`Jeruzalem is een droom'

``Ik heb altijd de indruk dat oude teksten direct tot mij persoonlijk spreken'', zegt de Franse historische romancier Marek Halter, die onlangs een trilogie over Jeruzalem afrondde.

Marek Halter woont in het stijlvolle Marais, van oudsher het joodse arrondissement van Parijs, op een steenworp afstand van de prachtige stenen booggalerijen van de Place des Vosges. Zijn woning heeft veel weg van een ruim atelier zonder doeken – misschien omdat hij ooit een carrière begon als schilder alvorens autodidactisch schrijver, historicus, filosoof en filmmaker te worden.

Dertien boeken heeft Halter inmiddels op zijn naam staan: historische romans, (foto-)boeken over Jeruzalem, familiesaga's door de eeuwen heen. Van De herinnering aan Abraham, een indrukwekkend cultuurhistorisch epos uit 1984, waarin Halter, aan de hand van tweeduizend jaar geschiedenis, het spoor van zijn eigen familie volgt, werden wereldwijd meer dan vijf miljoen exemplaren verkocht. Zijn nieuwe roman, Les mystères de Jérusalem, is een historische speurtocht naar de schatten van Jeruzalem, naar de bakermat van de grote godsdiensten en, daarmee, naar de oorsprong van de spanningen in het Midden-Oosten. Het is een doorwrochte geschiedenisles en tegelijkertijd een spannende thriller en spionageroman, met mafiosi, verdwenen goudstaven, oude manuscripten en snelle achtervolgingen – soms doet het je denken aan Umberto Eco's Naam van de roos of Amin Maaloufs Samarkand, dan weer aan Steven Spielbergs Indiana Jones.

Geschiedenis is de grote passie van Halter, wiens leven bij uitstek door de historische gebeurtenissen van deze eeuw is getekend: ontsnapt uit het getto van Warschau, voor het nazisme gevlucht naar Moskou, door het stalinisme verdreven naar Oezbekistan. In 1950 vestigde de familie Halter zich in Parijs – Marek was veertien. Zijn moeder, een Jiddisch dichteres, en zijn vader, stammend uit een eeuwenoud geslacht van drukkers, overleefden de Shoah, zijn zusje stierf van de honger. Marek Halter werd een geëngageerd schrijver, een strijder tegen antisemitisme en racisme, een gedreven pleitbezorger voor naleving van de mensenrechten.

Als president van het in 1967 door hem opgerichte, internationale comité voor vrede in het Midden-Oosten (waarin onder andere Primo Levi, Alberto Moravia, Jean-Paul Sartre, Elie Wiesel, Hanna Arendt en Eugène Ionesco zaten), ging Halter op vredesmissie bij Israelische en Arabische leiders. Later droeg hij achter de schermen bij aan de totstandkoming van de Oslo-akkoorden, tussen Israel en de Palestijnen. Samen met Andrej Sacharov stichtte hij in 1991 twee Franse universiteiten (in Moskou en Sint-Petersburg). Zijn huis in Parijs biedt onderdak aan de redactie van een economisch en cultureel tijdschrift, dat de Franse en de Russische culturen nader tot elkaar moet brengen. Tijdens ons gesprek komt één van de redactrices Halter om een strijkijzer vragen. ``Nee'', lacht de elegant in het zwart gestoken schrijver met zijn doordringende blik, ``dat is niet om mijn was te strijken, maar oude manuscripten. U ziet, alles hier in huis staat in het teken van het schrift.''

In uw boek voert u uzelf als personage op. U vindt een negenhonderd jaar oud manuscript van één van uw voorvaderen en leest hierin een oproep om naar Jerusalem te gaan. Hebben oude manuscripten voor u vaker zo'n actuele betekenis?

``Ik heb altijd de indruk dat oude teksten direct tot mij persoonlijk spreken. Dat oude manuscript uit Les Mystères de Jérusalem is een echte tekst, geschreven door één van mijn voorouders uit de Elzas. Hij bracht een bezoek aan zijn arme, uitgehongerde broeders in het Heilige Land en schreef van daaruit een brief. Het geschrevene heeft eeuwigheidswaarde. Men heeft duizenden kleitabletten uit 582 voor Chr. gevonden, uit de tijd van Nebukadnessar, de koning van Babylon die Jerusalem heeft vernietigd. Als ik ze lees, heb ik het idee dat ze speciaal voor mij gegraveerd zijn. Het is vreselijk opwindend om je drager te voelen van een dergelijke geschiedenis.''

Wilt u die opwinding overdragen op uw lezer?

