Detaillisten vrezen komst outletcentres

Outletcentres worden het nieuwste fenomeen in de Nederlandse detailhandel, als het aan twee projectontwikkelaars ligt. Een nieuw afzetkanaal voor fabrikanten van merkartikelen en een trekpleister voor koopjesjagers. De gevestigde detailhandel bekijkt het met argwaan.

Twintigduizend vierkante meter merkkleding, ten minste 30 procent goedkoper dan in normale winkels en allemaal onder één dak. Als het aan een tweetal projectontwikkelaars ligt, verschijnen dit soort winkelcentra binnen enkele jaren aan de rand van Lelystad, Goes en Roermond. In zogeheten `outletcentres' krijgen fabrikanten als Nike, Levi's, Armani en Benetton een eigen winkel waar ze hun restpartijen aan de man kunnen brengen.

Volgend jaar zal in Lelystad het eerste outletcentre van Nederland zijn deuren openen. De gemeenteraad van Lelystad heeft al ingestemd met de komst van het `Factory Outlet Village', dat wordt ontwikkeld door Stable International uit Amersfoort.

Het outletcenter in Lelystad wordt een soort dorpje waar elke straat een eigen karakter krijgt, vertelt Stable-directeur W. Veldhuizen. ,,Er worden geen dump- of discountartikelen verkocht, maar restpartijen en seizoensoverschotten: kleding die bijvoorbeeld niet meer de laatste mode is of die kleine oneffenheden vertoont.'' In de outletcentres zijn niet naast kledingwinkels ook horecagelegenheden te vinden.

Het Brits-Amerikaanse BAA McArthurGlen heeft soortgelijke plannen in Roermond en Goes, waar het `Designer Outlet Centres' van de grond wil tillen. ,,De gemeenten moeten er nog mee instemmen'', verklaart directeur A. Roud. Het bedrijf exploiteert in de Verenigde Staten en Engeland al met succes een groot aantal van dit soort ondernemingen, en ook in Oostenrijk en Frankrijk zijn inmiddels vestigingen te vinden.

Via de outletcentres kunnen fabrikanten het `grijze circuit' in de hand houden, legt een woordvoerder van BAA McArthurGlen uit. Restpartijen gingen en gaan vaak naar Oost-Europa en Azië, maar komen door de open grenzen gemakkelijk terug. Die goedkope partijen concurreren vervolgens de doorgaans veel hoger geprijsde actuele merkartikelen. Via outletcentres kunnen fabrikanten veel beter controle over de afzetkanalen houden.

De outletcentres worden bewust niet te dicht bij de grote steden gevestigd, waar producenten van merkartikelen vaak al eigen winkels hebben, zegt de woordvoerder van BAA McArthurGlen. ,,Ze zouden zichzelf anders in de vingers snijden. Nike verkoopt zijn schoenen toch liever voor de volle prijs.''

De gemeenten zijn inmiddels behoorlijk verguld met de outletcentres. Ze verwachten binnen hun grenzen een stimulans voor de werkgelegenheid met zo'n zevenhonderd arbeidsplaatsen. Ze gaan er ook van uit dat de centra zich tot een toeristische attractie zullen ontwikkelen. Van de bezoekers – naar verwachting twee tot vier miljoen per vestiging per jaar – komen er ook velen naar de binnensteden, hopen de gemeentebestuurders.

Ondernemers staan minder hard te juichen: ze vrezen dat een deel van hun omzet naar de centres gaat. In Lelystad moesten ze met reizen naar outletcentres in het buitenland worden overtuigd, en ook in Goes bestaat de nodige scepsis.

,,Omzetdaling heeft onherroepelijk gevolgen. Ik sluit faillissementen niet uit'', voorspelt Th. Visser, adviseur van de Ondernemersorganisatie Goes. Hij is niet onder de indruk van argumenten voor een outletcentre in Goes. Van de zevenhonderd banen die BAA McArthurGlen voorspelt, zullen er maar driehonderd gerealiseerd kunnen worden, voorspelt hij. Bovendien is het lastig om medewerkers te vinden in de regio Goes. ,,Dat weet ik uit eigen ervaring.''

De veronderstelling dat bezoekers van het outletcentre tevens naar de binnenstad van Goes zullen trekken verwijst Visser naar het rijk der fabelen. ,,De gemeente Delft heeft nauwelijks extra bezoek gehad in de binnenstad door de komst van een Ikea-vestiging.'' Hetzelfde geldt voor Eindhoven, dat weinig extra bezoekers in zijn centrum kreeg na de opening van een woonboulevard aan de rand van de stad.

Bij ondernemers in Roermond bestaan ook bezwaren, weet P. Dormans van de Kamer van Koophandel Midden-Limburg. ,,De detaillisten zullen de komst van een outletcentre zeker voelen, want er vinden veranderingen in de koopstromen plaats.''

De vereniging van ondernemers in de modedetailhandel Mitex is ,,niet echt blij'' met de komst van de centra, zegt een woordvoerder. ,,Hoe je het ook wendt of keert, het komt neer op een extra afzetkanaal voor de fabrikanten en dat gaat ten koste van de omzet in de reguliere detailhandel.''

De Mitex-zegsman gelooft niet dat een grote toevloed van klanten naar de outletcentres positieve gevolgen heeft voor `gewone' ondernemers. ,,Elke gulden kan je maar een keer uitgeven. En ik vraag me af of consumenten wel zo'n onderscheid maken tussen de laatste mode en artikelen uit het vorige seizoen. Hoe seizoensgebonden is een spijkerbroek?''