Een brief

De medische wereld heeft de hebbelijkheid je met je sterfelijkheid te confronteren op momenten dat je er niet voor gedisponeerd bent. Zo zat ik gisteren aan het ontbijt nog moeizaam te wennen aan het idee van een nieuwe dag, toen ik werd opgeschrikt door een brief van Multiple Sclerose International, `Stichting ter Ondersteuning van Patiënten, Onderzoek & Nieuwe Technologie' te Amsterdam.

Met grote letters stond erboven: ,,Stel dat dit u zou overkomen.'' Waarna deze tekst volgde: ,,Beste lezer, stel u voor dat u op een dag wakker wordt en uw zenuwstelsel functioneert niet meer zoals het hoort. Stel u voor dat: uw ledematen gevoelloos zijn; uw zicht onscherp is; uw spraak onduidelijk is; u steeds uw evenwicht verliest en omvalt; u de controle over uw blaas kwijt bent; u verlamd raakt. Terwijl ik deze brief schrijf weten meer dan 14.000 Nederlanders hoe dit aanvoelt. (De cursiveringen zijn niet van mij - F.A.). Ze hebben multiple sclerose (MS) – een onvoorspelbare ziekte die zonder waarschuwing toeslaat.

,,Bij de meeste MS-patiënten wordt de ziekte geconstateerd in de beste jaren van hun leven – tussen de 20 en 40 jaar. (...) Als u MS krijgt, dan raakt het zenuwweefsel ergens in uw hersenen of ruggenmerg ontstoken. De ontsteking vernietigt de beschermlaag van uw zenuwcellen, waardoor er gebieden ontstaan die bedekt zijn met littekens (...) Het meest tragische aspect van MS is dat oorzaak, genezing en preventie onbekend zijn.''

De briefschrijver, voorzitter J.G. Hodson van de stichting, zou graag wat geld (`15, 25, 50 gulden of zelfs meer') van mij krijgen voor een medisch onderzoek naar oorzaak en remedie. ,,MS kan verslagen worden, maar we hebben hulp nodig!'' Hij sloot alvast drie wenskaarten in als teken van dank: ,,Ik hoop dat u er plezier van heeft.''

Dat laatste viel tegen, ook omdat ik even later over een bobbel in de vloermat struikelde (`uw evenwicht verliest') en de kat niet wilde luisteren naar een bevel (`uw spraak onduidelijk is'). De avond tevoren was mij al in het café overkomen dat ik maar net op tijd de wc bereikte.

Terwijl ik de brief geestelijk van me probeerde af te schudden, merkte ik dat ik gelukkig nog niet helemaal verlamd was. Ik begon op klad een antwoord te formuleren.

,,Donder op, Hodson, met je bedelbrieven'', schreef ik. ,,Geven we in dit oergezonde land nog niet genoeg uit aan gezondheidszaken? Als je geld nodig hebt, richt je dan tot minister Borst – die is daar voor en die is al zó royaal dat collega Zalm er radeloos van wordt. Ik heb genoeg van jullie morele chantage, ik betaal nooit meer aan enig medisch onderzoek.''