Duitse dochter dempt groei HBG

Bouwconcern HBG heeft vorig jaar op een vrijwel gelijkblijvende omzet van 10,4 miljard gulden de nettowinst met tien procent opgevoerd tot 132 miljoen gulden. In 1997 werd de winst werd nog aanzienlijk gedrukt door een voorziening voor reorganisatiekosten van 50 miljoen gulden.

HBG ligt al maanden zwaar onder vuur door de problemen bij de Duitse dochter Wayss & Freytag. Dit bedrijf, dat eind 1996 met veel gejuich door HBG werd binnengehaald, bleek al in 1997 een zorgenkind. Reorganisatiekosten en afboekingen op de orderportefeuille leverden HBG een miljardenstrop op. ,,Wayss & Freytag heeft ons 800 miljoen gulden gekost. Dat is 400 miljoen meer dan we gedacht hadden'', zei HBG-bestuursvoorzitter J. Veraart vanmorgen bij de presentatie van de jaarcijfers.

Volgens de immer optimistische HBG-topman lijken de ergste problemen in Duitsland achter de rug, al rekent hij dit jaar nog niet op winst. In 1997 leverden de Duitse activiteiten nog een netto-verlies op van bijna 208 miljoen gulden; vorig jaar was dat verlies teruggebracht tot iets meer dan 53 miljoen gulden. De omzet daalde van 3,1 miljard gulden tot 2,4 miljard gulden. Belangrijkste verklaring daarvoor (afgezien van de nog steeds achterblijvende vraag in Duitsland) is dat HBG-dochter Wayss & Freytag alleen nog opdrachten mag aannemen die voldoende garantie op rendement bieden.

Uit de woorden van Veraart vanmorgen bleek dat de slechte situatie in Duitsland zich niet beperkt tot Wayss & Freytag. Bij dochteronderneming Raulf, een lokaal opererende utiliteitsbouwer (kantoren), bleken in de tweede helft van 1998 onverwacht enkele grote opdrachten niet door te gaan.

HBG is in Duitsland in verschillende juridische procedures verwikkeld. De enorme hoeveelheid tegenvallers bij Wayss & Freytag is voor de HBG-top aanleiding geweest om de vorige eigenaar (AGIV) aansprakelijk te stellen. Over de voortgang daarvan valt volgens Veraart nog niet veel te zeggen. Hetzelfde geldt voor de claim van 400 miljoen gulden van de Duitse overheid tegen HBG – gevolg van een ondergelopen kelder bij de bouw van het Bondsdaggebouw in 1993.

In tegenstelling tot Duitsland ging het vorig jaar in Engeland, waar HBG eind `96 Higgs & Hill inlijfde, wel goed. De omzet daar steeg met 14 procent tot 2,8 miljard gulden (mede dankzij de gunstige koers van het pond). De winst werd ruimschoots verviervoudigd, van 10,3 tot 45 miljoen gulden. In Nederland steeg de omzet licht (van 1,85 tot 2 miljard gulden), maar de winst daalde van 50 tot 48,8 miljoen gulden.