Eén goed boek en een berg van clichés

Dit jaar wordt voor de tweede keer de Prijs van de Jonge Jury uitgereikt. Kinderen van twaalf tot vijftien kozen uit boeken die voor hen werden uitgegeven in 1996 en 1997. De vijf boeken die de meeste stemmen kregen, zijn genomineerd. Dinsdag wordt, in aanwezigheid van scholieren uit het hele land, in Amsterdam bekendgemaakt welk boek favoriet was.

De vijf uitverkorenen verschillen sterk. Verreweg het beste boek is wat mij betreft Bloedgeld, van de troonopvolgster van Thea Beckman, Simone van der Vlugt. Bloedgeld is een lekker boek, spannend, tot de verbeelding sprekend, en er komt ook nog eens, zoals het genre vereist, ontluikende liefde in voor.

Bloedgeld speelt zich af halverwege de zeventiende eeuw, aan boord van een VOC-schip waar uiteraard scheurbuik heerst en de bemanning tijdens woeste stormen uit het want geslingerd wordt. Jongens van lage komaf hebben nauwelijks een andere keuze dan aan te monsteren. De stad Amsterdam is een rotte modderpoel vol ongedierte. Meisjes van arme afkomst moeten stelen voor hun dagelijks brood en belanden al gauw in de hel van het spinhuis.

Van der Vlugt is een zorgvuldig verteller, en ontegenzeggelijk van een andere generatie dan Beckman. Ook haar hoofdpersonen zijn regelrecht uit de twintigste eeuw geknipte figuren, druk op zoek naar hun eigen ikje en vol van rechtvaardigheid en democratie. Maar bij Van der Vlugt wordt zo'n jongen dan piraat, zo'n meisje dan hoer. Beckman is braver, haar hoofdpersonen stelen hoogstens een brood.

`De omstandigheden hebben ons gemaakt tot wat we zijn,' zegt piratenleider Reinout. `Het is zo gemakkelijk rechtschapen te zijn als je maag niet scheurt van de honger.' Als een schilpad in de soep verdwijnt, voelt zo'n personage `diep in zijn hart' medelijden. En ook `pikzwarte mensen' op de slavenmarkt zijn zielig.

Toch stoort al dit moderne moralisme niet. Van der Vlugt ontkomt aan voorspelbaarheid waar het de verhaallijn betreft. Ze sleept je mee het boek door, het moet in één keer uit. Ze brengt de geschiedenis tot leven, al klopt het niet allemaal. En dat piraat Reinout het uiteindelijk aflegt tegen Michiel de Ruyter is een vondst.

Pijnstillers van Carry Slee heeft drakerige trekjes, maar toch is het een min of meer integere vertelling. Het boek werd in 1998 bekroond door de Nederlandse Kinderjury, maar kan ook uitstekend worden gelezen door de onderbouw van de middelbare school. Het voorziet in een behoefte aan drama, aan grote gebeurtenissen en tegelijkertijd aan herkenbaarheid. De clichés storen niet voor wie nog niet zo belezen is.

Hoofdpersoon Casper is een BOM-kind. Hij gaat op zoek naar zijn vader. De vader blijkt een schat van een fotograaf. Dat komt goed uit, want Caspers moeder sterft aan kanker nadat een alternatief arts faalt. Verder wil Casper muzikant worden. Op zijn keyboard geeft hij zijn diepste gevoelens gestalte.

Knap is de vriendschap die Slee beschrijft tussen deze dromerige jongen en het geëxalteerde, maar daadkrachtige meisje Sofie. Hierin ontsnapt ze aan jeugdboekenclichés; van liefde is geen sprake, de twee zijn gewoon vrienden. Hoe dat kan, een jongen en een meisje die niet ten koste van alles met elkaar naar bed willen, is nauwelijks een vraag. Slee beperkt zich tot belangrijker dingen, zoals hoe je bepaalt wie er aan de beurt is om zijn verhaal kwijt te mogen. Wanneer is vriendschap in evenwicht?

