Slippende bejaarden

De man van vierentachtig laat zijn rijbewijs uit het begin van de jaren dertig zien; het plakband dat het document bij elkaar houdt is er een jaar of dertig geleden opgeplakt. Hij gaat achter het stuur zitten, geeft gas. Voor hem het spiegelgladde wegdek. Hij raakt in een slip, ontkoppelt, geeft tegenstuur, redreseert, komt tot stilstand en kijkt een beetje teleurgesteld. Niet volmaakt; dat valt hem tegen van zichzelf. De vrouw van vierenzeventig die na hem komt, brengt het er heel wat beter van af. Ze gunt zichzelf een glimlach van beheerste triomf. Nog twee kandidaten van boven de zeventig tonen hun slipvaardigheid. Eerstgenoemde vrouw blijft kampioen.

Dit is een mooi filmpje. Vier mensen die in het spraakgebruik tot de `bejaarden' worden gerekend, en door jongere weggebruikers vaak met middelvinger in de lucht of wijsvinger op het voorhoofd worden begroet, laten zien wat ze op het gladde wegdek van Slotenmakers slipcursus waard zijn. Wie ooit zelf in een slip is geraakt, in de rauwe werkelijkheid van het verkeer op de snelweg, kent het gevoel. De gehoorzame auto gaat zich van het ene ogenblik op het andere gedragen als een losgebroken monster van duizend kilo. Rem en gaspedaal gehoorzamen niet meer aan de beweging van de voet, sturen doet de richting niet veranderen. Autorijden hoort tot de vaardigheden van de tweede natuur; de auto is een verlengstuk van je lichaam. In de slip lijkt het alsof dit verlengstuk stomdronken is geworden.

Om er weer uit te komen, moet de chauffeur onmiddellijk een aantal tegennatuurlijke handelingen verrichten: ontkoppelen, tegenstuur geven, en als daarvoor nog tijd en ruimte is, pompend remmen. Die tegenwoordigheid van geest gepaard aan de bijbehorende vaardigheden is niet iedereen gegeven. Vandaar de kettingbotsingen, omvergereden paaltjes, ontvelde bomen, hoge verzekeringspremies. Wat is de gemiddelde leeftijd van de slippers en de kettingbotsers? Daarover zullen wel statistische gevevens bestaan.

Er is een neiging, of trend om de mensen steeds vroeger `bejaard' te noemen (vijftig-plussers), en een andere om de plussers een zekere achterlijkheid toe te schrijven. Opoe en opa kunnen het allemaal niet meer bijsloffen. Als je dit soort depreciaties eens een week zou noteren, zou je weleens tot de conclusie kunnen komen dat hier een bedekte maar gecultiveerde rassenhaat heerst.

Het mooie van dit filmpje is dat de vier kandidaten deze benadering met soevereine minachting bij voorbaat aan hun laars lappen. Er treden mensen op aan wie je kunt zien dat ze niet jong meer zijn, en voor de rest zijn ze twintig, of veertig. De beste manier om het filmpje te waarderen is zelf eens in een slip te raken, en u dan af te vragen hoe oud u zich voelt.

De Cursus: Slipcursus voor Bejaarden, Ned.2, 19.25-19.56u.