Ogenschijnlijk onschuldig

Niet altijd worden de hoofdprijzen verdeeld binnen de randstad. Universiteitssteden als Groningen, Tilburg en Nijmegen bergen ook veel bridgetalent. In die laatste plaats wonen Annelies Klein en Simon ter Elst. Zij brachten onlangs het Nederlands Kampioenschap bij de gemengde paren op hun naam. Misschien verrassend, maar toch weer niet helemaal. Klein (38) en Ter Elst (32) spelen eerste divisie viertallen en staan op dit moment 24e in het ING Bank Topcircuit, een klassement waarin de vijftig sterkste paren van Nederland en België zijn opgenomen. Met hun winst op het NK mixed bewezen Klein en Ter Elst over de nodige veerkracht te bezitten, want zij gingen als laatste over naar de finale. Het duo beschikt ook over een andere, voor topbridge belangrijke, eigenschap: het creëren van tops uit ogenschijnlijk onschuldige situaties.

Een volstrekt normaal biedverloop dat uitmondt in een volstrekt normaal contract voor een volstrekt normaal resultaat. Dat gevoel lijkt te worden bevestigd wanneer Annelies Klein begint met een volstrekt normale ♣H. De leider gaat nu drie slagen afgeven: twee klaveren en ♦A. Tegen Klein-Ter Elst is deze conclusie te simpel. Simon ter Elst neemt de eerste slag over met ♣A en incasseert ♦A. Als zijn partner de kleur afseint, speelt hij klaveren door voor de vrouw van west die met een kleine klaveren vervolgt. De leider, die bijna zeker denkt te weten dat oost maar een doubleton klaveren heeft, troeft af met de heer en slaat daarna ♠V en ♠A. Troefboer blijft `hangen' en is tot downslag gepromoveerd. Toegegeven, de leider had zijn contract nog kunnen redden door – niet zo opgelegd – de tweede keer op ♠B te snijden.

Op tweederde van het kampioenschap stond een paar uit Groningen bovenaan: Marleen Nagel en Jan-Willem Omlo. Opmerkelijk, want Nagel (23) en Omlo (24) spelen nog maar een jaar of drie bridge. Het Groningse paar werd uiteindelijk negende, maar kan terugzien op een geslaagd debuut op dit niveau. Een spelletje afspelen kan je wel aan Jan-Willem Omlo overlaten:

West kwam uit met ruiten voor het aas van zuid, die op jacht ging naar de derde extra overslag (paren!) door onmiddellijk ♡B voor te spelen. De kaart liep door naar de vrouw van oost, die zijn score had kunnen redden door ♡A mee te nemen. Oost speelde echter ruiten na. De leider nam, incasseerde ook de derde hoge ruiten en alle schoppen; op tafel verdwenen twee harten en een klaveren. Oost, die ♡A moest vasthouden, was gedwongen zijn klaverdekking op te geven, waarna dummy's ♣4 uiteindelijk de twaalfde slag opleverde.