Een zweverig meisje uit Deventer

Van de joodse gemeenschap in Deventer is weinig over, alleen de namen zijn bewaard gebleven. Zoals in de collectie van het Etty Hillesum Centrum. Daar is nu een permanente tentoonstelling over Hillesum die de bekroning vormt van de geschiedenis van de Deventer joden.

De moorse synagoge met haar kantelen en gedraaide torentjes is nu een gereformeerde kerk. Het zegt veel over de ondergang van de joodse gemeenschap van Deventer. Van de 600 joden die er in 1940 woonden, keerden er maar 80 terug. En ook het merendeel van die overlevenden trok in de loop der jaren weg. Alleen hun namen zijn bewaard gebleven: in gevelstenen, op de muren van hun vroegere bedrijfspanden en in de collectie van het Etty Hillesum Centrum.

In de voormalige joodse school, waar het Centrum is gevestigd en die van de synagoge wordt gescheiden door een bioscoop, komen die namen aan de hand van foto's bijna op je af. Letters worden weer mensen. Rijwielhandelaar M.J. Polak, de gezusters Kats van het gelijknamige modemagazijn, de handelaar in hazen- en konijnenvellen Noach (`elke honderdste klant krijgt een haas cadeau'), slager Simon de Wied, de ijdele dansleraar Maup van Spiegel en de families Adelaar, Van Gelder, De Haas, Keizer, De Wijze, Zoest. Gewoner en Hollandser kan het bijna niet.

De permanente tentoonstelling over Etty Hillesum vormt sinds afgelopen zondag de bekroning van de geschiedenis van de Deventer joden. De organisatoren hebben de valkuil van het sentiment vermeden door zich te beperken tot foto's, dagboekfragmenten, het paspoort van Etty en een illegale uitgave van twee van haar brieven uit Westerbork. De naakte feiten doen het werk.

De biografische gegevens van de familie Hillesum zijn karig. Het was een neurotisch gezin, waarvan de moeder en haar beide zoons al ruim voor de oorlog psychiatrische behandeling nodig hadden om overeind te blijven. En als dochter Etty geen oorlogsdagboeken had bijgehouden, waarin ze met de dood voor ogen een diep religieus bewustzijn ontwikkelde en een heilige voor miljoenen postmoderne godzoekers zou worden, dan was de familie Hillesum net zo onbekend gebleven als de textielhandelaar M. Adelaar.

De geschiedenis van de Hillesums is op drie panelen samengebracht. Op het eerste staat het dagelijks leven in Deventer centraal. Familiekiekjes, afgewisseld door flarden tekst uit de dagboeken. Een foto van een brug over de IJssel in de jaren dertig: ,,Vanavond hing de zon als een roodgloeiende bol tussen twee zwarte masten van een schip. Over de spoorbrug in de verte schuifelde een speelgoedtreintje. Er was een vorstelijke wolkenlucht. Ik stond daar op de schipbrug in m'n regenjas en keek maar.'' Het is een titaantjeslandschap, waar de oorlog nooit lijkt te worden toegelaten. Hillesum-exegeten zullen er ongetwijfeld een mystieke boodschap in zien. Maar hoogstwaarschijnlijk is hier gewoon een romantische puber aan het woord die smacht naar een vriendje of geniet van het mooie uitzicht.

Dezelfde indruk van alledaagsheid krijg je bij de foto van het tennisclubje `Park Brabant' uit 1929. Etty is daar een braaf gymnasiummeisje met een zomerjurkje aan, terwijl haar vrienden en vriendinnen in smetteloos witte tennispakjes zijn gekleed. Het enige dat je uit dat zomerjurkje kunt afleiden is dat ze misschien niet zo'n fanatieke speelster was als de anderen.

Op het tweede paneel bevindt Etty zich in Amsterdam. Het is oorlog. Etty verandert zienderogen. Op de acht portretfoto's die er hangen, lijkt ze telkens een andere vrouw. De bezetting komt de eerste tijd in haar dagboeken amper voor en lijkt ook niet zo'n grote indruk op haar te maken. Ze leest Rilke, Dostojevski en Augustinus, en is op zoek naar `het hogere' en naar de diepere betekenis van het leven. Een zoektocht die al voor de oorlog is begonnen. De handlijnkundige en ex-bankier Julius Spier zet haar aan tot het bijhouden van een dagboek, zodat ze orde kan scheppen in haar verwarde gedachten en gevoelens. Aanvankelijk zijn het de aantekeningen van een bakvis die onstuimig naar seks (met Spier) verlangt. Maar langzamerhand begint ze beter te schrijven. Ze streeft naar de hoogst mogelijke vorm van `liefde, onzelfzuchtigheid en reinheid' en heeft het over `opstijgen uit de bronnen die bij jezelf in de diepte borrelen' en over de `kunst van het lijden'. Hier is het zusje van Edith Stein aan het woord. Het doet je soms rillen van ongemak.

Het derde paneel, dat de periode in Westerbork behelst, is angstvallig leeg. Persoonlijke foto's zijn er niet meer. Spier is inmiddels aan longkanker overleden. Etty heeft haar god gevonden en berust in haar lot.

De naakte feiten vertellen de afloop. Of Etty Hillesum meer is dan een gewoon meisje uit Deventer met zweverige gedachten zal niemand ooit echt weten.

Etty Hillesum Centrum, Roggestraat 3, 7411 EP Deventer. Open wo/za/zo 13-16u. Inl: 0570-641003.