Juist waar het dit soort vragen betreft maakt Haye van der Heyden zich er in Vrijen, dat volgt op Kusjes, Zoenen en Strelen (what's next?), gemakkelijk van af. Vrijen draait om één ding, zoals de titel al aangeeft: seks. Het is een raadsel dat jongeren dit zo graag lezen, want het lijkt mij typisch het geforceerde boek van een veertiger die zijn best doet pubers een steuntje in de rug te geven. Oei, wat is het eng zo'n eerste keer, oeps, hoe moet dat met zo'n rubberen ding. `Bij mij ging het de eerste keer helemaal mis,' zegt Van der Heydens begripvolle moeder. `Maar we hebben wel gelachen. (-) En als je dan ook nog van elkaar houdt zoals jij en Pauline! Wat kan er dan misgaan?' Even later stopt zij hem de Kama Sutra toe, `een boek over de liefde, uit India. Daar doen de mensen er wat gewoner over.' Dat moet een doodeng boek zijn voor zoon Jeroen, maar hij concludeert dat hij een `absolute wereldmoeder' heeft.

Uiteindelijk doet Jeroen het. `Het is heerlijk. Ik ruik je. Ik voel je', staat er dan onder elkaar, en nog een hele rij van die zinnetjes, met als klap op de vuurpijl: `Het voelt zo gewoon. Gewoon. Zoals ze in de politiek zouden moeten doen.' Het lijkt mij het laatste waar Jeroen op dat moment aan denkt. Vrijen stelt teleur, want opwindend wordt het nergens. Wellicht dat talloze twaalf- tot vijftienjarigen het hoopvol hebben doorgebladerd, en Van der Heyden met deze nominatie aan willen zetten tot een gedurfder vervolg.

Uit de reeks `Pandora Crimi' van uitgeverij Sjaloom komt Blind date van Theo van Hoogstraaten. Het boek zit weinig vernuftig in elkaar, maar spannend is het wel. Hier staat bijna alles in dienst van het plot, al bewandelt Van Hoogstraaten af en toe een verrassend zijpad. Uitvoerig komt het verschil tussen moslim fundamentalisten en Alawieten aan de orde.

De hoofdrol speelt een gluurder in de duinen, prototype vies mannetje met enge hond en verwaarloosd huisje. Een groepje scholieren organiseert een alternatief klassenfeest op het strand, met xtc, house en seks. Ook hier wordt op het moment suprème keurig een condoom gehaald, alleen wordt tijdens die exercitie wel het naakte Turkse meisje, alleen achtergebleven in een duinpan, neergestoken. Vanaf dat moment is Blind date een aardige whodunnit.

De laatst genomineerde is Mes op de keel van de Gonneke Huizing. Een draak van een boek, over een jongen die wordt afgeperst en daarom een oude man met oorlogsverleden moet bestelen. Wat blijkt? Onrecht is van alle tijden, en een kat in het nauw maakt rare sprongen. Er wordt in dit boek aan één stuk door gehuiverd, `met brandende ogen' naar het plafond gestaard en `verwoed het hoofd geschud.' Mes op de keel is weinig meer dan een berg gemakzuchtige clichés, waar de Tweede Wereldoorlog even is bijgesleept.

Simone van der Vlugt: Bloedgeld. Lemniscaat, 228 blz. ƒ28,50

Carry Slee: Pijnstillers. Van Holkema en Warendorf, 160 blz. ƒ24,90

Haye van der Heyden: Vrijen. Met illustraties van Alice Hoogstad. 96 blz. Elzenga, ƒ26,50

Theo Hoogstraaten: Blind date. Sjaloom en Wildeboer, 160 blz. ƒ24,90

Gonneke Huizing: Mes op de keel. Sjaloom en Wildeboer, 143 blz. ƒ24,90