Bijbels museum gelooft in toekomst

Het Bijbels Openluchtmuseum in Heilig Landstichting moet met de tijd mee om te overleven. Maar geld is er niet.

In het bos klinken bijl en motorzaag. Mannen met oranje helmen vellen bomen. ,,Sakkerloot, wat wordt het bos leeg'', zegt directeur Jan van Laarhoven. Hij kijkt een beetje bezorgd naar de opgestapelde boomstronken.

Van Laarhoven loopt een rondje door zijn Bijbels Openluchtmuseum in Heilig Landstichting, iets achter Nijmegen. Hij verzorgt een kleine rondleiding naar aanleiding van het beleidsplan 1999-2004, dat hij vorige week in de openbaarheid heeft gebracht. Het is een plan waarin de toekomst van het museum is vervat in mission statements, analyses, strategische bepalingen en actiepunten. Centrale boodschap van het beleidsplan, subtiel getiteld `Geloof in de toekomst', is dat het museum moet groeien om te kunnen overleven en dat het daarvoor veel geld nodig heeft. ,,Als we op de huidige manier doorgaan, dan komen we op de langere termijn in problemen.''

Het Bijbels Openluchtmuseum werd in 1911 opgericht als een katholiek park waar bezoekers een denkbeeldige reis langs bijbelse locaties kunnen maken. Op het enorme terrein - 45 hectare groot - midden tussen de bossen verrees een Oosters Dorp, de Calvarieberg, een Oosterse Herberg, het Paleis van Pilatus en het Sanhedrin (het parlementsgebouw van de joden uit de tijd van Jezus). Uniek is, zo zegt Van Laarhoven, de oude synagoge in het Oosters Dorp, die in 1935 werd gebouwd. ,,Een Duits echtpaar ging een paar jaar geleden op de fiets naar Israël. Nergens vonden ze een oude synagoge. `Daarvoor moet je in het Bijbels Openluchtmuseum bij Nijmegen zijn', kregen ze daar te horen. Moet je nagaan: ze woonden hier dertig kilometer vandaan.''

Jaarlijks kwamen duizenden gelovigen op pelgrimstocht naar Heilig Landstichting. In de jaren zeventig nam het aantal museumbezoekers toe, maar het aantal pelgrims nam af. Het werd steeds minder bekeren en verkondigen, steeds meer informatie en ontspanning.

In het huidige beleidsplan wordt die lijn doorgetrokken. Het Bijbels Openluchtmuseum wil zich ook meer richten op andere geloofsrichtingen. Niet alleen de bijbel, maar ook de koran. Aandacht voor de jood, de islamiet en de christen. ,,Straks is tien procent van de Nederlanders islamiet, daar moeten we toch ook wat mee doen', zegt Van Laarhoven. Deze brede opzet, aldus de directeur, ,,is een gewaagde stap''. De proefprojecten die er zijn gedaan, zijn – een enkele boze brief van een katholiek daargelaten – goed ontvangen. Er komt nu onder andere een semi-permanente tentoonstelling, getiteld `Van Abraham tot Mohammed'. Rondleiders krijgen ook kennis van de geschiedenis van koran en islam.

Voordeel van deze nieuwe aanpak is volgens Van Laarhoven dat het museum een ,,maatschappelijke relevantie'' krijgt, als gevolg waarvan staatssecretaris Van der Ploeg (Cultuur) sneller met subsidiegelden over de brug kan komen. De geplande groei van het museum vergt een eenmalige investering van 5,5 miljoen gulden en jaarlijks 400.000 gulden om de exploitatiekosten dekkend te houden. Voor dat eerste bedrag klopt Van Laarhoven aan bij alle mogelijke instanties en instellingen, dat gat van vier ton zou – deels – met subsidies van de overheid gedekt moeten worden. ,,We zijn een van de weinige ongesubsidieerde musea in Nederland. We zijn er trots op dat we voor meer dan tachtig procent in onze eigen begroting voorzien. Maar we zijn niet zo trots dat we niet toegeven dat we nu hulp nodig hebben. Het gat moet gedicht.''

De 5,5 miljoen gulden wordt gestoken in de verbetering van de museale gebouwen, in verlevendiging van de collecties, verhoging van de belevingswaarde en verbetering van de educatieve kwaliteit. Zo wordt een aantal gebouwen grondig gerenoveerd, wordt het buitenmuseum deels heringericht en wordt er een kindermuseum ingericht. Daarnaast wordt de infrastructuur verbeterd en komen er aanvullende publieksvoorzieningen. Op termijn moet het bezoekersaantal groeien van 120.000 nu naar 150.000, zegt Van Laarhoven. Dat moet gebeuren door het imago van het museum te verbeteren, door de naamsbekendheid te vergroten en door twee `weggezakte' doelgroepen te `heroveren', de ouderen en de toerist. Afgelopen zaterdag is het museum weer opengegaan.