Hoe een dominee zijn onschuld verloor

De Zuid-Afrikaanse dominee Allan Boesak, voormalig activist tegen de apartheid, is vanmorgen in Kaapstad tot zes jaar gevangenisstraf veroordeeld.

Farewell to Innocence heette de dissertatie waarop Allan Boesak in 1976 aan de theologische hogeschool van Kampen promoveerde. Vandaag kuste de dominee zijn onschuld definitief vaarwel: hij werd veroordeeld tot 6 jaar cel wegens diefstal en fraude. Boesaks advocaat is in beroep gegaan tegen de veroordeling. Hondstrouwe aanhangers droegen borden met `Zuid-Afrikaanse rechters zijn nog steeds racisten'. Buiten de rechtszaal zongen ze We shall overcome. Maar noch de volkssteun, noch de sympathie uit het ANC, zelfs niet de oproep om clementie door die andere kerkicoon uit de strijd tegen de apartheid, Desmond Tutu, kon Boesak uit het cachot houden.

,,Ik leg mijn leven in Gods hand'', zei de 53-jarige dominee voor zijn proces, maar dat mocht niet baten of God was het eens met de uitspraak want rechter John Foxcroft van het Kaapse Hooggerechtshof velde een vernietigend oordeel over hem, naar het zich laat aanzien het laatste. Foxcroft achtte bewezen dat Boesak als directeur van de inmiddels opgeheven Stichting voor Vrede en Gerechtigheid èn als bestuurder van het Zuid-Afrikaanse Kinderfonds eind jaren tachtig en begin jaren negentig voor in totaal 1,3 miljoen rand (400.000 gulden) aan buitenlandse fondsen had verduisterd. De rechter zei dat de grote bijdrage van Boesak aan `de strijd' zijn fraude niet rechtvaardigde.

Desmond Tutu, destijds medebestuurslid van het Kinderfonds, brak gisteren vanuit de Verenigde Staten in een dramatische fax aan het hof een lans voor zijn vriend. ,,Dr. Boesak heeft een enorme, onmeetbare bijdrage geleverd aan de vreedzame overgang in ons land.'' De emeritus aartsbisschop vroeg om begrip voor de moeilijke omstandigheden waaronder Boesak had moeten werken ten tijde van de apartheid. ,,Het is geen verrassing dat sommigen van ons die zich met hart en ziel in de strijd wierpen fouten hebben gemaakt.'' Ook Boesaks advocaat Mike Maritz verwees naar de grote verdiensten van zijn cliënt en vroeg om gemeenschapsdienst als straf in plaats van de cel. Maar de openbare aanklager J.C. Gerber hield de rechtbank voor dat als Boesak vrijuit zou gaan ,,de internationale gemeenschap haar vertrouwen in het Zuid-Afrikaanse rechtssysteem zou verliezen''. En zo verdween de man die lange tijd was voorbestemd een van de belangrijkste leiders in het nieuwe Zuid-Afrika te worden achter de tralies. De held van weleer, de gevierde activist, bleek een ordinaire gauwdief te zijn.

De rector-magnificus van de huidige Theologische Universiteit Kampen, Gerrit Neven, zegt in een telefonische reactie de veroordeling ,,heel erg en triest te vinden''. Allan Boesak studeerde van 1970 tot 1974 in Kampen, met als hoofdvak ethiek. In 1976 promoveerde Boesak in Kampen op een proefschrift (,,Het was een beetje dun'', zegt Neven) over zwarte bevrijdingstheologie onder de titel `Farewell to Innocence'. Neven, die ook in Kampen college liep, herinnert zich Boesak heel goed: ,,Hij was destijds een soort ambassadeur voor Zuid-Afrika. Met zijn welbespraaktheid bracht hij blanke en zwarte studenten bij elkaar.'' Wel meende Neven ,,een tik van grootheidswaan'' bij de latere dominee te bespeuren, terwijl hij ook geen kritiek kon velen. Een andere student uit die tijd zegt dat Boesak het midden hield tussen ,,een held en een ijdeltuit''.

Allan Boesak komt uit Kakamas, een dorp in de Noordkaap, waar hij in 1945 werd geboren. Het lege en woeste van zijn geboortestreek en het harde leven van de rassenscheiding uit die tijd maakten van hem een vechter. In de jaren vijftig, na de dood van zijn vader, verhuisde de achtjarige Allan met zijn moeder naar de Westkaap, waar de kleurlingenfamilie te kampen kregen met de beruchte `wet op de groepsgebieden': niet-blanken mochten hun eigen afgebakende gebied niet verlaten. In de jonge Boesak wakkerde dit een sterke geest van verzet op. Via zijn diepgelovige moeder raakte hij betrokken bij de Zuid-Afrikaanse Sendingskerk. Allan ambieerde al op jonge leeftijd het ambt van dominee, maar voor hem was dit eerder een middel om politieke druk uit te oefenen dan een roeping.

Hij doorliep theologische opleidingen in Kaapstad en Kampen en werd begin jaren tachtig dominee, in een tijd dat Zuid-Afrika politiek in vuur en vlam stond. Boesak ging intensief op in de maalstroom van het verzet tegen de apartheid en ontwikkelde zich internationaal tot een van de meest uitgesproken activisten. Maar zijn voorkeur voor de geneugten van het goede leven lekker eten en mooie vrouwen waren ook al in een vroeg stadium zichtbaar. Zijn huwelijk liep na een aantal buitenechtelijke affaires in 1990 op sensationele wijze op de klippen nadat hij was betrapt op een liaison met een blanke tv-producer, Elna Botha, die hij in 1991 trouwde.

Een jaar later dreigde dit huwelijk al weer te stranden, opvallend genoeg omdat Elna bezwaar maakte tegen Allans luxueuze levensstijl. Hij op zijn beurt zei tijdens hun echtscheidingszaak dat zij hem had verleid tot een huwelijk om van haar schulden af te komen. Hoe het ook zij, op miraculeuze wijze verzoenden de twee zich weer en daarna waren ze onafscheidelijk.

In 1995 maakten buitenlandse hulporganisaties gewag van onregelmatigheden in de boekhouding van Boesaks stichting. Maar een eerste onderzoek, ingesteld door Boesaks eigen ANC, kwam tot de conclusie dat er niets aan de hand was. Voor de zekerheid zag het ANC wel af van het voornemen om Boesak te benoemen tot ambassadeur bij de Verenigde Naties.

Een Deense organisatie nam geen genoegen met de uitkomst van het ANC-rapport en maakte de zaak aanhangig bij de rechtbank. Boesak verliet hierop het land en woonde en werkte tot maart 1997 in de Verenigde Staten, waarna hij vrijwillig terugkeerde om voor de rechter te verschijnen. Bij zijn aankomst werd hij omarmd door minister van Justitie Omar. Boesak zei toen: ,,Als ik terecht moet staan, staat de hele vrijheidsstrijd terecht. Als ik voor de rechter moet verschijnen, verschijnt mijn volk voor de rechter.''

In augustus vorig jaar begon de rechtszaak in Kaapstad. Het ANC bleef zijn partijgenoot tot het laatst steunen. President Mandela droeg uit eigen zak bij in de proceskosten en zei eind vorig jaar dat de openbare aanklager geen zaak had tegen Boesak. Vandaag bevond minister van Financiën Trevor Manuel zich onder het gevolg van Boesak. Ter ondersteuning.