Bij de pinautomaat

Hij:

1. Rijdt tot aan pinautomaat.

2. Stopt pinpas in automaat.

3. Toetst pincode en bedrag.

4. Neemt pasje, geld en bonnetje.

5. Rijdt weg.

Zij:

1. Rijdt tot aan pinautomaat.

2. Checkt make-up in achteruit-

kijkspiegel. 3. Zet motor af.

4. Stopt sleutels in handtasje.

5. Stapt uit auto. 6. Zoekt pinpas

in tasje. 7. Stopt pasje in automaat. 8. Zoekt in tasje naar tampon met pincode erop. 9. Toetst pincode. 10. Bestudeert instructies. 11. Drukt op `Cancel'.

12. Toetst correcte pincode.

13. Checkt saldo. 14. Zoekt naar papiertje in tas. 15. Zoekt naar pen in tas. 16. Noteert saldo.

17. Drukt op `geld opnemen'.

18. Bestudeert instructies.

19. Toetst op ƒ50,-. 20. Neemt pinpas uit automaat. 21. Stapt in auto. 22. Checkt make-up.

23. Zoekt sleutels. 24. Start auto. 25. Checkt make-up. 26. Rijdt weg. 27. Stopt. 28. Rijdt achteruit naar automaat. 29. Stapt uit.

30. Neemt geld en bonnetje uit automaat. 31. Stapt terug in auto.

32. Stopt pas in portemonnee.

33. Stopt bonnetje in mapje.

34. Maakt ruimte in tas voor portemonee en mapje. 35. Checkt make-up. 36. Zet auto in achteruit.

37. Zet auto in eerste versnelling. 38. Rijdt weg van automaat.

39. Rijdt 3 kilometer. 40. Haalt auto van handrem af.