Aanslag op president van Tsjetsjenië

President Aslan Maschadov van de afvallige Russische deelrepubliek Tsjetsjenië is gisteren ontsnapt aan een bomaanslag op zijn leven. Hoewel hij Rusland onmiddellijk de schuld gaf, zouden ook zijn binnenlandse vijanden erachter kunnen zitten.

Bij de explosie van een met de radio bediende landmijn in de hoofdstad Grozny, op het moment dat de president voorbijreed, viel een dode en raakten vier lijfwachten licht gewond. De krachtige mijn was verstopt in een riool op tweehonderd meter van het presidentieel paleis, en sloeg een krater van drie meter in doorsnee.

In een televisieoptreden na de aanslag legde Maschadov een verband met de explosie in Vladikavkaz in het naburige Noord-Ossetië, waar vrijdag 53 bezoekers van een markt omkwamen. Mèt de ontvoering in Tsjetsjenië van de Russische generaal Gennadi Sjpigoen op 5 maart zouden beide aanslagen ,,schakels zijn in een en dezelfde (gewelds)keten''. Het doel is volgens Maschadov de schepping van instabiliteit in de Kaukasus als excuus om de Russische Doema-verkiezingen in december te annuleren.

De Russische minister van Binnenlandse Zaken Sergej Stepasjin ziet ook een verband tussen de aanslagen in Tsjetsjenië en Noord-Ossetië, maar denkt dat die er vooral op gericht zijn de precaire relatie tussen Moskou en Grozny te ontwrichten. President Maschadov ligt in eigen land onder vuur omdat hij te pro-Russisch zou zijn, en niet fundamenteel-islamitisch genoeg. Vijandige krijgsheren hebben eerder dit jaar een islamitische junta gevormd die zich boven de president heeft geplaatst. Hun privélegertjes zijn in staat van paraatheid gebracht en het land balanceert op het randje van een burgeroorlog.

Vorige week donderdag bracht Maschadov alle veiligheidsdiensten bijeen onder zijn persoonlijke hoede. Er was sprake van een ontmoeting tussen hem en de Russische premier Primakov om de spanning uit de lucht te nemen rond de gijzeling van generaal Sjpigoen. Of die ontmoeting doorgaat voordat Primakov later deze week naar de VS gaat is nog onduidelijk.

Sinds hij in januari 1996 na een bloedige afscheidingsoorlog van 21 maanden tot president van Tsjetsjenië werd gekozen, is de vroeger Sovjet-kolonel en Tsjetsjeense legerleider Maschadov niet eerder in zo'n wankele positie geraakt. Bij een aanslag in juli vorig jaar raakte hij gewond aan een been; zijn lijfwacht en zijn chauffeur kwamen bij die aanslag om het leven. Onder druk van legendarische krijgsheren als Salman Radoejev (die de heilige oorlog tegen Rusland propageert) heeft hij de sharia ingevoerd, de islamitische wetgeving, compleet met openbare executies. Maar zulke draconische maatregelen kunnen niet verhelen dat Tsjetsjenië wordt geteisterd door wetteloosheid; ze hebben zelfs Maschadov en zijn fundamentalistische critici niet nader tot elkaar gebracht.