Matchwinnaar Sibon blijft stiefkind Ajax

De verslaggever van Radio Drenthe had een juist voorgevoel toen hij gisteravond per auto afzakte naar de Kop van Overijssel. Hij had speciale belangstelling voor zijn streekgenoot Gerald Sibon, die tot veler verrassing mocht invallen in de bekerwedstrijd tegen FC Zwolle. De verloren zoon van Ajax, afkomstig uit het Drentse dorp Dalen, was nog geen minuut in het veld of hij zorgde voor de zwaarbevochten 2-1 overwinning. ,,Jammer dat we de camera zijn vergeten'', sprak de radioverslaggever tegen een Drentse collega.

Dankzij de subtiele voetbeweging van Sibon speelt Ajax volgende maand in de halve finale van het nationale bekertoernooi een thuiswedstrijd tegen Feyenoord. Maar de matchwinnaar maakte geen dolgelukkige indruk in de catacomben van stadion Oosterenk. Geconfronteerd met alle aandacht van de media maakte hij enkele afwerende gebaren. ,,De meeste journalisten zijn hypocriet'', sprak hij tegenover de verslaggever van Radio Drenthe. ,,Eerst ziet niemand me staan en nu krijg ik alle aandacht op me gericht. Mijn vrienden hoeven zoiets niet te flikken.''

De cynische woorden kwamen uit de mond van een gefrustreerde voetballer. Sibon had zijn laatste officiële wedstrijd op 28 oktober 1998 gespeeld. In het bekerduel tegen de amateurs van UDI'19 kwam hij als een van de weinige Ajacieden niet tot scoren: uitslag 9-1. Sindsdien trainde hij als een bezetene, maar speelde hij noodgedwongen in het tweede elftal. Temidden van de aankomende talenten, voor het oog van een handjevol toeschouwers, kon hij zich op maandagavond uitsloven. Het lot van een overbodig bevonden 24-jarige beroepsvoetballer: stinkend rijk, maar niet gelukkig.

Het gebrek aan wedstrijdritme was gisteravond alleen merkbaar aan zijn opgewonden ademhaling tijdens de interviews. Na een half uurtje scoren en kaatsen sjokte hij als een zwetend paard naar de kleedkamer. Terwijl hij zijn noppen onophoudelijk tegen de muur van de wandelgang tikte, gaf hij tekst en uitleg over zijn doelpunt. ,,Die vrije trap was een perfect moment om in te vallen. Ik kreeg de bal voor het intikken. Dat noemen ze Torinstinct, geloof ik.''

Als topscorer van achtereenvolgens VVV en Roda JC maakte Sibon tussen 1994 en 1997 veel indruk in Limburg en omstreken. Zijn baltechniek en veldoverzicht vielen in de smaak bij de scouts van Ajax. In Amsterdam moest hij als centrumspits concurreren met de Georgiër Shota Arveladze en de Zuid-Afrikaan Benni McCarthy. Sibon scoorde vorig seizoen slechts twee keer in dertien competitiewedstijden. Dit seizoen was er zelfs geen plaats op de reservebank voor hem weggelegd. Hij mocht op zoek naar een andere club, hij was te koop voor vijf miljoen gulden. Afgelopen winter was hij bijna rond met AZ, maar de Alkmaarse club kwam uiteindelijk een miljoen tekort voor de overname. Sibon hervatte zijn werk met een zwaar gemoed.

,,Ik heb zes, zeven maanden in de malaise gezeten'', keek hij terug. Vitesse wilde hem huren van Ajax, maar daarvoor gaf het bestuur van de Amsterdamse club geen toestemming. Sibon sprak gisteravond weinig lovend over de werkwijze van zijn werkgever. Zelfs een compliment van trainer Jan Wouters, die hem een goed alternatief noemde voor de zwak spelende Benni, kon het chagrijnige gezicht van Sibon niet opfleuren. ,,Ik heb zoveel nare dingen meegemaakt. Het is moeilijk om die na één doelpunt te vergeten. En de kans is groot dat ik volgende week weer op de tribune mag plaatsnemen. Ook al ben ik nog zo scherp.''

Sibon doelde op de terugkeer van Arveladze, die gisteravond afwezig was wegens interlandverplichtingen. De wendbare Georgiër is de eerste keus voor de spitspositie bij Ajax. Volgens Wouters valt de tweede keus niet langer in het voordeel van de hoekige Benni uit. ,,Ik werd niet vrolijk van zijn spel, om het eens zachtjes uit te drukken. Als het moet zal ik niet schromen stevig in te grijpen'', sprak de trainer dreigende taal. Betekende deze zinspeling een nieuwe kans voor de slungelachtige Sibon? Wouters: ,,Gerald is heel goed bezig op de training. Maar als ik hem weer een kans zou geven, vertel ik hem dat liever zelf.''

Wouters noemde het gebrek aan handelingssnelheid de grootste handicap van Sibon. Hij is geen snelle aanvaller en zijn wendbaarheid laat te wensen over. Maar de verbeteringen zijn zichtbaar. Nog geen drie maanden na zijn aanstelling heeft Wouters weer een beetje vertrouwen in Sibon. De Utrechtse kuitenbijter herkent zijn eigen aanpassingsproblemen, toen hij in 1986 voor Ajax ging spelen. ,,Ik had drie maanden nodig om te wennen. Op de training heb ik me kunnen waarmaken. Ik deinsde niet terug voor al die grote namen.''

Sibon staat bij Ajax bekend om zijn schuchterheid. In de kleedkamer bij FC Zwolle was hij gisteravond allesbehalve een stralend middelpunt. Hij lachte besmuikt om de voetbalhumor van Danny Blind en Edwin van der Sar die zijn winnende doelpunt als een toevalstreffer bestempelden. De verslaggever van Radio Drenthe was verrast door de verlegenheid van zijn streekgenoot. ,,In Dalen stond hij bekend om zijn grote mond. Maar ja, Dalen is geen Amsterdam.''