De heksenboom (1)

Na weken van meedogenloze giboulées (maartse buien) is de lente brutaal uitgebroken. In één etmaal steeg de temperatuur tien graden. Een overjarige, al schilferige kersenboom, achter in onze tuin, heeft zomaar een roze kleed aangetrokken. De kleine hagedisjes, die hier rapiettes worden genoemd, zijn tevoorschijn gekomen en rennen achter elkaar aan als tieners in de disco. Ik besluit een oud voornemen uit te voeren. Ik ga uitzoeken waar de holle bosweg, die langs ons hele terrein omhoogloopt, eigenlijk begint. Ik loop naar onze ingang en sla linksaf, langs het bospad omlaag.

Zo kom ik voorbij de tuin van Philippe Froidure, onze buurman die in Bordeaux woont en af en toe een weekend komt. Verder passeer ik het vierde huisje van onze buurtschap; het is gebouwd in de achttiende eeuw en staat, denk ik, al twee eeuwen leeg. Voorbij dit huisje mondt de bosweg uit in open veld, met links een afhellend stoppelveld en rechts de wijngaard van Château de Basty. De bosweg gaat verder langs een wijngaard om weer in een bos af te dalen.

Op het moment dat ik dit bos bereik, wordt mijn aandacht getrokken door een ongewoon silhouet. Het is een boom midden in de wijngaard op de heuvelrug, een gebogen boom, overblijfsel van wat eens een trotse hoge boom moet zijn geweest die zich nu als een geslagen hond met stam en takken weer tracht op te richten. Ik verander mijn richting en loop tussen de lage wijnranken met hun sobere winterbegroeiing in de richting van dit merkwaardige plastiek.

Naarmate ik dichterbij kom, groeit mijn verbijstering. Hier, midden in de wijngaard, houden de percelen met wijnranken op om voorbij de boom weer verder te gaan. Er heeft zich zo rondom de boom een wijde kring van braak terrein gevormd, waar zelfs geen grasspriet groeit. Het geeft nog meer uitdrukking aan het geschonden monument in het midden. Ik weet niet wat ik zie. Dit is een karikatuur, een bespotting van de weelderige natuur om ons heen. En ik zie dat de boom halverwege de stam is geknakt, als door een gigantische bijlslag getroffen, niet afgezaagd maar gekerfd, vermoedelijk door de bliksem.

Wat over is van deze trotse, oude eik, is een deel van de stam, overwoekerd door klimplanten, terwijl een ander deel van de stam met dode takken machteloos voorover hangt. Terwijl ik terugstap, valt me op dat de plek waar de boom staat, in het hart van een braakliggende cirkel, ook het centrum vormt van paden die op de cirkel uitkomen, uit de vier windrichtingen: brede paden alsof daar wel honderden voetstappen over zijn gegaan.

De plek waar ik sta, was nog 250 jaar geleden, vóór de grote ontginning van Baradewoud, een dicht bos dat zich uitstrekte tussen Montignac, Rouffignac en Thenon, mijn dorp. Het is het hoogste punt en midden in het bos, op een markante open plek... Maar dan moet deze plek, deze boom, ooit gediend hebben als arbre sorcier, als heksenboom, de traditionele plaats waar de boeren uit de omgeving offers brachten van pluimvee, om de bosgeesten te bezweren en zo gunstige weersomstandigheden af te smeken. In zijn boek `Het leven in de Périgord in vroeger tijden' schrijft Eugène le Roy over de heksenboom: ,,Het is niet zozeer een boom van een bijzondere soort, meer een markante open plek midden in het bos en goed begaanbaar van alle kanten.'' Wat een lef van het kasteel om juist daaromheen je wijngaarden aan te leggen!

Maar als dat echt waar zou zijn, besef ik ook, dan doe ik er beter aan hier niet te lang te blijven staan. Want Le Roy schrijft ook: ,,Nog heden ten dage (rond 1900) vertellen de oudere boeren met vrees over de heksenbomen van weleer, waar men maar beter niet meer te dicht bij kan komen. Want zij kunnen geluk, maar ook groot ongeluk brengen.'' Ik smeer hem snel, over het pad tussen de wijngaarden door.

Ik besluit navraag te doen bij onze laatste en enige boer, uit een oeroud boerengeslacht dat al tien generaties lang vlakbij deze plaats woont, de familie Courtey op La Borie. Ik steek de heuvelrug over en bereik de grote weidevlakte achter La Borie. Twee minuten later open ik het hek bij de Courtey's. Het loopt tegen het middaguur, dus ze zullen zeker thuis zijn. Belle, de herdershond, komt me tegemoet. Ik ben razend nieuwsgierig of het inderdaad een heksenboom was...