``Tegenwoordig is iedereen geïnteresseerd in het verleden. Er zijn geen ideologieën meer. Niemand gelooft meer in de verbetering van de wereld, in een hiernamaals of in een levensdoel op korte termijn. Als er geen bomen meer zijn, waarom zou je je dan niet voor wortels interesseren? Het verleden is opwindend, als je het tenminste vertelt zoals de oriëntaalse vertellers op het marktplein van Marrakech: iedere dag een stukje en op het spannendste moment een pauze inlassen, verwijzen naar het vervolg, morgen. Ik ben een verhalenverteller. Ik ben nooit naar school gegaan, omdat de geschiedenis mij dat niet heeft toegestaan. In jeugdbendes kon ik overleven dankzij mijn verteltalent. Het verhaal uit mijn boek is verzonnen, maar bevat allemaal elementen die ik goed ken. Iedere maand ga ik naar Rusland, omdat ik er voorzitter ben van twee universiteiten. Ik ken de Russische maffia. In tegenstelling tot die uit Napels of Calabrië, hecht de Russische maffia waarde aan cultuur. Bij hen vind je, naast diamanten en gouden ringen, ook schilderijen van Malevitsj of Kandinsky aan de muur, gestolen uit een of ander provinciemuseum. Ze onderkennen ook de waarde van oude manuscripten. De VS ken ik net zo goed; ik heb zelfs aan Harvard lesgegeven. Ik droom in het Frans. Ik ken Israel en de Arabische landen, omdat ik heb willen bijdragen aan de vrede daar. Op deze bank, dezelfde als die waar wij nu op zitten, zaten Yasser Arafat en Simon Peres, toen ze elkaar voor het eerst ontmoetten. Het zijn allemaal elementen van de intrige.''

Tweemaal eerder publiceerde u een boek over Jeruzalem. Waarom nog een derde boek?

``Zoals ik in het boek vertel, heb ik een hartoperatie ondergaan. Sindsdien sta ik anders in de wereld. Ik ben meer doordrongen van de eindigheid van het bestaan. Les mystères de Jérusalem heb ik geschreven alsof het mijn laatste boek was. Ik heb alles tegelijk gegeven: mijn liefde voor mijn vader en voor mijn moeder, mijn liefde voor het schrijven, voor kennis van het verleden, voor een stad, Jeruzalem. Het zou de stad van de vrede moeten zijn, maar ze verenigt alle haat van de wereld in zich. Ik probeer te begrijpen waarom.''

Heeft u een verklaring gevonden?

``Jeruzalem is een droom. Of je nu jood, christen, rooms-katholiek, moslim of niet-gelovig bent, iedereen heeft zijn eigen beeld, zijn eigen sublimatie van Jeruzalem. Mensen die de stad nooit hebben gekend, droomden van Jeruzalem. Abraham hoorde vierduizend jaar geleden in Mesopotamië de stem van God, die hem zei: `je gaat die kant uit en vindt een stad'. Hij ging die kant uit en zocht een stad. Mozes droomde van Jeruzalem. Mohammed droomde van Jeruzalem. Alle grote godsdiensten onstonden buiten Jeruzalem. De stad was voor iedereen een droom. En dromen kun je nu eenmaal niet delen.''

U schrijft dat het uw moeder was die u de liefde voor Jeruzalem en de waarde van tradities bijbracht. Wie was zij?

``Mijn moeder was een hele goede dichteres. Zij dichtte in het Jiddisch, bezong Jeruzalem. Voor de oorlog werd zij bejubeld, maar die wereld verdween. Dat was het drama in haar leven. Na de oorlog schreef ze nieuwe poëzie in het Jiddisch, maar dat was een dode taal geworden, omdat zij door niemand meer werd gesproken. Ich hab' dich lieb is heel wat anders dan Ich liebe dich. Hitler heeft de oorlog verloren. Joden zijn er nog steeds. Maar de oorlog tegen de Jiddische cultuur heeft hij gewonnen – die bestaat niet meer. De laatste van die generatie was Bashevis Singer, die ik altijd opzocht als ik in New York was. Maar nu ook hij dood is, heb ik niemand meer met wie ik Jiddisch kan spreken. De gedichten van mijn moeder zullen nooit meer door iemand worden gelezen.''

U schrijft in het Frans. Worden uw boeken in Israel gelezen?

``De herinnering aan Abraham was er een bestseller. Daar ben ik erg trots op, omdat het de jongeren heeft doen beseffen dat er ook een `ervoor' bestaat, een tijd van `buiten Israël'. Het genie van Ben Goerion was dat hij een natie heeft gesmeed, zoals je tegenwoordig moderne kunst maakt: je plakt kleine beetjes bij elkaar, totdat het een kunstwerk is. Dat heeft hij gedaan met mensen die niet dezelfde taal spraken, die soms niet eens met elkaar wílden spreken, die niet dezelfde traditie hadden, maar alleen dezelfde godsdienst en dezelfde droom. Ben Goerion heeft de hele geschiedenis van de diaspora tussen haakjes gezet, van 132 na Christus, het jaar van de laatste joodse opstand, tot in 1947. Dat was ook nodig. Maar juist door de diaspora en door de vervolging is het joodse denken geworden wat zij is. Einstein, Freud, Schönberg, Mahler en Kafka werden buiten Israel geboren. Mijn boek De herinnering aan Abraham heeft opnieuw geïntroduceerd wat in Israel tussen haakjes was gezet. Men leest mijn boek. Men onderwijst het op school. En daar ben ik erg trots op.''

Marek Halter: Les mystères de Jérusalem. Laffont, 443 blz. ƒ59,75

Bij De Prom verschijnt deze maand een goedkope herdruk van `De herinnering aan Abraham'. Eerder verschenen bij deze uitgeverij ook `De zonen van Abraham' en `De messias'.