Opwindend

,,Ik heb de Russische revolutie niet werkelijk meegemaakt'', zei Aleksandra Vassiljevna (102), de regisseuse die ik vorige week sprak. ,,In de winter van '17/'18 draaiden we in Moskou, maar in maart 1918 hadden de studio's geen film meer.'' Ze besloten toen naar het zuiden te trekken, naar Kiev. ,,Een opwindende tijd! Heel gevaarlijk!'', riep ze met hoge stem vanuit haar bed.

In West-Europa is de Russische burgeroorlog een geschiedenis die we voornamelijk kennen via schrijvers als Babel en Paoestovski, meer een chaotische bron van verhalen dan een oorlog van vlees en bloed. In werkelijkheid kostten deze drie jaar strijd en hongersnood nauwelijks minder slachtoffers dan de hele Eerste Wereldoorlog bij elkaar. Het Russische imperium was in 1917 wel degelijk ineengestort, en de Sovjets moesten dat opnieuw veroveren. In wezen ging het dus om twee oorlogen door elkaar heen: die tussen de `Roden' en de `Witten', en die tussen het centrale Rusland en allerlei `warlords' in de Oekraïne en de Kaukasus, die de kans grepen op zelfstandigheid.

,,Wij hadden helemaal niet door dat Kiev het centrum van de burgeroorlog was'', vertelde Aleksandra. ,,Wij hadden er vrienden, we wilden verder filmen. Mijn man zat keurig in de kleren, en die hele reis waren we doodsbang dat hij geëxecuteerd zou worden omdat hij te kapitalistisch en te netjes was. Rondom Kiev vochten elf legers, we hadden iedere week ander geld. Gelukkig had mijn man een papier van de filmmaatschappij bij zich. Een filmster, dat vonden al die soldaten en bandieten even prachtig, die schoten ze niet dood.''