Jongenskamp motiveert De Jongh

Steven de Jongh vierde dinsdag het hoogtepunt uit zijn wielerloopbaan. De 25-jarige coureur van TVM won een massasprint in de Italiaanse rittenkoers Tirreno-Adriatico. Morgen rijdt hij de klassieker Milaan-Sanremo.

Aan de oevers van Lago Maggiore trainen de wielrenners van TVM voor de Primavera, de openingsklassieker van het seizoen. Het eerste blad hangt aan de boom. De laatste restjes sneeuw blinken in de voorjaarszon. Italië heeft de ski's opgeborgen en de racefiets uit de schuur gehaald. Tussen bejaarde recreanten rijden Nederlandse en Belgische beroepsrenners hun spieren los. Trainen is voor Steven de Jongh een tweede natuur. ,,Mijn fanatisme is ziekelijk. Als het regent rijd ik net zo gemakkelijk zes uur aan een stuk. Natter dan nat kun je toch niet worden.''

In Italiaans lenteweer behaalde hij afgelopen dinsdag een ritzege in de Tirreno-Adriatico. De televisie gaf een spectaculair beeld van de massasprint. Renners duwden elkaar tegen de dranghekken, fietsen vlogen in het rond. Andere renners konden de massale valpartij nog net ontwijken. De Jongh profiteerde, maar wie weet dat volgend jaar nog? ,,Er staat weer een kruisje achter mijn naam, makkelijk zat.''

Als vierdejaars beroepsrenner kent hij de gevaren in het peloton. ,,Ik heb ook wel eens gelegen, nu had ik geluk. Ik had eerst niet door dat het zo'n chaos was. Pas 's avonds zag ik op de tv al die mannen tegen de vlakte gaan. Op het moment zelf was ik alleen maar bezig de boel te ontwijken. Ik zag een gaatje van een paar decimeter. Daarna was het een kwestie van `doorhengsten'. Zo vaak krijg je de kans niet in een hoog aangeschreven wedstrijd.''

De Jongh vertelt dat de Italiaan Baldato het ongeluk niet zou hebben overleefd zonder valhelm. ,,Maar de helft van het peloton begint de volgende dag even vrolijk met een blote knar aan de massasprint. Echt niet te geloven!'' Als renner met een Nederlandse licentie is hij opgegroeid met een valhelm. Als zoon van een verongelukte vader (op de fiets geschept door een auto) wordt hij nog dagelijks herinnerd aan de gevaren op de weg. Zijn moeder sommeerde hem tijdens de training voortaan ook een helm te dragen, maar dat was tegen beter weten in. ,,Mijn vader was een goede amateur. Hij won ooit de Ronde van Drenthe. Ik ben niet gelovig opgevoed, maar het zou mooi zijn als die ouwe kon zien wat ik allemaal presteer.''

De Jongh leerde tijdens het rouwproces na de dood van zijn vader zijn gevoelens openlijk te tonen. Toen de renners en begeleiders van TVM tijdens de afgelopen Tour de France werden opgepakt na vermeend dopinggebruik huilde De Jongh in het openbaar. Hij had ,,een voorbeeldfunctie'' voor zijn collega's en gaf ,,een gratis cursus zakdoek vullen''. Hij kreeg nadien veel schouderklopjes voor zijn eerlijkheid. Waarom toch eigenlijk?

,,Wielrennen is een macho-sport. Mijn vriendin zegt altijd: `Ga je weer op jongenskamp?' Bijna niemand toont zijn negatieve emoties. De meeste coureurs zijn binnenvetters. Maar toen ik in Albertville op bed lag en die rechercheurs binnen kwamen, schrok ik me dood. Bij de gratie Gods mocht ik nog even douchen en daarna moest ik mee naar het bureau. Het leek wel wild-west. CNN was er niks bij.''

Hij zweert dat hij nooit verboden middelen heeft gebruikt. Over ploegarts Michailov, in wiens auto 104 ampullen met EPO werden gevonden, wil hij geen kwaad woord horen. De Jongh gelooft de verklaring dat de EPO bestemd was voor een kinderziekenhuis in Moskou. ,,De dokter is verdacht omdat hij uit Rusland komt. Maar ik vertrouw hem blindelings. Hij weet net als ik dat één positief geval meteen ontslag betekent. Geloof mij nou maar: iedereen houdt zich bij TVM aan dat contract. Al is het maar om te kunnen blijven fietsen. Ik zou niet weten wat er nog meer te koop is. Zonder fiets ben ik een invalide in een rolstoel.''

De Jongh is geboren en getogen in Groot-Schermer, waar hij als buurjongen van Ard Schenk gefascineerd raakte door het schaatsen. Hij reed een juniorenrecord op het nabijgelegen kunstijs van Alkmaar. Maar zijn hart lag toen al bij de wielersport. Hij raakte verslaafd aan zijn eigenhandig gefabriceerde rijwiel. ,,Ik haalde de spatborden van een herenfiets en monteerde een krom stuur. Ik had een racefiets met terugtrapremmen.''

De Jongh was een verdienstelijke amateur bij de ploeg van Egbert Koersen. In 1996 verdiende hij een bescheiden profcontract bij TVM. Intussen is hij verhuisd naar het Belgische grensplaatsje Essen, maar niet vanwege het gunstige belastingklimaat, benadrukt De Jongh. Hij spreekt over `het reisaspect' en de trainingsfaciliteiten. Samen met zijn vriend en buurman Michael Boogerd bezoekt hij regelmatig een krachthonk in Roosendaal. De Jongh toont zijn spierballen. ,,We maken elkaar gek. Als de een begint kan de ander niet achterblijven.''

Over de stormachtige ontwikkeling van Boogerd is hij allerminst verbaasd. Ze kennen elkaar uit de nationale juniorenploeg. ,,Toen won hij alles. Ik ken zijn karakter en zijn gedrevenheid. Hij heeft het lichaam van een klimmer. Als hij Parijs-Nice kan winnen, is hij tot veel in staat. Waarom zou hij dan de Tour niet kunnen winnen?''

Over zijn eigen toekomst toont hij zich veel bescheidener. Als sprinter mist hij de souplesse voor een laatste versnelling. Hij wil zich meer gaan richten op de klassiekers. Voor Milaan-Sanremo lijkt hij juist op tijd in vorm. Hij zal morgenmiddag met gevaar voor eigen leven aan de steile en bochtige afdaling van de Poggio beginnen. ,,Mijn broer is huisschilder. Die staat vaak genoeg met pokkenweer op een steiger. Net zo gevaarlijk als je het mij vraagt.''