Nederlandse militairen in crisisgebied

In en rond het crisisgebied op de Balkan nemen ook Nederlandse militairen deel aan de NAVO-operatie die gisteren in gang is gezet.

Op dit moment zijn bijna tweeduizend Nederlandse militairen op of rond de Balkan gestationeerd: in Italië, Macedonië, Bosnië en op de Adriatische Zee. Slechts een gedeelte van hen is rechtstreeks betrokken bij operatie Allied Force.

Vanaf de Italiaanse NAVO-luchtmachtbasis Amendola opereren zestien F16 jachtbommenwerpers van 322 squadron van de vliegbasis Leeuwarden met versterking van personeel van het 323. Vanmorgen is vanaf Leeuwarden dertig man extra personeel ingevlogen, waarmee het totale aantal vliegers en ondersteunend personeel op tweehonderd uitkomt. De Nederlandse F16's voeren vooralsnog geen bombardementsvluchten uit, maar hebben vooral een verdedigende taak.

Op de luchtmachtbasis Sigonella op Sicilië is een Orion-patrouillevliegtuig van vliegkamp Valkenburg gestationeerd. Het toestel wordt gevlogen en ondersteund door twintig man personeel en wordt op dit moment ingezet voor verkenningsvluchten rond het crisisgebied.

In de Adriatische zee patrouilleert het fregat Bloys van Treslong uit Den Helder met 165 opvarenden. Het schip biedt luchtbescherming aan de NAVO-schepen die in het gebied opereren.

In Macedonië bevinden zich 235 Nederlandse militairen, die deel uitmaken van de Extraction Force. Deze NAVO-macht werd in december vorig jaar geformeerd om in geval van nood OVSE-waarnemers uit Kosovo te evacueren. Drie zware Chinook-transporthelikopters van de Tactische Helikoptergroep in Soesterberg, ondersteund door vijftig man personeel, opereren vanaf de basis Petrovac in de buurt van de Macedonische hoofdstad Skopje. Daar bevinden zich ook 81 manschappen van het 11e pantsergeniebataljon uit Wezep.

Sinds maart is op verschillende locaties in Macedonië een mortieropsporingsbatterij uit Nunspeet `ontplooid', die bestaat uit dertig man.

De rest van de Nederlandse militairen in Kosovo bestaat uit staf- en bewakingspersoneel, die zich onder anderen bevinden op het hoofdkwartier in Kumanova.

In Bosnië zijn nog steeds 1.353 Nederlandse SFOR-militairen, die toezien op de naleving van de vredesakkoorden van Dayton. De hoofdmoot van deze strijdmacht wordt gevormd door de zeventiende gemechaniseerde brigade fuseliers Prinses Irene uit Oirschot en is verdeeld over verschillende locaties.

Op de vliegbasis Tuzla zijn twee Apache-gevechtshelikopters van de tactische helikoptergroep uit Gilze-Rijen gestationeerd. De helikopters worden ondersteund door zeven man personeel.