Groene handreiking voor Duitse bedrijfsleven

De SPD-minister van Financiën Oskar Lafontaine is nauwelijks vertrokken, of uitgerekend de realistische vleugel van de Groenen in de Bondsdag lanceert een bedrijfsvriendelijk economisch plan voor Duitsland.

Nu Oskar Lafontaine als minister van Financiën is vertrokken, willen de Groenen in Duitsland een liberaler economische koers inslaan. De groene `Realos' zien hun kans schoon naast de vraagpolitiek, nu de aanbodspolitiek op de voorgrond te plaatsen om meer investeringen en banen te genereren.

Deze week bracht een groep van negen financieel-economische specialisten uit de groene Bondsdagfractie in Bonn een rapport uit `Initiatieven voor investeringen, Werk en Milieu', dat als een duidelijke handreiking aan het bedrijfsleven kan worden beschouwd.

,,Nu wordt het gemakkelijker om economische- en financieel-politieke hervormingen door te voeren'', zei Oswald Metzger, financieel woordvoerder van de realistische vleugel van de Groenen in de Bondsdag. Nadat de coalitie de Schwung van de start heeft laten vastlopen, moet ,,een tweede kans'' worden benut om aan de opdracht van de kiezers te voldoen, zo staat in het rapport. De wens van de kiezer is het vooral de hoge werkloosheid te bestrijden.

Lage belastingen, minder staat en lage-lonen-banen, zijn bij de groene Realos geen taboe, zoals bij de SPD, blijkt uit het rapport. Het document is onder andere ondertekend door Oswald Metzger, Christine Scheel, voorzitster van de parlementaire commissie voor financiën in de Bondsdag, en de parlementariër Matthias Berninger. Initiatiefnemer tot het opstellen van het rapport is Fritz Kuhn, fractieleider van de Groenen in Baden-Württemberg en trouwe vriend van Joschka Fischer, de feitelijke leider van de Groenen en minister van Buitenlandse Zaken.

De economische experts van de Groenen hadden al tijdens de coalitiebesprekingen met de SPD, direct na de verkiezingsoverwinning in september vorig jaar, getracht bepaalde hervormingsvoorstellen door te drukken. Maar ze kregen bij SPD-leider Oskar Lafontaine, de belangrijkste onderhandelaar, geen voet aan de grond.

De Groenen waarschuwen ervoor de concurrentiekracht van het bedrijfsleven in gevaar te brengen door te hoge uitgaven voor sociale verzekeringen.

Ingrepen in het sociaal stelsel zijn onontkoombaar om de loonkosten te dalen. Zo zou in ieder geval de eigen bijdrage in de pensioenvoorzieningen moeten worden vergroot.

De Groenen schrijven dat ze zich als ,,motor van hervormingen'' beschouwen bij de structurele veranderingen, die zich in de economie voltrekken. De Realos willen bij kwesties als milieu, pensioenhervorming en de staatsschuld ingrijpende hervormingen doorvoeren. ,,Dat zijn ongemakkelijke problemen, waarvoor we onze ogen niet willen sluiten''.

De Groenen staan voor een politiek die de welvaartsstaat door hervormingen veiligstelt en die de modernisering van economie en maatschappij stimuleert. In dit verband pleiten de Realos voor een verlaging van het toptarief van de inkomstenbelasting van 53 procent naar 47 en liefst 45 procent. De vennootschapsbelasting willen zij laten dalen van 45 naar 35 procent.

Bij de eerste fase van de rood-groene belastinghervorming, waarmee de Bondsraad (Eerste Kamer) gisteren instemde, daalt het toptarief voor de inkomstenbelasting van 53 naar 51 procent en de vennootschapsbelasting voor bedrijven van 45 naar 43 procent. De Groenen willen bij de volgende fasen vaart maken met drastischer tariefverlagingen. Belastingspecialist Christine Scheel stelt zelfs een verlaging van de vennootschapsbelasting van 23 procent voor. Prompt kreeg ze een scheldkannonade over zich heen van de sociaal-democratische financiële expert Joachim Poss, die meent dat ,,de staat geen speelruimte heeft voor cadeau's''.

Daarbij ziet Poss over het hoofd dat de groene Realos niet terugschrikken voor bezuinigingen. De Groenen verlangen strikte spaarzaamheid op het gebied van de overheidsfinanciën en een vermindering van het aantal subsidies met tien procent per jaar.

De Groenen menen dat door een forse belastingverlaging de voorwaarden voor investeringen in Duitsland aanzienlijk kunnen worden verbeterd. Derhalve moeten ook de loonkosten met tenminste 2,4 procent omlaag.

De groene Realos menen ook dat de ronde-tafel-gesprekken van de regering met vakbonden en werkgevers over een `Alliantie voor Werk' moeten worden uitgebreid. Naar Nederlands voorbeeld zouden werkgevers en vakbondsvertegenwoordigers zich daarbij op een middellange, gematigde loonontwikkeling moeten vastleggen.