Spanning nu gebroken in Amendola

Vanochtend zijn opnieuw zes Nederlandse en twee Belgische F16's ingezet vanaf de Italiaanse luchtmachtbasis Amendola voor luchtverdediging boven Servië en voor de bescherming van andere NAVO-vliegtuigen.

De Koninklijke Luchtmacht heeft een ondersteunende taak bij de aanvallen op Servië en Kosovo. Sinds gisteravond zes uur hebben de Nederlandse F16's tien missies uitgevoerd, de Belgische luchtmacht vier. Alle vliegtuigen zijn, twee aan twee vliegend, behouden teruggekeerd op basis Amendola.

Een aantal Nederlandse F16's is vannacht en vanochtend `aangestraald' (ontdekt) door Servische radar. Maar het luchtafweer hebben de piloten kunnen ontwijken, onder meer door het afwerpen van zilverfolie om de radar in verwarring te brengen. Detachementscommandant van het 322 squadron uit Leeuwarden, overste John Abma, noemt het Servische luchtafweer `sterk' en waarschuwt er voor dat de risico's ook voor zijn eigen vliegers nu veel groter zijn dan bij de bombardementen boven Bosnië in 1995. De Serviërs beschikken daarnaast ook nog eens over 29 moderne MiG29-toestellen, waarvan er gisteravond en vanochtend een aantal in de lucht was.

Het 322 squadron, nu aangevuld met personeel van het 323 squadron, was lang voorbereid op de acties van vannacht en vanochtend. De vliegtuigen uit Leeuwarden kwamen op 5 januari aan in Amendola, honderd kilometer ten noorden van Bari. Zij moesten de basis in Villafranca verlaten, omdat de Italianen klaagden over geluidsoverlast en de startbaan gerepareerd moest worden. Sinds de vliegers in Amendola zijn, hebben ze vaak getraind met de Amerikanen en de Britten. Daarnaast voeren de Nederlandse vliegers vanuit Amendola ook nog verkenningsmissies uit boven Bosnië en blijven daar ook nu het luchtruim controleren.

Nederland heeft samen met het Belgische contingent hier op basis Amendola een ondersteunende taak. Voorlopig zullen Nederlandse vliegers niet worden ingezet voor bombardementen, omdat ook na de recente opknapbeurt van een aantal F16's de Nederlandse luchtmacht nog steeds niet beschikt over precisieapparatuur om 's nachts met succes te kunnen bombarderen.

Wel beschikken de Nederlandse vliegers over moderne AMRAAM-anti-vliegtuigraketten, die radargestuurd gebruikt kunnen worden om vijandelijke vliegtuigen tot op een afstand van 25 kilometer in de lucht uit te schakelen. Overste Abma verwacht dat de missies voor de Nederlanders ,,dagen tot weken'' kunnen gaan duren. Hij is niet teleurgesteld in de ondersteunende taak die Nederland nu moet uitvoeren. ,,Je moet het zo zien, wij zijn onderdeel van een groter geheel en dat is wat telt. Wij blazen ons partijtje hier aardig mee en dat kun je zien en horen.''

De vliegers zelf, en het overige Nederlandse personeel op de basis, hebben een spreekverbod sinds de acties hier gisteravond om zes uur zijn begonnen. Overste Abma zegt dat de 150 Nederlanders in Amendola de laatste dagen onder grote spanning hebben gewerkt. Maar nu twintig toestellen al veilig van hun missies boven Servië, de omliggende landen en boven de Adriatische zee zijn teruggekeerd' heerste er vanochtend een gevoel van opluchting bij de mannen en vrouwen van het 322/323 squadron. En je ziet die spanning meer en meer verdwijnen.

Dat was vanochtend ook duidelijk te zien langs de zogenoemde flightline waar de F16's, 26 in totaal, voor hun vluchten worden klaargemaakt. De flightmasters troffen in alle rust maatregelen om de teruggekeerde vliegtuigen voor nieuwe missies uit te rusten. Soms werden brandstoftanks verwisseld, werd elektronica vervangen en Sidewinder-raketten voor luchtverdediging onder de vleugels gehangen.

Boven de stalen containergebouwtjes achter de grote zandheuvels die het geluid van de vliegtuigen moeten dempen, was luchtmachtpersoneel bezig camouflagenetten op te hangen. Niet omdat er een verhoogde staat van alarm is op de luchtmachtbasis Amendola, maar ter voorbereiding op de vaak zeer warme zomers in het zuiden van Italië.