Kleine tegenvaller donderwolk voor coalitie

Slechts twee miljard gulden hoeft het kabinet dit jaar te bezuinigen, veel minder dan eerdere kabinetten. Maar de `meevallende tegenvaller' valt in een coalitie waar de samenwerking hapert.

Na maanden van rekenen is de teller van het Centraal Planbureau (CPB) blijven steken op twee miljard gulden. Dat is het bedrag dat het kabinet dit jaar moet bezuinigingen op de uitgaven. In het licht van de omineuze berichten uit de afgelopen maanden – over tegenvallers met stromen asielzoekers en water, die zouden leiden tot een tekort van drie tot vijf miljard - is twee miljard gulden haast een meevaller.

De `meevallende tegenvaller' zou de onderhandelingen tussen de regeringspartijen PvdA, VVD en D66 over nieuwe bezuinigingen kunnen vergemakkelijken. De komende weken probeert het kabinet de gaten te dichten in de begroting van 1999, waarna de regeringsfracties in de Tweede Kamer zich in april kunnen buigen over de cijfers van het kabinet.

Twee miljard lijkt een overzichtelijk bedrag, vergeleken met de gigantische bezuinigingen die kabinetten en coalities in het recente verleden moesten zien te verteren. Het derde kabinet-Lubbers zag zich begin jaren negentig nog genoodzaakt in de begroting te snijden voor een bedrag van 18 miljard gulden. In het regeerakkoord van Paars-I, in de zomer van 1994, kwam daar per saldo nog eens 13 miljard bovenop.

Toch rekent niemand in Den Haag op gemakkelijke besprekingen. Allereerst denkt de PvdA er al wat luchtiger over dan D66 en met name de VVD, die bij monde van zijn minister Zalm (Financiën) meermalen de alarmbel heeft geluid. Ten tweede is de sfeer in de tweede paarse coalitie aanzienlijk minder joviaal dan in Paars-I, vooral sinds de Statenverkiezingen op 3 maart. ,,De samenwerking hapert aan alle kanten'', zegt een front bencher van een regeringsfractie. ,,Maar goed, niemand ziet een alternatief, dus modderen we door.'' Dat doormodderen wordt nog bemoeilijkt doordat vooral de PvdA (`sterk en sociaal') zich in verkiezingsbeloften en regeerakkoord heeft verbonden aan extra uitgaven voor zorg en onderwijs. Hetzelfde geldt voor D66, dat zich koste wat kost moet `profileren': na drie pijnlijke verkiezingsnederlagen (in '95, '98 en '99) moet de partij zich ontworstelen aan een kwijnend bestaan.

De Voorjaarsnota is een van de vele donderwolken boven het kabinet, dat het regeerplezier inmiddels danig heeft verloren, onder meer door gesteggel over varkens, asielzoekers, WAO en referendum. Niemand gelooft dat het kabinet op de Voorjaarsnota zelf zal struikelen, maar in de huidige politieke stemming kunnen zelfs kleine bezuinigingsbedragen de emmer doen overlopen. Er wordt zelfs gespeculeerd dat het aantrekkelijker is te sneuvelen op een bezuinigingsronde waarin de ideologische tegenstellingen uitgemeten kunnen worden, dan op het nog te verschijnen enquêterapport over de Bijlmerramp met mogelijk slecht nieuws voor de vice-premiers Jorritsma (VVD) en Borst (D66).

Het naar verhouding kleine bezuinigingsbedrag is tegen deze achtergrond een geluk bij een ongeluk. De helft ervan is bovendien te wijten aan de wateroverlast, waarvoor dus maar eenmalig dekking hoeft te worden gevonden. Rest voor dit jaar een structurele bezuiniging van één miljard.

Het heeft er alle schijn van dat de partijen de één miljard met enig knip- en plakwerk in de boeken van 1999 kunnen wegschrijven. Enkele mogelijkheden dienen zich aan. De simpelste is: nieuwe bezuinigingen afkondigen. D66 ziet daarvoor mogelijkheden, bijvoorbeeld bij het medicijngebruik (paracetamol niet meer vergoeden), weer wat snoeien in de uitvoering van de sociale zekerheid (met name bij werkloosheid) en nog meer marktwerking in het openbaar vervoer. Zo circuleren in alle drie de fracties wel lijstjes van begrotingsposten waarmee het ietsje minder zou kunnen.

Naast nieuwe bezuinigingen zijn er nog de stokpaardjes van de coalitiegenoten. Enerzijds is er het extra geld – onder meer voor zorg en onderwijs – waaraan de PvdA en D66 sterk hechten. Anderzijds is er de beloofde lastenverlichting van 4,6 miljard per 2002, waarmee de VVD zich graag profileert. De PvdA en D66 zeggen geen ingreep te zullen dulden in de extra uitgaven. Hooguit zeggen ze te willen tolereren dat deze uitgaven over iets meer jaren worden uitgesmeerd. Als tegenprestatie moet de VVD zich dan iets soepeler opstellen met het doorvoeren van de lastenverlichting.

Het volgende begrotingsjaar, 2000, blijft intussen nadrukkelijk onbesproken, hoewel het kabinet dit voorjaar ook al begint met de voorbereiding van de nieuwe begroting. Het CPB voorziet voor volgend jaar een tekort van 3,5 miljard gulden, met name door de stagnerende banengroei. Dat is niet alleen bijna twee keer zo hoog als het bezuinigingsbedrag voor dit jaar, het is ook evenveel als het kabinet sowieso al wilde bezuinigen. Het bedrag kan zelfs nog hoger uitvallen, zo melden ingewijden, want het ministerie van Financiën gaat uit van een tekort van zo'n vijf miljard gulden en steggelt daarover nog met het CPB.

Aangenomen dat de kaasschaafmethode dat bedrag voor de helft kan opvangen, is het politieke probleem dan 2,5 miljard groot. Dat probleem zal de coalitie volgend jaar meer pijn gaan doen dan dit jaar. Dan zullen de tegenstellingen tussen de regeringsfracties naar alle waarschijnlijkheid heviger oplaaien en is de vraag of het uitsmeren en verschuiven van begrotingsposten de tegenstellingen nog langer kunnen verdoezelen.