Ieder huis krijgt zijn eigen energiecentrale

De wereld staat een revolutie op energiegebied te wachten, voorspelt specialist Ch. Flavin van het Amerikaanse Worldwatch Institute. Duurzame energie groeit, kernenergie is te duur en ieder huis krijgt zijn eigen energiecentrale.

Windenergie is wereldwijd de snelst groeiende energiebron, met als goede tweede de fotovoltaïsche opwekking van elektriciteit met zonnepanelen. Een geruststellend gegeven, vindt Christopher Flavin, senior vice-president van de in Washington gevestigde en gezaghebbende milieu-organisatie Worldwatch Institute. ,,Het gebruik van fossiele brandstoffen heeft zijn langste tijd gehad'', zegt Flavin in een vraaggesprek. ,,Binnen twintig jaar zullen de beschikbare voorraden gaan dalen. Het is nu zaak om de zeilen bij te zetten en over te schakelen op duurzame energiebronnen.''

Afgelopen week bezocht Flavin Brussel om het zojuist verschenen jaarboek The State of the world te presenteren. In een lezing voor de energiedeskundigen uit het Europese parlement wees hij erop dat windenergie is sommige situaties nu al goedkoper is dan elektriciteit van met kolen gestookte centrales.

Dankzij technologische vernieuwingen zijn er nog verdere kostenreducties te verwachten. Want in tegenstelling tot kolen- of gascentrales zijn windturbines massaproducten, waarvoor geldt dat naarmate de productie-omvang groeit, de kostprijs zal dalen.

,,Het afgelopen jaar steeg het vermogen aan windenergie met 2.100 megawatt, 35 procent meer dan het jaar ervoor. In totaal zal de door windturbines op te wekken elektriciteit oplopen tot 9.600 megawatt aan het eind van dit jaar, een verdubbeling vergeleken met drie jaar eerder'', vertelt Flavin.

Niet alleen is windenergie de snelst groeiende energiebron, het is ook een van de snelst groeiende industrieën. Vorig jaar is er voor 4 miljard gulden aan turbines en toebehoren verkocht, waarvan de helft door koploper Denemarken. Duitsland voegde de meeste megawatts (800) toe aan de bestaande capaciteit van totaal 2.800.

Dat er de laatste tijd in sommige landen, waaronder Nederland, onder het mom van `horizonvervuiling' verzet is tegen plaatsing van windturbines, is volgens Flavin vooral te wijten aan de gevolgde strategie. ,,In verschillende landen bestaan controverses over windturbines. Cruciaal lijkt te zijn wie de eigenaar van de turbine is. Een boer die zelf een molen plaatst hoor je nooit klagen. Er is wereldwijd een enorme hoeveelheid land beschikbaar waar het installeren geen problemen zal opleveren. Maar voor dichtbevolkte landen zal plaatsing op zee vaak een aantrekkelijker optie zijn.''

Hoewel de groeicijfers indrukwekkend zijn, is het aandeel van wind en zon-PV (stroomopwekking met zonnecellen, van het Engels photovoltaic) op mondiaal niveau nog bescheiden.

Volgens gegevens van het Worldwatch Institute dragen duurzame energiebronnen momenteel 19 procent aan de mondiale energievoorziening bij, maar het leeuwendeel hiervan komt voor rekening van `traditionele' duurzame bronnen als biomassa (bijvoorbeeld hout in ontwikkelingslanden) en waterkracht. Maar dit beeld kan volgens Flavin snel veranderen. ,,Kijk maar naar de astronomische groei van de markt voor PC's en mobiele telefoons. Natuurlijk zijn de markten onderling niet geheel vergelijkbaar, want iemand die een PC of mobiele telefoon koopt, koopt in feite een stuk comfort. Voor mensen die een aansluiting op het elektriciteitsnet hebben, voegt de aanschaf van bijvoorbeeld een windturbine niet veel toe. Maar voor ontwikkelingslanden ligt de situatie onmiddellijk totaal anders, want daar speelt wind en zon-PV een belangrijke rol in de stroomvoorziening.'' En vooral daar zal volgens Flavin de voornaamste groei aan duurzame energiebronnen plaatsvinden.

Hij wijst bijvoorbeeld op China, waar een gigantisch potentieel aan windenergie te realiseren is. Maar juist dit land heeft, als een van de weinige landen ter wereld, ook een ambitieus programma op het gebied van kernenergie op stapel staan. ,,Uit recente cijfers blijkt dat het totale vermogen van de kerncentrales wereldwijd gedaald is met 175 megawatt. Een historische gebeurtenis, want kernenergie is daarmee van de snelst groeiende industrie in de jaren zeventig veranderd in de energiebron met de minst snelle groei. Het grootste probleem van kernenergie is economisch van aard. Het is gewoonweg niet langer concurrerend met andere bronnen van elektriciteitsopwekking.''

Flavin wijst er op dat de laatste twintig kerncentrales die in de VS zijn gebouwd, tussen 3.000 en 4.000 dollar per kilowatt opgewekt vermogen kosten. Met de bouw van nieuwe warmtekrachtinstallaties is een bedrag van 400 tot 600 dollar per kilowatt gemoeid, windturbines kosten 1.000 dollar per kilowatt.

,,Het probleem met China is daarbij, dat het een enorm land is, waarbij transport van elektriciteit allesbehalve eenvoudig is. Een decentrale energievoorziening, gebaseerd op lokaal gestationeerde duurzame energiebronnen, ligt dan ook veel meer voor de hand.''

Maar ook in de geïndustrialiseerde dichtbevolkte landen zal de toekomstige energievoorziening decentraal van aard zijn. Kleinschalige warmtekrachtinstallaties, brandstofcellen en zonnepanelen op het dak zullen voor het grootste deel van de benodigde elektriciteit zorgdragen. Door gebruik te blijven maken van een elektriciteitsnet is bij een surplus aan opgewekte elektriciteit opslag in accu's niet direct noodzakelijk.

En als er op decentraal niveau opslag nodig is, dan liever via het maken van waterstof via elektrolyse. Hoewel de techniek momenteel nog veel te duur is, zou dit meteen een oplossing kunnen bieden voor de vervanging van benzine of diesel.

Want niet alleen heeft iedereen straks de beschikking over een eigen energiecentrale, maar ook over een eigen `benzine'-pomp, die waterstof levert voor de elektrisch aangedreven auto.

IJsland heeft inmiddels de eerste stappen naar een `waterstof'-economie al gezet. In samenwerking met Daimler-Benz en brandstofcelfabrikant Ballard Power Systems zal zowel de vissersvloot als het wegverkeer omschakelen op waterstof – en eventueel methanol - als brandstof.