Sluit geen beleggingsverzekering

Van meerdere kanten liggen de aanbieders van financiële producten en diensten onder vuur: ze zijn onduidelijk over de kosten die ze berekenen en misleiden consumenten door bijvoorbeeld verzekeringscontracten met een looptijd van vijftien jaar af te schilderen als gezellige, vrijblijvende spaarplannen.

Dat verwart mensen. Zij denken deel te nemen in een plan dat lijkt op een vrije spaarrekening. Ze stoppen er geld in, halen er af en toe wat uit, en als ze er na een paar jaar genoeg van hebben, halen ze alles eruit. Maar dat kan dan niet: het plan blijkt een fiscaal vriendelijke verzekeringspolis te zijn, met allerlei beperkende bepalingen.

Aanstaande dinsdagmiddag zullen het onderzoeksbureau NYFER, de Wildbaan Groep (denktank voor financiële adviseurs) en Tillinghast-Towers Perrin (adviseurs van financiële instellingen) in het Haagse Nieuwspoort een kritisch rapport publiceren over beleggingsverzekeringen. De onderzoekers zullen daar dan over discussiëren met vooraanstaande deskundigen uit de financiële wereld.

Een beleggingsverzekering is de verzamelnaam voor alle levensverzekeringen waarvan de premie (ten dele) wordt belegd en de verzekerde het beleggingsrisico loopt. Een veel voorkomende benaming is unit linked verzekering. De verzekerde verbindt (linked) zijn premie aan een aantal eenheden (units) van een (beleggings)fonds, een zogenaamd unit linked-fonds.

De unit linked-verzekeringen worden vaak gecombineerd met een universal life verzekering. Die biedt meer vrijheid in premiebetaling, risicodekking, geldopname en uitkeringstijdstip. Om (potentiële) verzekerden niet af te schrikken met al die moeilijke namen, krijgt zo'n combinatie een lekkere naam: Toekomstplan, Hollandsch Glorie Polis, Perspectiefrekening, Royal Future enzovoort.

Maar waarom zou je beleggen via de knellende omweg van een verzekering als je op de beurs rechtstreeks kan beleggen in effecten? Anders gesteld: wat is voor iemand de beste vorm van vermogensopbouw? Daar zegt het rapport dit over.

Omdat beleggingsfondsen populair zijn, publiceren kranten en tijdschriften regelmatig de prestaties van die fondsen in de vorm van ranglijsten. Een consument zal geneigd zijn om de beste fondsen te kopen, en de slechte in de steek laten. Dat is heel vervelend voor die achterblijvers, maar het prikkelt ze wel tot betere prestaties en lagere kosten.

De unit linked-fondsen van verzekeraars hebben aanzienlijk minder last van de tucht van de markt, omdat hun ranglijsten minder eenvoudig te maken zijn. Je moet daarbij immers rekening houden met de ingewikkelde en ondoorzichtige kostenstructuur van de verzekering. Die twee – verzekering en beleggingsfonds – bepalen samen het rendement voor de verzekerde.

Het ontbreken van die marktwerking kan dus leiden tot slechte rendementen op beleggingsverzekeringen, vergeleken bij een directe belegging in fondsen. Daar staat tegenover dat het actief beleggen door fondsen, om een hoger rendement te behalen dan de concurrentie, volgens de onderzoekers niet altijd tot betere resultaten leidt: het kost veel geld en een goede strategie is lastig te bedenken. Wat pleit in het voordeel van de beleggingsfondsen van verzekeraars die tegen geringe kosten domweg de verschillende beursindexen volgen.

In de categorieën wereldwijd beleggende aandelenfondsen, Nederland en gemengde fondsen presteren de verzekeraars over een bepaalde periode licht beter dan de marktfondsen, stellen de onderzoekers.

Hebben de onderzoekers gelijk? Redeneren ze misschien onbewust toe naar een gunstige uitslag voor de verzekeraars? Hoewel de definitieve versie van hun rapport nog niet bekend is, mag je dat best als uitgangspunt nemen voor een redenering die iemands persoonlijke planning als uitgangspunt neemt bij een keuze tussen beleggen en verzekeren.

Zo bindt een verzekeringspolis een verzekerde altijd aan bepaalde voorwaarden, meestal opgelegd door de fiscus, hoe universal en flexibel die ook is. Je kan dus tijdens de looptijd nooit vrij over je eigen vermogen beschikken. Wat het nuttig gebruik ervan beperkt en iemands (leen)kosten kan verhogen. Maar hoe waardeer je dat in een rendementspercentage?

Daar komt bij dat een luie, vrije belegger ook kan kiezen voor een fonds dat belegt volgens een of andere index en met lage kosten werkt, en daar gewoon lange tijd in blijft zitten. Dat verkleint het voordeel van de beleggingsverzekering. En tot slot: hoe vindt een consument de beste beleggingsverzekering?

Eigenlijk is er maar een conclusie mogelijk: de beste beleggingsverzekering is een fondsbelegging in eigen beheer. Zo redeneer je onbewust toe naar een gunstige uitslag voor de vrije beleggers.