De telescoop van kapitein Nemo

`Beter één bril die past dan tien tot uw last', luidt de tekst van een oude zwart-wit affiche waarop een bebrilde 65-plusser een bezoek aan de opticien aanbeveelt. De affiche wordt samen met honderden optische objecten aangeboden op de tweedaagse veiling `Optica en religieuze kunst' bij Glerum in Amsterdam. In de grote, hoge veilingzaal ligt bijna de hele geschiedenis van de optiek vanaf de 17de eeuw uitgestald: brillen in allerlei soorten en maten, verrekijkers, microscopen, caleidoscopen, prenten, uithangborden tot en met dozen met glazen ogen, zoals 19de-eeuwse oogartsen ze gebruikten.

,,De collectie komt van een Nederlander die alles verzamelde wat met kijken te maken heeft'', vertelt veilingmeester J.P. Glerum. ,,Hij had zelfs mensen in China die voor hem naar brillen en hoezen zochten, daarom hebben we hier honderden Chinese exemplaren.

Aantrekkelijk is het optisch speelgoed: 19de-eeuwse kijkdozen, Franse toverlantaarns, kleurige caleidoscopen en Engelse `peep-shows' - destijds nog onschuldige kijkkasten met plaatjes van landschappen en steden. De wetenschap komt onder meer aan bod in wetenschappelijke boeken, microscopen en lange telescopen zoals die waardoor Jules Verne's kapitein Nemo de zeeën aftuurde. Het uitgaansleven is vertegenwoordigd met 18de- en 19de-eeuwse toneelkijkers en spy-glasses, waarmee men in het theater zo handig met één oog de loges af kon loeren. Ze zijn er in alle soorten en maten, van ivoor, paarlemoer, schildpad en vaak ook van fraai beschilderde roggen- of haaienhuid. De schattingen lopen van enkele tientjes tot 1.500 gulden (hoogste richtprijs), maar het gros is geprijsd op enkele honderden guldens.

De bril zoals wij die nu kennen is vermoedelijk ontstaan in Venetië. Het begon met losse lenzen die men voor de ogen hield. Daarna kwam de pince-nez: twee lenzen verbonden door een veer. Om hem minder pijnlijk en wiebelig te maken werden er soms verticale monturen aan bevestigd, die onder de pruik konden worden vastgemaakt. Voorbeelden daarvan komen ook ter veiling.

Verder zitten in de collectie mooie exemplaren van de face à main, de bril met handgreep die tussen 1723 en 1730 in Venetië en aan het Franse hof in de mode kwam, ook bij mensen die geen oogcorrectie nodig hadden. De oudste brillen op de veiling komen uit Neurenberg. Het zijn omstreeks 1700 gemaakte knijpbrilletjes die per twee stuks 1.600 tot 2.000 gulden moeten opbrengen. De recentere geschiedenis is vertegenwoordigd met een aantal uitzinnige `Dame-Etna-brillen' uit de jaren vijftig.

Kijkdagen en veiling worden gehouden in de nieuwe behuizing van Glerum, een voormalige synagoge in de Rivierenbuurt, waarin tot voor kort het Verzetsmuseum was gevestigd. Het pand, dat eigendom is van de deelraad, werd in 1934 ontworpen door de architect A. Elzas in de stijl van de Nieuwe Zakelijkheid. In de vroegere sjoel wordt nu geveild; waar de vrouwengalerij was, zetelen de experts. Een aangrenzend gebouw is nog in gebruik als synagoge. Het veilinghuis, dat dit jaar zijn tienjarig bestaan viert, is in het najaar al verhuisd vanuit Den Haag, maar is nu pas volledig geïnstalleerd.

Voordeel van de Amsterdamse vestiging is onder meer de bereikbaarheid, de parkeergelegenheid en de ligging in `het hart van de kunstmarkt', dicht bij de andere grote veilinghuizen en kunst- en antiekhandels. De nieuwe veilingzaal is veel ruimer dan in Den Haag, maar de totale oppervlakte van het gebouw is kleiner: 1.000 m² tegen 3.000 m² in de doolhofachtige Haagse vestiging. De te veilen objecten worden daarom bewaard op een opslagterrein.

Het bedrijf, dat twintig medewerkers heeft, is geherstructureerd in een holding. Glerum zelf ,,management is nooit mijn fort geweest'' heeft het algemeen directeurschap overgedragen aan mevrouw J. Rijpma en is zelf toegetreden tot de board of directors. ,,Na een periode met nogal wat ups en downs zijn we nu in rustiger vaarwater gekomen. We zijn lid geworden van het Register Veilinghouders, dat hoge kwaliteitseisen stelt, waar we ons overigens al aan hielden.'' De veilingopbrengsten worden nu gestort op een aparte rekening van de Stichting Derdengelden, waardoor uitbetaling aan de inzenders altijd gegarandeerd is. Maar verder draait het veilinghuis zoals voorheen. In Amsterdam zal de wijk iets meer bij de activiteiten worden betrokken. Zo is voor deze kijkdagen de hele buurt uitgenodigd, is een buurtboekwinkel present en kan er een glaasje wijn worden geproefd.

Veiling: maandag 29 maart vanaf 14u en dinsdag 30 maart vanaf 10u30 uur. Glerum, Lekstraat 63, Amsterdam. Kijkdagen t/m 28 maart, 10-16u. Tel. 020-3012950.