KPN verzoekt beleggers nog even geduld te hebben

De resultaten van KPN stagneren de komende jaren. Na een verandering in de strategie is het wachten op een bijdrage van de buitenlandse activiteiten om de effecten van de concurrentie op de thuismarkt op te vangen.

`Even geduld alstublieft'. Dat was gisteren de boodschap die KPN aan beleggers wilde overbrengen bij de presentatie van de jaarcijfers over 1998. Scheidend bestuursvoorzitter ir. W. Dik gaf aan dat de druk van ingrepen door toezichthouder Opta (ten koste van ten minste 330 miljoen gulden), hogere afschrijvingen (400 miljoen gulden meer) en prijsontwikkeling KPN er toe dwingen een paar jaar pas op de plaats te maken. Groeide de winst (afgezien van incidentele posten) vorig jaar nog boven verwachting met 5,1 procent, dit jaar zal er naar verwachting sprake zijn van een val van de zogeheten winst uit gewone bedrijfsuitoefening naar ruwweg 1,6 miljard gulden. Over twee à drie jaar hoopt KPN weer terug te zijn op het winstniveau van afgelopen jaar.

Wat ligt er ten grondslag aan de aanstaande winstval? Het was KPN al enige jaren duidelijk dat haar dominante positie op een steeds liberaler thuismarkt onder vuur zou komen te liggen. Dat is in 1998 gebeurd en zal in '99 opnieuw gebeuren. In het internationaal telefoonverkeer is het marktaandeel van KPN in 1998 teruggelopen van 79 naar 70 procent. In het telefoonverkeer over lijnen in de grond, dat dankzij de aanhoudende groei van het Internetverkeer groeit als nooit tevoren, heeft KPN zijn aandeel zien teruglopen tot iets boven tachtig procent. In de mobiele telefonie claimt KPN in het afgelopen jaar 6 van de 10 nieuwe klanten te hebben binnengehaald, maar door de fors toegenomen prijsconcurrentie zullen de marges dit jaar stevig onder druk staan.

KPN heeft dit alles van verre zien aankomen. De resultaten zijn dan ook nog altijd zeer acceptabel. De brutomarge (bedrijfsresultaat als percentage van de omzet) is in het afgelopen jaar weliswaar gedaald van 20,8 procent naar 19,6 procent van de omzet, maar de Europese concurrentie staat naar dergelijke resultaten nog altijd jaloers te kijken. KPN is, zoals Dik het gisteren uitdrukte, niet gedegradeerd tot een bedrijf dat ,,wat rommelt in de achterhoede'' en wordt evenmin ,,overvleugeld door partijen die tientallen procenten marktaandeel winnen''. Het probleem waar KPN tegenop is gelopen vindt zijn oorsprong in de buitenlandse strategie. Jaren geleden al is vastgesteld dat expansie in het buitenland tegenwicht zou moeten gaan bieden aan de voorziene druk op het binnenlandse telefoon- en dataverkeer. De invulling van dat idee is echter geen eenvoudige opgave gebleken. KPN was lang, zoals Dik gisteren nog eens verhaalde, een bedrijf waar werd gewerkt met plannen voor een periode van vijf jaar. Maar in de telecommunicatie is ,,een plan al oud nog voordat de inkt droog is''. KPN heeft op de snelle veranderingen in de telecommunicatie gereageerd met een wat zwabberende koers en dáárop zal het de komende jaren worden afgerekend.

Al in 1993 werd hoog ingezet op Indonesië. Dat land had de uitvalsbasis moeten worden voor de opbouw van een positie in Azië. Dankzij een verlies van 185 miljoen gulden op een (inmiddels beeindigde) Indonesische deelneming werd KPN in 1997 uitdrukkelijk met de risico's daarvan geconfronteerd. In 1998 leverde het resterende Indonesische belang van KPN (in PT Telkomsel) een bijdrage van negen miljoen aan de netto winst. KPN heeft echter geconcludeerd dat expansie op eigen houtje in Indonesië toch te kostbaar zou zijn. Dik erkende gisteren dat het ,,niet is gelukt'' Indonesië als stepping stone voor Azië te gebruiken. Toch heeft KPN de opbouw van een positie in het werelddeel nog niet helemaal opgegeven. Tevergeefs is een gooi gedaan naar een kleine deelneming in India en KPN is actief in China. Wèl gaf Dik gisteren aan dat eventuele herziening van de `Azië-strategie' prioriteit heeft.

Over de alliantie Unisource met andere Europese telecommunicatiebedrijven was Dik gisteren duidelijker dan ooit tevoren. Het doel KPN te integreren met bedrijven als het Zweedse Telia of Swisscom `leek mooi', maar is `mislukt'. KPN is nog altijd in gesprek over afstoting van Unisource.

Intussen zijn voor de mislukkingen die Dik gisteren zo ruiterlijk toegaf alternatieven gevonden. Afgelopen najaar werd in Europa een gezamenlijke onderneming opgezet met het Amerikaanse Qwest. Al in het najaar van 1997 werd het idee geboren Oost-Europa (Hongarije, Tsjechië, Oekraïne, Bulgarije) te kiezen als `een tweede thuismarkt'. De jongste loot aan de boom van de internationale expansie onthulde Dik gisteren. Via zijn deelneming in Ierland wil KPN de Britse markt betreden.

De wisselingen in de strategie maken dat een serieuze bijdrage van de buitenlandse activiteiten aan de winst nog een belofte blijft voor ergens in de toekomst.