zijn, maar er zijn ook mensen die `stemmen horen' omdat dat past in de manier waarop ze de wereld bekijken. Vooral bij lichte psychische aandoeningen is de grens tussen normaal en ziek niet altijd duidelijk. Voor een deel gaat het ook om levensproblemen, waar mensen vroeger mee naar de kerk gingen. Bij de vraag of iemand hulp nodig heeft, is de officiële DSM-diagnose minder belangrijk. Dat moet je laten afhangen van de klachten die de mensen zelf hebben en de gevolgen voor hun dagelijks leven, hun gezin, hun werk.''

Er zijn ook maatschappelijke gevolgen. Wanneer heeft iemand die psychisch ziek is recht op een WAO-uitkering? Zit er iets in om mensen met lichte psychische klachten te weren uit de WAO, zoals de VVD onlangs opperde?

Psychiatrisch-epidemioloog De Jong: ,,Dat voorstel van de VVD vond ik schandelijk. Het is niet mogelijk om een goede schifting maken tussen mensen die écht iets hebben, en mensen die het leuk vinden om niets te doen en daar een maandelijkse uitkering bij te krijgen. Sommige schizofrenen kunnen redelijk normaal functioneren bij de gratie van de WAO, maar alleen al bij de gedachte dat ze bij een herkeuring zouden worden goedgekeurd, kunnen ze terugvallen in hun oude problemen. Dat neemt niet weg dat bijvoorbeeld overspannen mensen er helemaal niet bij gebaat zijn om in de WAO te komen. Die kun je beter zo snel mogelijk behandelen; hoe langer ze thuiszitten, hoe moeilijker het is om weer aan het werk te komen.''